Regeling van de Minister van Financiën van 1 juli 2008, nr. BenC/2008-1089 N, houdende regels voor de documentaire informatievoorziening bij het kerndepartement van Financiën (Statuut documentaire informatievoorziening Financiën, 2008)

Statuut documentaire informatievoorziening Financiën, 2008

De Minister van Financiën,

Besluit:

Hoofdstuk

1

Algemene Bepalingen (definities)

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

Archief: Het geheel (een verzameling) van archiefbescheiden, ontvangen of opgemaakt door een instelling, persoon of groep personen en naar hun aard bestemd daar onder te berusten.

Archiefbeheer: De feitelijke of uitvoerende werkzaamheden om archiefbescheiden in goede, geordende en toegankelijke staat te brengen en te bewaren, als ook om archiefbescheiden die daarvoor in aanmerking komen te vernietigen.

Archiefbeheerder: Degene die namens de Secretaris-generaal verantwoordelijk is voor het laten uitvoeren van een effectief en efficiënt archiefbeheer voor de onder hen vallende archiefvormende onderdelen.

Archiefbeherende onderdelen: Binnen het Ministerie van Financiën worden de onderdelen die tot taak hebben de feitelijke of uitvoerende werkzaamheden met betrekking tot het archiefbeheer uit te voeren als archiefbeherend onderdeel aangemerkt.

Archiefbescheiden: Bescheiden conform artikel 2 van de Archiefwet, ongeacht hun vorm, door de overheidsorganen ontvangen of opgemaakt en naar hun aard bestemd daaronder te berusten. Dit houdt in dat deze bescheiden de neerslag zijn van of gebruikt zijn bij activiteiten of handelingen op een bepaald beleidsterrein en/of beleidsprocessen.

Archiefvormende onderdelen: Binnen het Ministerie van Financiën worden de daaronder vallende organisatieonderdelen, buitendiensten, raden, commissies en projectorganisaties als archiefvormende onderdelen aangemerkt.

Archiefwettelijke zorg: De algemene bestuurlijke verantwoordelijkheid voor de uitvoering van de Archiefwet. Hieronder is ook begrepen de verantwoordelijkheid voor een efficiënt en effectief archiefbeheer, geschikte huisvesting, deskundig personeel, het vaststellen van beheersvoorschriften en voldoende financiële middelen.

Afdoening: Het bijhouden en bewaken van de (tijdige) afhandeling van documenten.

Beheersregels: Regels voor het archiefbeheer om te kunnen voldoen aan de wettelijke bepalingen.

Beleidsterrein: Geheel van relaties tussen archiefvormende organen die handelingen of activiteiten verrichten in het kader van een bepaald overheidsbeleid, dat voortvloeit uit een overheidstaak.

Bijzondere informatie: Staatsgeheimen en overige niet-staatsgeheime informatie waarvan kennisname door niet gerechtigden nadelige tot zeer ernstige gevolgen kan hebben voor de belangen van de Staat, van zijn bondgenoten of van één of meer Ministeries.

Document: Object of een voorwerp dat gegevens draagt met het doel deze gegevens eraan te ontlenen en te gebruiken.

Documentair structuurplan: Systematische identificatie en ordening van bedrijfsprocessen of handelingen en/of archiefbescheiden in categorieën overeenkomstig logisch gestructureerde conventies, methoden en procedureregels.

Documentaire informatievoorziening: Het voorzien in informatie door middel van het creëren, identificeren, verzamelen, verwerken, vastleggen en het ontsluiten van documenten en ter beschikking stellen.

Dossier: Het geheel van archiefbescheiden ontvangen of opgemaakt door een archiefvormend orgaan bij het verrichten van handelingen ten aanzien van of een zaak, of een object of een subject.

Duurzame staat: Een zodanige staat van de informatiedrager en de daarop vastgelegde informatie, als ook een zodanige materiële verzorging, dat raadpleging nu en in de toekomst mogelijk blijft.

Indexering: Proces van het vaststellen van zoekkenmerken om het terugzoeken van archiefbescheiden en/of informatie te vergemakkelijken.

Metagegevens (metadata): Gegevens die context, inhoud en structuur van archiefbescheiden en hun beheer door de tijd heen beschrijven.

Minister: De Minister van Financiën. Is de zorgdrager voor het Ministerie van Financiën, zoals bedoeld in artikel 1 van de Archiefwet.

Ministerie: Het Ministerie van Financiën.

Overbrenging: Het blijvend voor bewaring overdragen van de zorg en het beheer van daarvoor in aanmerking komende archiefbescheiden aan een archiefbewaarplaats (het Nationaal Archief).

(Rapport) institutioneel onderzoek: Een contextbeschrijving van de beleidsterreinen van een overheidsorgaan, waarop dit orgaan handelend optreedt.

Registratie: Handelingen die nodig zijn om documenten zodanig vast te leggen, dat deze documenten kunnen worden geïdentificeerd, toegankelijk kunnen worden gemaakt en ter beschikking kunnen worden gesteld.

Reproductie: Elke gelijkluidende weergave van een origineel in een andere gedaante of op een andere drager.

Rubriceren: Het vaststellen dat een gegeven een staatsgeheim of departementaal vertrouwelijk is en volgens de Rubriceringslijst Ministerie van Financiën 2007 bepalen van de mate van beveiligingsgradatie die hieraan dient te worden gegeven.

Selectielijst: Een vorm van een wettelijk voorgeschreven selectie-instrument voor de selectie van overheidsarchieven in te bewaren en te vernietigen archiefbescheiden, inclusief de selectietermijn.

Substitutie: Zie vervanging.

Toezicht: Het houden van toezicht op de ambtelijke verantwoordelijkheid voor (de kwaliteit) van het archiefbeheer.

Vervanging: Vervangen van archiefbescheiden door reproducties.

Vernietiging: Het zodanig materieel bewerken van de informatiedrager (o.a. papier, geluidsband, film, diskette, CD-rom) dat de daarop vastgelegde informatie niet meer te reconstrueren is.

Vervreemding: Het in eigendom overdragen van archiefbescheiden aan een ander overheidsorgaan.

Voortgang: Het bijhouden en bewaken van de (tijdige) behandeling van een document door de organisatie heen (op basis van de verblijfplaatsen of de routing van een document).

Zorgdrager: De Minister van Financiën.

Hoofdstuk

2

Reikwijdte van de beheersregels

Artikel

2

Reikwijdte

Hoofdstuk

3

Organisatie, taken en verantwoordelijkheden

Artikel

3

De Minister

De Minister van Financiën is de zorgdrager, zoals bedoeld in artikel 1 van de Archiefwet, voor de archiefbescheiden van het Ministerie.

Artikel

4

De Secretaris-generaal

Artikel

5

De plaatsvervangend Secretaris-generaal

Artikel

6

De Auditdienst Financiën (ADF) is namens de Secretaris-generaal, belast met het toezicht op het archiefbeheer bij het Ministerie.

Artikel

7

De Archiefbeheerders

Artikel

8

De archiefbeherende onderdelen

Artikel

9

De archiefvormende onderdelen

Artikel

10

Raden, commissies en projectorganisaties

Hoofdstuk

4

Documentbehandeling

Artikel

11

Documentregistratie

Artikel

12

Voortgang en afdoening

Hoofdstuk

5

Informatieontsluiting

Artikel

13

Informatieontsluiting

Hoofdstuk

6

Zorg voor het archiefbeheer

Artikel

14

Dossiervorming

Artikel

15

Informatieverstrekking uit archiefbescheiden

Artikel

16

Dossieruitlening

Het archiefbeherend onderdeel zorgt voor het uitlenen van fysieke dossiers uit de onder haar ressorterende archieven en houdt hiervan een uitleenadministratie bij.

Artikel

17

Toevoegen en verwijderen van archiefbescheiden

Het verwijderen uit dan wel toevoegen van archiefbescheiden aan een afgesloten dossier is voorbehouden aan het archiefbeherende onderdeel.

Artikel

18

Geordende en duurzame toegankelijke staat

Artikel

19

RIO’s en selectielijsten

Artikel

20

Vervanging

Artikel

21

Vervreemding

Artikel

22

Overbrenging

Artikel

23

Vernietiging

Artikel

24

Bijzondere informatie

Artikel

25

Archiefruimten

Artikel

26

Organisatieverandering

Hoofdstuk

7

Beheer digitale archiefbescheiden

Artikel

27

De in dit Statuut opgenomen beheersregels zijn van toepassing op alle archiefbescheiden, ongeacht hun vorm en informatiedrager. Dat wil zeggen dat deze ook van toepassing zijn op het beheer van digitale archiefbescheiden.

Hoofdstuk

8

Toezicht en rapportages

Artikel

28

Toezicht op het beheer

Hoofdstuk

9

Slotbepalingen

Artikel

29

Slotbepalingen

Den Haag
De Minister van Financiën,
namens deze:
Secretaris-Generaal, R.Gerritse

Bijlage

I

Ondermandatering verantwoordelijkheden

Gelet op artikel 4 en 5 van het organisatie- en mandaatbesluit Ministerie van Financiën kunnen de Archiefbeheerders hun verantwoordelijkheid voor het archiefbeheer ondermandateren aan de onder hem/haar ressorterende directeuren.

  • 1.

    De plaatsvervangend Secretaris-generaal heeft deze verantwoordelijkheid doorgemandateerd aan:

    • de Directeur Domeinen voor wat betreft de dienst Domeinen;

    • de Thesaurier Generaal met een ondermandaat aan de Agent voor wat betreft het Agentschap;

    • de directeur-generaal Rijksbegroting met een ondermandaat aan de Directeur EDP-auditpool voor wat betreft de EDP-auditpool.

  • 2.

    De directeur-generaal der Belastingen heeft deze verantwoordelijkheid doorgemandateerd aan de portefeuillehouder Documenthuishouding, i.c. de voorzitter van het managementteam Belastingdienst/Centrum voor Facilitaire Dienstverlening. De portefeuillehouder is tevens verantwoordelijk voor het semi-statische archiefbeheer bij de Belastingdienst. De verantwoordelijkheid voor het dynamisch archiefbeheer ligt bij de afzonderlijke voorzitters van de belastingkantoren.

Bijlage

II

Overzicht Zelfstandige bestuursorganen

Voor wat betreft de verantwoordelijkheid voor het archiefbeheer van Zelfstandige bestuursorganen zijn twee categorieën te onderscheiden:

  • 1.

    In archiefwettelijke zin zijn de (dagelijkse) besturen van de publiekrechtelijke en privaatrechtelijke zelfstandige bestuursorganen (ZBO’s) zorgdrager. Dat wil zeggen dat zij in bestuurlijk opzicht verantwoordelijk zijn voor hun archief(beheer). Als zodanig moeten zij zelf archiefbeheersregels opstellen.

  • 2.

    Dit in tegenstelling tot een bijzondere categorie van publiekrechtelijke zbo’s die onderdeel zijn van de (rechtspersoon) Staat der Nederlanden. Deze hebben geen eigen rechtspersoonlijkheid en zijn in beheersmatig opzicht onderdeel van de staat (het rijk). Deze worden niet aangemerkt als archiefwettelijk zorgdrager en hoeven dan ook zelf geen archiefbeheersregels op te stellen. Voor die zbo’s zijn de archiefbeheersregels van het verantwoordelijke Ministerie van toepassing.

Voor het Ministerie van Financiën geldt dat alle onder dit Ministerie vallende zelfstandige bestuursorganen 1‘Onder zelfstandig bestuursorgaan wordt verstaan: bestuursorgaan op het niveau van de centrale overheid, dat niet hiërarchisch ondergeschikt is aan een Minister en niet is een adviescollege, als bedoeld in de Kaderwet adviescolleges, waarvan de adviestaak de hoofdtaak is.’ (Aanwijzingen voor de regelgeving, Aanwijzing 124a, Staatscourant 1996, 177). onder categorie 1 gerekend kunnen worden, hetgeen betekent dat zij niet onder de werking van de archiefbeheersregels Financiën vallen.

Wel draagt het Ministerie van Financiën de archiefstelijke zorg over de archieven van geprivatiseerde onderdelen en zelfstandige bestuursorganen over de periode van vóór de verzelfstandiging of privatisering.

Dit betreft de archieven van:

  • Bureau Vernietiging Overheidsbescheiden;

  • Directie Staatsloterij;

  • Waarborgfonds Motorverkeer;

  • Rijksinkoopbureau;

  • Inspectie voor de Waarborg;

  • Verzekeringskamer;

  • ’s Rijksmunt;

  • Waarderingskamer;

  • Stichting MAROR-gelden;

  • Bureau Schade-afwikkeling;

  • Joods Humanitair Fonds;

  • Stichting toezicht Effectenverkeer;

  • Stichting Afwikkeling MAROR-gelden.