Artikel
1
Degene die een schip beheert waarvoor een zeebrief als bedoeld in de artikelen 4 en 4a van de Zeebrievenwet, is afgegeven, draagt er zorg voor dat in zijn vestiging in Nederland de volgende gegevens en bescheiden met betrekking tot dat zeeschip beschikbaar zijn:
-
a.
de positie waar het zeeschip zich bevindt;
-
b.
de staat van het technisch onderhoud van het zeeschip;
-
c.
de namen, de functies, de vaarbevoegdheden en de certificaten van de bemanningsleden;
-
d.
de personeelsgegevens, bedoeld in artikel 3 van de Wet zeevarenden;
-
e.
de individuele zeearbeidsovereenkomsten met de bemanningsleden die aan boord van het zeeschip dienst doen, respectievelijk de collectieve arbeidsovereenkomsten die op deze bemanningsleden van toepassing zijn;
-
f.
de namen van de passagiers en van de overige opvarenden op het zeeschip, voor zover van toepassing, en
-
g.
de aard en de samenstelling van de lading indien het gevaarlijke of schadelijke stoffen betreft, bedoeld in hoofdstuk VII van het op 1 november 1974 te Londen totstandgekomen Verdrag voor de beveiliging van mensenlevens op zee (Trb. 1976, 157) en de bij dat verdrag behorende bindende protocollen, aanhangsels en bijlagen.