Regeling van het Commissariaat voor de Media van 3 oktober 2006, houdende beleidsregels omtrent Europese, onafhankelijke, recente, Nederlandstalige of Friestalige programmaonderdelen en oorspronkelijk Nederlandstalige programmaonderdelen die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van mensen met een auditieve beperking (Beleidsregels programmaquota)

Beleidsregels programmaquota

Het Commissariaat voor de Media,

Besluit:

Artikel

1

Strekking van de regeling

De Beleidsregels vastgesteld in deze regeling hebben betrekking op de wettelijke voorschriften die zijn opgenomen in bijlage 1 bij deze regeling.

Artikel

2

Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

Hoofdstuk

I

Europese quota

Artikel

3

Europese producties

Artikel

4

Onafhankelijke producties

Artikel

5

Bereik commerciële omroepinstellingen

Voor de toepassing van artikel 71n, vijfde lid, van de wet wordt een televisieprogramma aangemerkt als ‘een televisieprogramma dat in slechts een beperkt aantal aan elkaar grenzende gemeenten kan worden ontvangen’, indien het programma is bestemd voor die betreffende gemeenten en niet tevens wordt uitgezonden op een ander deel van het nationale omroepnetwerk of in andere gemeenten via een omroepzender.

Artikel

6

Berekeningswijze

Artikel

7

Ontheffingen

Hoofdstuk

II

Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen

Artikel

8

Oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen

Als ‘oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen’ bedoeld in artikel 54a, eerste lid, van de wet en artikel 71o, eerste lid, van de wet, worden mede aangemerkt:

  • a.

    programmaonderdelen die Nederlands- of Friestalig zijn ingesproken;

  • b.

    programmaonderdelen die onderdelen van niet oorspronkelijk Nederlands- of Friestalige programmaonderdelen bevatten, die in de Nederlandse of Friese taal worden begeleid door een presentator;

Artikel

9

Berekeningswijze

Artikel

10

Ontheffingen

Hoofdstuk

III

Nederlandstalige programmaonderdelen voorzien van ondertiteling

Artikel

11

Ondertiteling

Als oorspronkelijk Nederlandstalige programmaonderdelen die voorzien zijn van ondertiteling ten behoeve van mensen met een auditieve beperking worden aangemerkt oorspronkelijk Nederlandstalige programmaonderdelen met ingebrande ondertiteling en oorspronkelijk Nederlandstalige programmaonderdelen die voorzien zijn van een ondertiteling die is op te roepen via een (ingebouwde) decoder zoals teletekst.

Artikel

12

Bereik commerciële omroepinstellingen

Een commerciële omroepinstelling meldt onverwijld aan het Commissariaat wanneer zij een bereik heeft van ten minste 75 procent van alle huishoudens in Nederland.

Artikel

13

Berekeningswijze

Artikel

14

Ontheffingen

In bijzondere gevallen kan op grond van artikel 71o, derde lid, van de wet ten aanzien van een bepaalde commerciële omroepinstelling desgevraagd en onder voorwaarden het percentage ondertiteling lager worden vastgesteld.

Artikel

15

Hoofdstuk

IV

Rapportage

Artikel

16

Artikel

17

Artikel

18

Artikel

19

Het Commissariaat voor de Media, De voorzitter, I.Brakman
De commissaris, J. vanCuilenburg