Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 18 december 2008, nr. WJZ/84447 (8240), houdende uitvoeringsregels van de Mediawet 2008 (Mediaregeling 2008)

Mediaregeling 2008

Hoofdstuk

1

Begripsbepalingen

Hoofdstuk

2

Publieke mediadiensten

Afdeling

2.1

Landelijke publieke mediadienst

Artikel

3

Indiening aanvraag erkenning

Artikel

4

Indiening aanvraag aanwijzing

Afdeling

2.2

Regionale en lokale publieke mediadiensten

§

2.2.1

Aanwijzing

Artikel

5

Indiening aanvraag

De aanvraag voor een aanwijzing, bedoeld in artikel 2.65 van de wet, gaat vergezeld van:

  • a.

    een exemplaar van de notarieel vastgelegde statuten;

  • b.

    een overzicht van de belangrijkste in de gemeente respectievelijk provincie voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen van waaruit leden worden benoemd in het in artikel 2.61, tweede lid, onderdeel c, van de wet bedoelde orgaan;

  • c.

    een overzicht van de leden van het orgaan, bedoeld in artikel 2.61, tweede lid, onderdeel c, van de wet; en

  • d.

    een aanduiding van het gebied waarbinnen het media-aanbod zal worden verspreid.

Artikel

6

Advisering door provinciale staten en gemeenteraad

Artikel

7

Indiening aanvraag aansluitende periode

Als een aangewezen regionale of lokale publieke media-instelling voor een aansluitende periode van vijf jaar aangewezen wil worden, dient zij uiterlijk zes maanden voor het einde van de lopende aanwijzingsperiode de aanvraag voor een nieuwe aanwijzing in.

Artikel

8

Afwijken van adviseringsprocedure

Het Commissariaat kan in bijzondere gevallen afwijken van artikel 6.

§

2.2.2

Reclame- en telewinkelboodschappen

Artikel

10

Boekhouding

Artikel

11

Jaarrekening

Afdeling

2.3

Nadere voorschriften publieke mediadiensten

Artikel

12

Voorschotten landelijke publieke media-instellingen

Artikel

13

Voorschotten Wereldomroep

De regels over het verstrekken van voorschotten in artikel 12 zijn van overeenkomstige toepassing op de Wereldomroep, met dien verstande dat de bevoegdheden aan het Commissariaat toekomen en de hoogte van de voorschotten mede wordt bepaald op basis van de begroting, bedoeld in artikel 2.160 van de wet.

Hoofdstuk

3

Commerciële omroepdiensten

§

3.1

Aanvraag toestemming

Artikel

15

Aanvraag toestemming

De aanvraag voor toestemming, bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, van de wet, gaat vergezeld van:

  • a.

    een exemplaar van de statuten van de aanvrager;

  • b.

    een opgave van de feitelijke vestigingsplaats als deze afwijkt van de statutaire zetel;

  • c.

    een aanduiding of de aanvraag voor toestemming betrekking heeft op televisieomroep of op radio-omroep; en

  • d.

    een overzicht van de organisatorische en juridische structuur van de aanvrager en een overzicht van zijn bestuurders en aandeelhouders.

Artikel

16

Indiening aanvraag aansluitende periode

Een commerciële media-instelling die een toestemming, bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de wet, heeft verkregen, dient de aanvraag voor een toestemming voor een aansluitende periode uiterlijk vijf maanden voor het einde van de lopende toestemmingsperiode in.

§

3.2

Toezichtskosten

Artikel

17

Toezichtskosten commerciële omroepdiensten

Een commerciële omroepinstelling is voor elke verkregen toestemming voor het verzorgen van een omroepdienst jaarlijks aan het Commissariaat toezichtskosten verschuldigd berekend volgens de bij deze regeling gevoegde bijlage.

Hoofdstuk

4

Overheid

Artikel

18

Aanvraag aanwijzing

Hoofdstuk

5

Stimuleringsfonds voor de pers

§

5.1

Inkomsten uit reclame- en telewinkelboodschappen

§

5.2

Subsidieverstrekking

Artikel

20

Aanvraagvereisten

Artikel

21

Behandeling aanvraag

Artikel

22

Subsidieverlening

Artikel

23

Subsidieverplichtingen

Het Stimuleringsfonds kan aan de subsidie verplichtingen verbinden met betrekking tot:

  • a.

    de besteding van de subsidie overeenkomstig de daaraan ten grondslag liggende doelstellingen;

  • b.

    de wijze waarop en de termijn waarbinnen de gesubsidieerde activiteiten worden uitgevoerd;

  • c.

    verslaglegging over de activiteiten en de financiële verantwoording daarvan; en

  • d.

    wijzigingen in de financiële structuur van de aanvrager.

Artikel

24

Voorschotten

Artikel

25

Intrekken subsidieverlening

Het Stimuleringsfonds kan een subsidieverlening intrekken en verstrekte voorschotten terugvorderen als:

  • a.

    aan de subsidieverlening verbonden voorschriften niet worden nageleefd;

  • b.

    blijkt dat de bij de aanvraag ingediende gegevens onjuist waren; en

  • c.

    binnen een jaar na de subsidieverlening een surseance van betaling of een faillissement van de aanvrager is uitgesproken.

Hoofdstuk

6

Slotbepalingen

Artikel

27

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2009.

Artikel

28

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Mediaregeling 2008.

Deze regeling zal met de bijlage en de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, R.H.A.Plasterk

Bijlage

Toezichtskosten commerciële omroepinstellingen

Artikel

1

  • 1.

    Een commerciële omroepinstelling is per toestemming voor het verzorgen van een omroepdienst jaarlijks aan het Commissariaat een bedrag verschuldigd overeenkomstig de onderstaande tabel in euro’s:

    Tabel 1

    < 3 uren

    136

    272

    544

    1632

    2448

    3264

    4080

    3 – < 6 uren

    272

    544

    1088

    3264

    4896

    6528

    8160

    6 – < 9 uren

    408

    816

    1632

    4896

    7344

    9792

    12.240

    9 – < 12 uren

    544

    1088

    2176

    6528

    9792

    13.056

    16.320

    12 > uren

    680

    1360

    2720

    8160

    12.240

    16.320

    20.400

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid, gelden per toestemming voor radio-omroep de bedragen van tabel 1 voor vijftig procent met een minimum van € 113.

  • 3.

    In afwijking van het eerste lid, gelden per toestemming voor televisieomroep die bestaat uit het veelvuldig en aaneensluitend herhalen van programma-aanbod dat uitsluitend of vrijwel uitsluitend bestaat uit stilstaande beelden, de bedragen van tabel 1 voor vijfentwintig procent met een minimum van € 113.

  • 4.

    Als een toestemming in de loop van een kalenderjaar wordt verleend, vervalt of wordt ingetrokken, worden de bedragen in het eerste tot en met derde lid naar evenredigheid van de overgebleven dagen in het kalenderjaar vastgesteld met een minimum van € 113.

Artikel

2

  • 1.

    In afwijking van artikel 1 van deze bijlage, is een commerciële omroepinstelling per toestemming voor het verzorgen van een omroepdienst die bestaat uit het verspreiden van gecodeerd programma-aanbod verspreid dat bestemd is voor degenen die met de betreffende omroepinstelling een tot de ontvangst van het programma-aanbod strekkende overeenkomst hebben gesloten, jaarlijks een bedrag in euro’s verschuldigd aan het Commissariaat overeenkomstig onderstaande tabel:

    Tabel 2

    < 3 uren

    544

    1632

    4080

    3 – < 6 uren

    1088

    3264

    8160

    6 – < 9 uren

    1632

    4896

    12.240

    9 – < 12 uren

    2176

    6528

    16.320

    12 > uren

    2720

    8160

    20.400

  • 2.

    Artikel 1, tweede en vierde lid, van deze bijlage zijn van overeenkomstige toepassing op Tabel 2 van het eerste lid.

Artikel

3

Als een commerciële omroepinstelling beschikt over zowel een toestemming waarop artikel 1 van deze bijlage van toepassing is als een toestemming waarop artikel 2 van deze bijlage van toepassing is, en zij het programma-aanbod van beide toestemmingen steeds aansluitend op hetzelfde kanaal van een omroepnet verspreidt, is de omroepinstelling ten hoogste € 20.400 aan toezichtskosten verschuldigd.