Besluit van 20 augustus 1991, houdende een nadere werktijdregeling en overwerkvergoeding voor personenchauffeurs

Besluit nadere werktijdregeling en overwerkvergoeding voor personenchauffeurs (3)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 26 juni 1991, Centrale directie Personeelsmanagement, nr. 91/10 gedaan mede namens Onze Minister-President Minister van Algemene Zaken van 27 augustus 1991, nr. 91M006391 en Onze Minister van Binnenlandse Zaken a.i. van 15 juli 1991, nr. AB91/U352, DGMP/AV/R;
Overwegende, dat het wenselijk is de maximale arbeidsduur van personenchauffeurs die structureel overwerk verrichten te verlengen, onder toekenning van een toelage, en daarnaast een aparte regeling te treffen voor het overwerk;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

2

De krachtens artikel 1 aangewezen ambtenaar ontvangt een maandelijkse toelage die dertig maal het voor hem geldende salaris per uur bedraagt.

Artikel

3

Buiten de voor hem geldende werktijden kan aan de krachtens artikel 1 aangewezen ambtenaar overwerk worden opgedragen tot een maximum van gemiddeld 45 uur per maand op jaarbasis.

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 1 juli 1990.

Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is belast met de uitvoering van dit besluit, waarvan afschrift zal worden gezonden aan de Algemene Rekenkamer.

's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, B. de Vries
De Minister-President, Minister van Algemene Zaken, R. F. M. Lubbers
De Minister van Binnenlandse Zaken, C. I. Dales
De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin