Richtlijn voor strafvordering Wet vervoer gevaarlijke stoffen t.a.v. vervoer over de weg
Achtergrond
Om te komen tot de gewenste eenheid in het strafvorderingbeleid zijn ten aanzien van overtredingen van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen (WVGS) bij het vervoer over de weg, tarieven vastgesteld. Deze tarieven gelden landelijk als richtlijn voor de bepaling van de bedragen die als transactie (bijvoorbeeld in het kader van lik op stuk) dan wel als eis ter terechtzitting moeten worden gehanteerd.
Tevens wordt aangegeven wanneer een zodanige inbreuk wordt gepleegd op het doel van de wet, ‘de bevordering van de openbare veiligheid, bij het vervoer van gevaarlijke stoffen’, dat dagvaarden in de rede ligt. Dit laat onverlet andere voorwaarden die kunnen worden gesteld aan een transactie op basis van de artikelen 74 WvSr en 36 WED.
Samenvatting
Deze richtlijn bevat de te hanteren tarieven bij vervoer over de weg ten aanzien van de meest voorkomende overtredingen van de regels bij of krachtens de Wet vervoer gevaarlijke stoffen.
Tarieflijst
De overtredingen waarop de tarieflijst betrekking heeft, zijn kort aangeduid en voorzien van het overtreden voorschrift. De aanduiding van het overtreden voorschrift is, hetzij het randnummer als genoemd in de ‘Europese overeenkomst betreffende het vervoer van gevaarlijke stoffen over de weg’ (ADR), hetzij een verwijzing naar andere wet of regelgeving. De gehanteerde afkortingen die op de diverse regelingen betrekking hebben zijn onder ‘Wetsbepalingen’ op pagina 1 vermeld.
Tevens is in de laatste kolom de zogenoemde risicocategorie van een inbreuk vermeld in lijn met de systematiek1De systematiek is indicatief. De bijlage van richtlijn 2004/112/EG bevat een niet-volledige lijst die als leidraad dient te worden beschouwd. Tevens dient de controlerende instantie/functionaris ter plaatse rekening te houden met de specifieke omstandigheden. van richtlijn 2004/112/EG bijlage II. Het doel van de categorieën is het harmoniseren van de te nemen acties bij het constateren van een inbreuk, onverlet andere eventueel toe te passen sancties. Waar de systematiek niet goed is toe te passen is een * ingevuld.
Categorie I: hoog risico op dodelijke slachtoffers, ernstig letsel voor personen of significante aantasting van milieu. Onmiddellijke actie is noodzakelijk. Zoals bijvoorbeeld bij een lekkage van gevaarlijke stoffen.
Categorie II: risico op letsel voor personen of aantasting van het milieu. Reparatie op controle plaats indien mogelijk, anders uiterlijk bij het voltooien van het vervoerstraject. Bijvoorbeeld onjuiste etikettering.
Categorie III: gering risico op letsel voor personen of aantasting milieu. Maatregelen hoeven niet op de controleplaats te worden genomen, maar kunnen later bij de onderneming worden genomen. Bijvoorbeeld de chauffeur is opgeleid voor vervoeren gevaarlijke stoffen, maar heeft zijn certificaat niet bij zich.
Uit het oogpunt van de ketenaansprakelijkheid kunnen meerdere betrokkenen (tegelijkertijd) via de WVGS strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld voor hun betrokkenheid bij het onwettig uitvoeren van de handelingen zoals beschreven in art. 2 lid 1 WVGS. In het ADR worden de volgende belangrijke betrokkenen genoemd: afzender, de vervoerder, geadresseerde (belangrijke betrokkenen 1.4.2 ADR).Tevens worden er voorbeelden gegeven van mogelijk andere betrokkenen en hun plichten: belader, vuller, verpakker en exploitant (1.4.3 ADR). NB: iedereen die betrokken is bij de handelingen zoals gesteld onder art. 2 lid 1 WVGS heeft een algemene zorg voor de veiligheid.
De feiten zijn onderverdeeld in vier groepen:
-
•
‘Vervoersdocument’
-
•
‘Uitrusting, kenmerking en etikettering’
-
•
‘Vervoermethoden’
-
•
‘Overige overtredingen’
Op basis van algemene beoordelingsfactoren kunnen de bedragen worden verhoogd. De algemene beoordelingsfactoren zijn:
• Gevaarzetting: Doel van de wetgeving is de risico’s van transport van gevaarlijke stoffen op het niveau van normaal transport te krijgen. Risico is kans maal effect. Dit betekent dat meerdere overtredingen vanuit het risicodenken vaak meer zijn dan de som der delen. Als dit wordt aangegeven in het procesverbaal dient het puntenaantal met 20% te worden verhoogd.
• Recidive: De genoemde punten hebben betrekking op first offenders.
Bij recidive door natuurlijke personen binnen een termijn van twee jaren:
1 maal: + 10%
2 maal: + 20%
Meer dan 2 keer recidive: dagvaarden
Bij recidive door rechtspersonen (ook de ‘eenmanszaak’):
1 maal: + 50%
2 maal: + 100%
Meer dan 2 keer recidive: dagvaarden
• Misdrijf: Wanneer sprake is van opzet dient de transactie met 20% verhoogd te worden. Waar mogelijk zal in het proces-verbaal gemotiveerd het bedrag van het wederrechtelijk verkregen voordeel worden aangegeven. Dit bedrag kan dan in daarvoor in aanmerking komende gevallen aan de verdachte worden ontnomen. (Zie: Aanwijzing ontneming)
|
VERVOERSDOCUMENT |
|||
|
8.1.2.1.a |
Vervoerdocument niet aanwezig |
45 |
I |
|
Aanduidingen vervoersdocument |
|||
|
5.4.1.1.1 a tm d |
Geen of onjuiste stofnaam, en/of identificatienummer, klasse, verpakkingsgroep |
45 |
I |
|
5.4.1.1.2 |
De vereiste informatie op een vervoersdocument is niet leesbaar |
45 |
I |
|
5.4.1.1.1 onder e en f |
Geen of onjuiste aantal en omschrijving colli of IBC’s, bruto massa, of netto massa voor ontplofbare stoffen en voorwerpen |
22 |
III |
|
5.4.1.1.6 |
Ontbreken omschrijving omtrent lege ongereinigde middelen van omsluiting |
22 |
III |
|
5.4.1.1.1 onder g |
Ontbreken van naam en het adres van de afzender |
22 |
III |
|
5.4.1.1.1 onder h. |
Ontbreken van naam en adres van de geadresseerde |
22 |
III |
|
5.4.1.4.1 |
Niet gesteld in de juiste taal/talen |
22 |
III |
|
5.4.1.1.10.1 jo 1.1.3.6 |
Ontbreken formulering ivm vrijstellingsgrenzen |
22 |
III |
|
5.4.1.1.7 jo 1.1.4.2.1 |
Ontbreken verklaring “onderdeel zijn van een transportketen voor vervoer door lucht of zee” in vervoersdocument |
22 |
III |
|
5.4.1.1.3 tm 5.1.1.17 |
Ontbreken aanvullende informatie bijzondere bepalingen (bijvoorbeeld berging of afval) |
22 |
III |
|
5.4.1 |
Vervoersdocument bevat niet de juiste informatie (anders dan hierboven genoemd) |
22 |
III |
|
8.1.2.1.c |
Ontbreken afschrift van de hoofdtekst van de bijzondere regeling |
22 |
III |
|
Certificaat van goedkeuring: |
|||
|
8.1.2.2 a jo 9.1.2 |
Geen certificaat van goedkeuring afgegeven |
115 |
I |
|
8.1.2.2 a jo 9.1.2 |
Geen geldig certificaat van goedkeuring aanwezig |
22 |
I |
|
Schriftelijke instructies: |
|||
|
8.1.2.1.b jo 5.4.3.1 |
Niet aanwezig |
22 |
II |
|
5.4.3.4 |
Niet aanwezig in bestuurderscabine |
10 |
III |
|
5.4.3.3 |
Niet gesteld in de juiste taal door de afzender (NB: 5.4.3.6, vervoerder staat er voor in dat betrokken bestuurder de instructies begrijpt en uit kan voeren) |
22 |
III |
|
5.4.3.8 |
Niet opgesteld overeenkomstig het daarvoor vastgestelde model |
22 |
II |
|
Vakbekwaamheidcertificaat: |
|||
|
8.1.2.2 b |
Vakbekwaamheidcertificaat wel in bezit, niet bij zich c.q. niet tonen |
6 |
III |
|
8.2.1.5 |
Geen vakbekwaamheidcertificaat of verlopen |
45 |
I |
|
Container-/voertuigbeladingscertificaat: |
|||
|
5.4.2 |
Niet bij het vervoerdocument gevoegd |
32 |
II |
|
5.4.2 |
Niet overeenkomstig sectie 5.4.2. van de IMDG-code |
22 |
II |
|
UITRUSTING, KENMERKING EN ETIKETTERING |
|||
|
Brandblusmiddelen: |
|||
|
8.1.4.1, 8.1.4.2, 8.1.4.3 |
Geen/onvoldoende brandblusmiddelen (per brandblusapparaat) |
22 |
II |
|
8.1.4.4 |
Draagbare brandblusapparaten zijn niet voorzien van een merkteken (per brandblusapparaat) |
22 |
II |
|
8.1.4.4 |
Draagbare brandblusapparaten zijn niet voorzien van een verzegeling (per brandblusapparaat) |
22 |
III |
|
Uitrusting algemeen: |
|||
|
8.1.5.a |
Geen/onvoldoende/onjuiste afmeting stopblok |
22 |
II |
|
8.1.5.a |
Geen/onvoldoende zelfstandige waarschuwingssignalen |
22 |
II |
|
8.1.5.b |
Geen handlamp(en) |
12 |
II |
|
8.1.5.b |
geen veiligheidsvest/kleding |
12 |
II |
|
8.1.5 |
Alle voorkomende combinaties eendaadse samenloop |
45 |
II |
|
Uitrusting specifiek: |
|||
|
8.1.5.b jo 3.2 (tabel) |
Geen/ongeschikt ademhalingsbeschermingsmiddel bij toxisch gas |
22 |
II |
|
8.1.5.c jo 5.4.3 |
Geen voorgeschreven uitrusting (in klasse, gevarenkaart of secundaire gevarenkaart) |
22 |
II |
|
Oranje borden (voertuig/tankwagens/transporteenheden): |
|||
|
8.1.3 jo 5.3.2.1. |
Kenmerking ontbreekt geheel of gedeeltelijk, is niet duidelijk zichtbaar of niet juist aangebracht |
45 |
I |
|
5.3.2.1.2 / 5.3.2.1.4 |
Geen/onjuiste gevaarsidentificatienummers en/of UN-nummer |
45 |
I |
|
8.1.3 jo 5.3.2.2. |
Borden niet conform de specificaties |
22 |
III |
|
Etikettering (voertuig/tank): |
|||
|
8.1.3 jo 5.3.1 |
Geen groot etiket overeenkomstig hoofdstuk 5.3 |
45 |
I |
|
5.3.1.1 jo 3.2 (tabel A) |
Onjuiste klasse op grote etiketten |
45 |
I |
|
5.3.1.7 |
Specificaties voor grote etiketten niet conform de daaraan gestelde eisen |
22 |
III |
|
Etiketten (verpakking): |
I |
||
|
5.2.2.1.1 / 5.2.2.1.2 |
Geen of onjuist etiket/ onuitwisbaar merkteken voor elk voorwerp of stof (zoals opgenomen in tabel A hoofdstuk 3.2 kolom 5, tenzij anders kolom 6) |
45 |
I |
|
5.2.1.1 t/m 5.2.1.7 |
Geen, onjuiste of onleesbare identificatienummer en opschriften |
45 |
I |
|
Beproeving/constructie markering |
|||
|
6.1.3.1 / 6.5.2.1 |
Kenmerk niet duurzaam/zichtbaar |
22 |
III |
|
6.1.3 / 6.5.2 |
Geen/onjuist kenmerk |
34 |
I |
|
6.1.3.1 e |
Kunststof verpakking niet voorzien van aanduiding maand fabricage (klok) |
22 |
II |
|
4.1.4., p200 8 en 9 jo 6.2.1.6.1 |
Periodieke onderzoeken drukhouders zijn niet uitgevoerd |
22 |
II |
|
4.1.1.15 |
Gebruiksduur overschreden van: kunststofvaten, jerrycans, IBC’s van stijve kunststof en combinatie-IBC’s met binnenhouder van kunststof |
22 |
II |
|
VERVOERMETHODEN |
|||
|
Vervoer in tanks/batterijwagens en MEGC’s |
|||
|
4.3.2.1.5 jo 7.4.1 jo 3.2 (tabel A) |
Vervoer gevaarlijke goederen niet in tanks toegestaan |
68 |
I |
|
4.3.2.3.3 / 4.3.2.4.2 |
Niet goed gesloten, waardoor de inhoud ongecontroleerd naar buiten kan treden |
115 |
II |
|
4.3.2.3.5 / 4.3.2.4.1 |
Gevaarlijke resten vervoerde stof aan de buitenzijde |
45 |
I |
|
4.3.2.2.1 |
Overschrijding van de vullingsgraad |
45 |
I |
|
4.3.2.2.4 |
Niet tot ten minste 80% en ten hoogste 20% van de inhoud gevuld. Bij tanks > 7500 l |
45 |
I |
|
6.8.2.5.2 / 6.8.3.5.11 |
Aanduiding op tanks ontbreekt/onvolledig |
34 |
II |
|
6.8.2.5.1 / 6.8.3.5.10 |
Geen/onjuiste gegevens stempelplaat |
34 |
II |
|
6.8.2.4.1 |
Reservoirs en uitrustingsdelen niet voor gebruik gekeurd |
45 |
I |
|
6.8.2.4.2 |
Reservoirs en uitrustingsdelen niet periodiek gekeurd |
34 |
II |
|
Losgestort goed |
|||
|
7.3.1.1 |
Goederen losgestort invoertuigen of containers niet toegestaan |
68 |
I |
|
7.3.3. |
Bijzondere bepalingen VV1 t/m VV14 niet in acht genomen |
34 |
II |
|
Colli |
|||
|
5.2 (niet 5.2.1.1 t/m 5.2.1.7 en 5.2.2.1.1 / 5.2.2.1.2 ) |
Specificaties kenmerking niet conform hoofdstuk 5.2 |
22 |
III |
|
7.2.4 jo 3.2 (tabel A, kolom 16) |
Bijzondere bepalingen VV1 t/m VV13 niet in acht genomen |
34 |
II |
|
Verpakkingsvoorschriften (ook IBC's) |
|||
|
4.1.1.1 |
Niet verpakt overeenkomstig gestelde voorwaarden |
34 |
I |
|
4.1.1.3 |
Niet met succes beproefd |
34 |
I |
|
4.1.1.4 |
Onvoldoende ledige ruimte bij vervoer vloeistof |
45 |
I |
|
4.1.1.5 |
Niet op juiste wijze verpakte en vastgezette binnenverpakking |
34 |
I |
|
4.1.1.6 |
Gezamenlijke verpakking onverenigbare stoffen (zie ook 7.5.2/7.5.4 samenladingverbod) |
68 |
I |
|
4.1.1.8 |
Binnenverpakkingen onvoldoende weerstand tegen inwendige druk of onjuiste ontluchtingsinrichting |
45 |
I |
|
4.1 jo 3.2 (tabel A) |
Verpakking niet toegelaten voor de stof |
45 |
I |
|
4.1.1.15 / |
Gebruik verpakking buiten toegestane gebruiksduur |
22 |
II |
|
4.1.1.1 |
Gevaarlijke resten buitenzijde verpakkingen |
34 |
I |
|
4.1.1.11 |
Lege verpakkingen niet conform voorschriften |
22 |
II |
|
Drukhouders |
|||
|
4.1.6.8 |
Niet of op onjuist wijze voldoen aan de eisen gesteld aan afsluiters |
45 |
I |
|
7.5.11 CV 36 |
Ontbrekende tekst “waarschuwing geen ventilatie voorzichtig openen” |
22 |
II |
|
OVERIGE OVERTREDINGEN |
|||
|
Roken/brandgevaarlijke handelingen |
|||
|
8.1.1 |
Transporteenheid geladen met gevaarlijke goederen omvat meer dan één aanhangwagen of oplegger |
34 |
II |
|
8.3.1 |
Passagiers vervoeren (per passagier) |
11 |
II |
|
7.5.11 CV1(1) jo 3.2 tabel A |
Zonder bijzondere toestemming binnen de bebouwde kom of zonder inlichting buiten de bebouwde kom laden of lossen voor een voor het publiek toegankelijke plaats |
45 |
I |
|
7.5.9 jo 8.3.5 |
Tijdens behandeling roken in of in de nabijheid van voertuigen of containers |
17 |
I |
|
Voorschriften laden, lossen en behandeling |
|||
|
7.5.7.1 |
Lading niet behoorlijk gestuwd/ vastgezet (geldt ook voor containers 7.5.7.2) |
minimaal 52 Verder volgens stramien van ‘afvallende lading’ tekstenbundel voor misdrijven, overtredingen en Muldergedragingen 2006 in samenhang met het extra risico dat gevaarlijke stoffen lading met zich meebrengt. |
I |
|
7.5.2 / 7.5.4 |
Voorschriften betreffende samenlading of scheiding niet in acht genomen (zie ook verpakking onverenigbare stoffen 4.1.1.6) |
68 |
I |
|
7.5.5.2 |
Beperking hoeveelheden te vervoeren ontplofbare stoffen en voorwerpen in een voertuig niet in acht genomen < 10% |
34 |
I |
|
7.5.5.2 |
Beperking hoeveelheden te vervoeren ontplofbare stoffen en voorwerpen in een voertuig niet in acht genomen > 10% |
dagvaarden |
I |
|
7.5.7.3 jo 8.3.3 |
Openen colli door bestuurder of voertuigbemanning |
22 |
I |
|
7.5.8 |
Niet reinigen van voertuig na het lossen bij verontreiniging met gevaarlijke stof |
34 |
I |
|
Veiligheidsmaatregelen/inrichtingseisen |
|||
|
Art. 47 en 48 tweede lid WVGS |
Incident niet melden aan Minister van V&W en/ of niet de juiste inlichtingen geven aan de Minister van V&W 3 Niet voldoen aan art. 47 en/of art. 48 is altijd alleen een overtreding (WED art 1a onder 3°). (per overtreding) |
6 |
* |
|
Art. 3 WVGS |
Stof niet toegelaten voor vervoer |
dagvaarden |
I |
|
1.10.1.3 |
Voorschriften betreffende toezicht op voertuigen niet in acht genomen (algemene voorschriften) |
22 |
* |
|
1.10.1.4 |
Niet bij zich hebben van een identiteitsbewijs met foto4NB: Er is al snel sprake van samenloop, zie aanwijzing uitbreiding identificatieplicht (2004A016). |
22 |
* |
|
1.10.3.2.1/ 1.10.3.2.2 |
Beveiligingsplan onvoldoende, per ontbrekend element |
5 |
* |
|
1.10.3.2.1 |
Beveiligingsplan niet aanwezig |
45 |
* |
|
1.10.3.3 |
Geen operationeel en effectief apparaat, uitrustingsdeel of procedure tegen diefstal van voertuig of lading. (de maatregel mag ook de noodhulpverlening niet in gevaar brengen) |
11 |
* |
|
8.4 jo 8.5 S1 (6) en S14 tm S21 |
Voertuigen niet onder toezicht gesteld, of zonder toezicht op beveiligd depot of beveiligd fabrieksterrein geparkeerd. (bijzondere voorschriften) |
45 |
* |
|
8.3.6 |
Niet afzetten van de motor tijdens laden en lossen. |
17 |
II |
|
8.3.4 |
Voertuig binnengaan met verlichtingslamp met vlam of met metalen oppervlak |
17 |
I |
|
9.2.2.3 |
Hoofdschakelaar voor de accu ontbreekt of is defect |
22 |
II |
|
9.2.2 tm 9.2.2.6 |
Overige constructievoorschriften voor de elektrische uitrusting van basisvoertuigen niet in acht genomen |
22 |
II |
|
7.5.10 / 8.5 S2 onder 3 (FL voertuigen) / 4.1.2.1 (IBC’s) |
Niet aarden voertuig, transporttank, tankcontainer of IBC’s waarin vloeistoffen met een vlampunt van 61C° of lager worden vervoerd met poedervormige stoffen. |
34 |
I |
|
Vrijstellingen |
|||
|
3.4 |
Stof valt niet onder de vrijstelling inzake gevaarlijke goederen, verpakt in gelimiteerde hoeveelheden |
45 |
II |
|
1.1.3.6. |
Stof valt niet onder de vrijstelling in samenhang met vervoerde hoeveelheden per transporteenheid (moet wel mogelijk zijn) 1.1.3.6 |
45 |
II |
|
1.1.4.2 |
Stof valt niet onder de vrijstelling (moet wel mogelijk zijn) |
22 |
II |
|
Nationale bepalingen |
|||
|
art.11 WVGS |
Bebouwde kom niet zoveel mogelijk vermeden |
17 |
I |
|
art.21 WVGS |
Routeplichtige gevaarlijke stoffen vervoeren over andere dan door gemeenten aangewezen en aangeduide wegen of weggedeelten. |
17 |
I |
|
art. 3 Bijlage 2 Hoofdstuk 2 VLG |
Niet houden aan het tunnelregime |
22 |
I |
|
art. 6 Bijlage 2 Hoofdstuk 2 VLG |
Niet nakomen regeling m.b.t. weersomstandigheden |
17 |
I |
|
6.8.3.2 N bijlage 2 Hoofdstuk 1 VLG |
Wegrij-alarmering ontbreekt en/of noodstop ontbreekt |
17 |
* |
|
Gebruik zout veer |
|||
|
Art. 7 sub 7 Bijlage 2 Hoofdstuk 2 VLG |
Niet de benodigde informatie verstrekken omtrent aard/ hoeveelheid van de vervoerde gevaarlijke stoffen |
22 |
I |
|
Art. 7 sub 2 jo tabel 5 Bijlage 2 Hoofdstuk 2 VLG |
Niet toegelaten stoffen en hoeveelheden vervoeren |
45 |
I |
|
Art. 7 sub 6 Bijlage 2 Hoofdstuk 2 VLG |
Niet bij voertuig blijven tijdens de vaart |
17 |
II |
|
Gebruik “pont” |
|||
|
Art. 8 sub d Bijlage 2 Hoofdstuk 2 VLG |
Niet de benodigde informatie verstrekken omtrent aard/ hoeveelheid van de vervoerde gevaarlijke stoffen |
22 |
I |
|
Art. 8 sub b Bijlage 2 Hoofdstuk 2 VLG |
Transport met stoffen van klasse I met andere voertuigen of personen overgevaren |
45 |
I |