Besluit van 3 juli 2006 tot wijziging van het Algemeen militair ambtenarenreglement, het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie en enige andere besluiten in verband met actualisering van de bevoegdhedentoedeling, het beperken van aanstellingskeuringen alsmede de implementatie van arbeidsvoorwaardelijke afspraken omtrent loondoorbetaling bij ziekte

Wijzigingsbesluit Algemeen militair ambtenarenreglement, enz. (actualisering bevoegdhedentoedeling, beperking aanstellingskeuringen, arbeidsvoorwaardelijke afspraken loondoorbetaling bij ziekte)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van de Staatssecretaris van Defensie van 7 april 2006 nr. P/2006009286;
De Raad van State gehoord (advies van 16 juni 2006, nr. W07.06.0115/II);
Gezien het nader rapport van de Staatssecretaris van Defensie van 27 juni 2006 nr. P/2006020381;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

I

Wijzigt het Algemeen militair ambtenarenreglement.

Artikel

II

Wijzigt het Burgerlijk ambtenarenreglement defensie.

Artikel

III

Wijzigt het Besluit dienstreizen defensie.

Artikel

IV

Wijzigt het Inkomstenbesluit militairen.

Artikel

V

Wijzigt het Inkomstenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie.

Artikel

VI

Wijzigt het Besluit geneeskundig onderzoek bij blijvende dienstongeschiktheid en pensioenkeuring militairen.

Artikel

VII

Wijzigt het Besluit aanvullende arbeidsongeschiktheids- en invaliditeitsvoorzieningen militairen.

Artikel

VIII

Wijzigt het Verplaatsingskostenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie.

Artikel

X

Overgangsbepaling

Voor de artikelen IV onderdeel G en V onderdeel G geldt dat voor de ambtenaar wiens eerste dag van ongeschikt tot het verrichten van zijn arbeid wegens ziekte is gelegen voor 1 januari 2004 de artikelen 26 Inkomstenbesluit burgerlijke ambtenaren defensie en 17 Inkomstenbesluit militairen van toepassing blijven zoals deze luidden op de dag voor de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin dit besluit wordt geplaatst. Perioden van ongeschiktheid tot het verrichten van arbeid wegens ziekte worden samengeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan vier weken opvolgen. Bij vaststelling van de periode van vier weken blijven periode waarin zwangerschaps- of bevallingsverlof is genoten op basis van artikel 3:1 van de Wet arbeid en zorg buiten beschouwing.

Artikel

XI

Inwerkingtreding

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

’s-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Defensie , C. van der Knaap
De Minister van Justitie a.i. , S. M. Dekker