Wet van 21 juni 2007 tot wijziging van de Ontgrondingenwet

Wijzigingswet Ontgrondingenwet

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Ontgrondingenwet te wijzigen in verband met de voorgenomen afbouw van de regierol van het Rijk met betrekking tot de voorziening in bouwgrondstoffen door middel van ontgrondingen, alsmede in verband met de ervaringen die zijn opgedaan met de toepassing van de wet;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Wijzigt de Ontgrondingenwet.

Artikel

II

Artikel

III

Wijzigt de Wet op de economische delicten.

Artikel

IV

Wijzigt de Wet op de Ruimtelijke Ordening.

Artikel

V

Wijzigt deze wet.

Lasten en bevelen, dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te ’s-Gravenhage
Beatrix
De Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, J. C. Huizinga-Heringa
De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin