Regeling experiment routewijzigingen

De Minister van Verkeer en Waterstaat,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Besluit:

Artikel

1

Definities

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    LVB: het Luchthavenverkeerbesluit Schiphol;

  • b.

    het experiment: het experiment waarbij vijf routewijzigingen worden doorgevoerd;

  • c.

    gebruiksjaar 2008: de periode van 1 november 2007 tot en met 31 oktober 2008;

  • d.

    CROS: Commissie Regionaal Overleg luchthaven Schiphol, bedoeld in artikel 8.34 van de Wet luchtvaart;

  • e.

    KLM: Koninklijke Luchtvaart Maatschappij;

  • f.

    LVNL: Luchtverkeersleiding Nederland;

  • g.

    Schiphol: N.V. Luchthaven Schiphol;

  • h.

    SID: Standard Instrument Departure, vertrekprocedure die de piloot middels een code in de boordcomputer invoert waardoor het vliegtuig die procedure volgt vanaf de startbaan, ook wel: uitvliegroute;

  • i.

    gebruiksjaar 2009: de periode van 1 november 2008 tot en met 31 oktober 2009;

  • j.

    gebruiksjaar 2010: de periode van 1 november 2009 tot en met 31 oktober 2010.

Artikel

2

Doel

Het doel van dit experiment is het optimaliseren van vijf routes van vertrekkend vliegverkeer teneinde een gunstig effect op de hinderbeleving te bewerkstelligen. Het betreft de volgende routes:

  • a.

    De uitvliegroutes van de Buitenveldertbaan (09), de Kaagbaan (06) en de Schiphol-Oostbaan (04) ter hoogte van IJmuiden (GORLO en BERGI route);

  • b.

    de uitvliegroute van de Kaagbaan (06) en Schiphol-Oostbaan (04) ter hoogte van IJmeer (ANDIK route);

  • c.

    de uitvliegroutes van de Oostbaan (22) ter hoogte van Abcoude (ANDIK en ARNHEM route);

  • d.

    de uitvliegroute van de Polderbaan (36L) ter hoogte van IJmond (BERGI en GORLO route);

  • e.

    de uitvliegroutes van de Polderbaan (36L) ter hoogte van Amsterdam West (LEKKO/LOPIK route).

Artikel

4

Grenswaarden

Artikel

5

Uitvoering

De routewijzigingen gelden voor al het straalverkeer op de betreffende routes. Hierdoor zullen alle straalvliegtuigen de aangepaste routes vliegen.

Artikel

6

Gevolgen

Als gevolg van het experiment zal naar verwachting per saldo minder hinder worden ervaren in de omgeving. De hinderbeperking komt tot stand

  • doordat woonkernen vermeden worden,

  • doordat de voorspelbaarheid van het vliegverkeer vergroot wordt, of

  • door het vermijden van het maken van bochten boven bewoond gebied.

Gedurende het experiment zullen de effecten regelmatig worden gemonitord.

Artikel

7

Criteria

De criteria die onderdeel vormen van de afweging en de beoordeling of het experiment wordt omgezet in een wijziging van het LVB zijn:

  • het effect op de hinder in de gebieden waar de routewijzigingen betrekking op hebben;

  • het effect op de berekende geluidbelasting in de betreffende handhavingspunten;

  • de berekende geluidbelasting in de gebieden waar de routewijzigingen betrekking op hebben;

  • het effect op de interne en externe veiligheid;

  • het effect op de vliegoperatie (betrouwbaarheid en capaciteit);

  • het effect op ruimtelijke contouren zoals vastgelegd in het Luchthavenindelingbesluit Schiphol en bestaande verstedelijking en nieuwbouwplannen.

Artikel

8

Onvoorziene gevallen

In onvoorziene gevallen kunnen op advies van belanghebbenden de Minister van Verkeer en Waterstaat en de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer overgaan tot bijsturen, opschorten of vroegtijdig stopzetten van het experiment.

Artikel

9

Termijn experiment

De termijn van de experimenten betreft de periode vanaf 13 maart 2008 tot en met 31 oktober 2008. De termijn van het verlengde experiment betreft het gebruiksjaar 2009. De termijn van het op grond van artikel 8.23a, zesde lid, van de Wet luchtvaart verlengde experiment betreft de periode vanaf 1 november 2009 tot het tijdstip waarop het besluit tot wijziging van het LVB waarmee het experiment onderdeel wordt van dat besluit in werking treedt.

Artikel

10

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 13 maart 2008.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, C.M.P.S.Eurlings