Besluit van de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 26 maart 2007, nr. AV/IR/2007/9636, houdende vaststelling van nieuwe Beleidsregels inzake ontheffing verbod van kinderarbeid in verband met de vereenvoudiging van de Arbeidstijdenwet

Beleidsregels inzake ontheffing verbod van kinderarbeid

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,

Besluit:

Artikel

1

Ontheffing verbod van kinderarbeid

Een ontheffing van het verbod van kinderarbeid, bedoeld in artikel 3:3, eerste lid, van de Arbeidstijdenwet wordt, met inachtneming van artikel 3:5, tweede lid, van genoemde wet, op verzoek van de werkgever verleend, indien de niet-industriële arbeid van lichte aard, bestaat uit het deelnemen aan uitvoeringen van culturele, wetenschappelijke, opvoedkundige of artistieke aard, aan modeshows, aan audio-, visuele of audio-visuele opnamen en daarmee vergelijkbare niet-industriële arbeid van lichte aard.

Artikel

2

Kind tot en met 6 jaar

Bij het verlenen van een ontheffing voor het verrichten van niet-industriële arbeid van lichte aard door een kind tot en met 6 jaar wordt in acht genomen, dat dat kind:

  • a.

    ten hoogste 4 maal per jaar arbeid verricht;

  • b.

    op zondag geen arbeid verricht, behalve voor zover het tegendeel is bedongen en uit de aard van de arbeid voortvloeit. Indien de bedrijfsomstandigheden dit noodzakelijk maken, kan op zondag arbeid worden verricht, indien de werkgever daartoe overeenstemming heeft bereikt met het medezeggenschapsorgaan of, bij het ontbreken daarvan, met de belanghebbende werknemers. Arbeid op zondag kan uitsluitend worden verricht, indien door de ouders of verzorgers uitdrukkelijk toestemming is verleend;

  • c.

    een onafgebroken rusttijd heeft van ten minste 14 uren in elke aaneengesloten periode van 24 uren, waarin de periode tussen 19.00 uur en 08.00 uur begrepen is;

  • d.

    niet langer dan 2 uren per dag op dagen dat onderwijs wordt gevolgd en 4 uren per dag op andere dagen arbeid verricht, en

  • e.

    zowel voor, tijdens als na de uitvoering deskundig wordt begeleid.

Artikel

3

Kind van 7 tot en met 12 jaar

Artikel

4

Verdere ontheffing

Artikel

5

Voorarbeid

Bij de in deze beleidsregels bedoelde niet-industriële arbeid van lichte aard is de zogenoemde voorarbeid, zoals onder meer de noodzakelijke repetities en de wacht- en rusttijden, inbegrepen.

Artikel

6

Intrekking oude beleidsregels

De Beleidsregels inzake ontheffing verbod van kinderarbeid van 13 december 1995 (Stcrt. 246) worden ingetrokken.

Artikel

7

Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 april 2007.

Artikel

8

Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: Beleidsregels inzake ontheffing verbod van kinderarbeid.

Dit besluit zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.P.H.Donner