Wet van 11 mei 2007 tot wijziging van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers in verband met de wijziging van de algemene voor pensioenfondsen en deelnemers aan pensioenregelingen geldende bepalingen inzake waardeoverdracht van pensioenaanspraken

Wijzigingswet Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (wijziging bepalingen inzake waardeoverdracht pensioenaanspraken)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers de bepalingen inzake het recht op waardeoverdracht van pensioenaanspraken van politieke ambtsdragers aan te passen aan gewijzigde algemene bepalingen inzake waardeoverdracht die gelden voor pensioenfondsen en deelnemers aan pensioenregelingen, alsmede in genoemde wet enkele bepalingen aan te passen in verband met de invoering van de Pensioenwet;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Wijzigt de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers.

Artikel

II

Tot het tijdstip waarop het bij koninklijk boodschap van 20 december 2005 ingediende voorstel van wet, houdende regels betreffende pensioenen (Pensioenwet) (Kamerstukken II 2005/06, 30 413, nr. 2) nadat het tot wet is verheven, in werking treedt, wordt bij de toepassing van de artikelen 107, 108, 160a en 160b van de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers:

Artikel

III

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, G. terHorst
De Minister van Justitie, E. M. H.Hirsch Ballin