Regeling van de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 22 november 2006, nr. VGP/ADT 2728896, houdende een specifieke uitkering voor heroïnebehandeling (Regeling heroïnebehandeling)

Regeling heroïnebehandeling

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

Besluit:

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    Minister: Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

  • b.

    heroïnebehandeling: aan een cliënt op medisch voorschrift verstrekken van heroïne in combinatie met methadon en psycho-sociale begeleiding;

  • c.

    behandelplaats: capaciteit om gedurende een kalenderjaar één cliënt een heroïnebehandeling te verlenen;

  • d.

    behandeleenheid: inrichting voor heroïnebehandeling.

Artikel

2

Artikel

3

De uitkering wordt slechts verstrekt voor zover:

  • a.

    de behandelend arts voorafgaand aan de heroïnebehandeling heeft vastgesteld dat voor de cliënten die worden behandeld op een behandelplaats van de behandeleenheid geldt dat de cliënt:

    • 1º.

      de Nederlandse nationaliteit bezit, op grond van een wettelijke bepaling als Nederlander wordt behandeld of vreemdeling is en rechtmatig verblijf geniet als bedoeld in artikel 8 van de Vreemdelingenwet 2000;

    • 2º.

      tenminste 3 jaar is ingeschreven in de basisadministratie, bedoeld in artikel 2 van de Wet gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens, van de gemeente of van een gemeente in het maatschappelijk zorggebied als bedoeld in artikel 1, onder e, van de Uitvoeringsregeling brede doeluitkering sociaal, integratie en veiligheid van de gemeente;

    • 3º.

      de leeftijd van 35 jaar heeft bereikt;

    • 4º.

      vrijwel dagelijks heroïne gebruikt;

    • 5º.

      reeds vijf jaar of langer verslaafd is aan heroïne;

    • 6º.

      ten gevolge van de heroïneverslaving chronisch ernstige problemen heeft met de lichamelijke of geestelijke gezondheid of met het sociaal of maatschappelijk functioneren;

    • 7º.

      geen baat heeft gehad bij eerdere behandeling van zijn verslaving met methadon;

    • 8º.

      uiterlijk vijf jaar voor de aanvang van de heroïnebehandeling gedurende ten minste een maand dagelijks meer dan 50 mg methadon is toegediend indien het een patiënt betreft die de heroïne inhaleert of meer dan 60 mg methadon is toegediend indien het een patiënt betreft die de heroïne injecteert;

  • b.

    de heroïnebehandeling plaats vindt conform de richtlijnen en protocollen van de Centrale Commissie Behandeling Heroïneverslaafden, opgenomen in de manual heroïne op medisch voorschrift met cocaïne-contingentie management.

  • c.

    de kwaliteit van de heroïnebehandeling systematisch wordt bewaakt, beheerst en verbeterd;

  • d

    maatregelen zijn getroffen om te waarborgen dat er uitsluitend heroïne wordt aangewend voor heroïnebehandeling.

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Het college van burgemeester en wethouders doet zo spoedig mogelijk schriftelijk mededeling aan de Minister van omstandigheden die van belang kunnen zijn voor een beslissing tot wijziging, intrekking of vaststelling van de uitkering. Daarbij worden de relevante stukken overgelegd.

Artikel

8

Het college van burgemeester en wethouders werkt mee aan door of namens de Minister ingestelde onderzoekingen die erop zijn gericht de Minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van het beleid.

Artikel

9

Het college van burgemeester en wethouders werkt mee aan onderzoek van de Centrale Commissie Behandeling Heroïneverslaafden naar de toepassing van de richtlijnen en protocollen, bedoeld in artikel 3, onder b.

Artikel

12

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2006.

Artikel

13

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling heroïnebehandeling.

Deze regeling zal met de toelichting in Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, J.F.Hoogervorst