Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 22 september 2009, nr. PLW/2009/20457, houdende regels voor het verstrekken van subsidie voor projecten ter (door)ontwikkeling van hogescholen tot instituten die diensten verlenen op het gebied van een Leven Lang Leren (LLL) (Tijdelijke stimuleringsregeling Leven Lang Leren in het HBO 2009)

Tijdelijke stimuleringsregeling Leven Lang Leren in het HBO 2009

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,
Handelende in overeenstemming met de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;

Besluit:

1

Inleidende bepalingen

Artikel

1.1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    diplomering: het verstrekken van een getuigschrift behorende bij een opleiding, opgenomen in het Centraal Register Hoger Onderwijs (CROHO);

  • b.

    EVC: erkennen van verworven competenties;

  • c.

    EVC-procedure: geheel van processtappen en gehanteerde instrumenten waarmee informeel, non-formeel en formeel verworven competenties van deelnemers worden beoordeeld ten opzichte van een specifieke, landelijke standaard;

  • d.

    ervaringscertificaat: rapportage waarin de beoordeling van de competenties van de deelnemer aan een EVC-procedure wordt weergegeven en onderbouwd, conform de op grond van de kwaliteitscode EVC geldende eisen;

  • e.

    formeel onderwijs: het wettelijk geregelde onderwijs, leidend tot een diploma (in HO: de Croho-opleidingen);

  • f.

    non-formeel onderwijs: opleidingen, cursussen en trainingen (intentioneel leren) die niet tot het formeel onderwijs behoren;

  • g.

    leven lang leren: formeel en non-formeel onderwijs gevolgd door 23–64 jarigen;

  • h.

    werkend leren: trajecten waarin werken en leren in samenhang georganiseerd en geprogrammeerd worden, waarbij het georganiseerde leren zowel op de werkplek als binnen de hogeschool kan plaatsvinden;

  • i.

    maatwerktraject werkend leren: opleidingstraject strekkend tot het behalen van een certificaat of diploma, waarin op maat wordt aangesloten op de competenties van de individuele deelnemer, werkend leren centraal staat en sprake is van samenhang en wisselwerking tussen werkend leren en kennisverwerving;

  • j.

    minister: Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap;

  • k.

    hogeschool: uit ’s Rijks kas bekostigde hogeschool, zoals bedoeld in art. 1.8 van de WHW;

  • l.

    project: geheel van activititeiten dat beschreven is in een activiteitenplan en erop gericht is binnen een bepaalde tijd een concreet resultaat te bereiken.

Artikel

1.2

Doelomschrijving

Artikel

1.3

Subsidieontvanger

Subsidie wordt verleend aan een hogeschool.

Artikel

1.4

Subsidieplafond

Voor subsidieverlening op grond van deze regeling is een bedrag van ten hoogste € 9.800.000,– beschikbaar.

Artikel

1.5

Hoogte subsidie

2

Subsidieaanvraag

Artikel

2.1

Aanvraag

Artikel

2.2

Vereisten subsidieaanvraag

Artikel

2.3

Activiteitenplan

Het activiteitenplan omvat een overzicht van de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten met betrekking tot het (door)ontwikkelen van de hogeschool tot instituut dat diensten verleent op het gebied van een leven lang leren en voorziet tenminste in:

  • a.

    een kwantitatieve en kwalitatieve beschrijving van de bestaande activiteiten en voorzieningen en de reeds behaalde kwantitatieve en kwalitatieve resultaten over de volle breedte van de hogeschool, op het gebied van een leven lang leren en met betrekking tot de doelgroep in de regeling;

  • b.

    een beschrijving van de kwantitatieve resultaatambities, waaronder de beoogde toename van het aantal deelnemers uit de doelgroep, met daarbinnen specifieke resultaatambities voor de toename van het aantal deelnemers van 30 jaar en ouder;

  • c.

    een beschrijving van te ondernemen acties op alle relevante niveaus binnen de organisatie, die betrekking hebben op de ontwikkeling en vertaling van de strategische missie, visie en het beleid van de hogeschool ten aanzien van een leven lang leren, leidend tot duurzame verankering;

  • d.

    een beschrijving van de te ontwikkelen producten en diensten op het gebied van een leven lang leren voor de doelgroep over de gehele breedte van de hogeschool, voor zover deze producten een aantoonbare relatie hebben met opleiding, diplomering, en EVC, aansluiten op de vraag, qua exploitatie levensvatbaar en duurzaam uitvoerbaar zijn.

  • e.

    een beschrijving van de activiteiten die gericht zijn op het vraag- en klantgericht werken, externe oriëntatie en het aangaan c.q. uitbouwen van duurzame partnerschappen met bedrijven en instellingen in het kader van een leven lang leren.

  • f.

    een beschrijving van de projectorganisatie, waaruit de breedte van de betrokkenheid van de organisatieonderdelen en de betrokkenheid van bestuur en lijnmanagement van de hogeschool blijkt;

  • g.

    een beschrijving van de activiteiten die betrekking hebben op de aanpassing van de inrichting van de organisatie (structuur, bedrijfsvoering, werkprocessen en cultuur), kwaliteitsborging en duurzame verankering;

  • h.

    een beschrijving van de activiteiten die de deskundigheid van medewerkers bevorderen.

  • i.

    een beschrijving van de wijze waarop de leerfunctie wordt ingevuld en kennisdeling wordt gerealiseerd.

Artikel

2.4

Begroting

Artikel

2.5

Termijn indiening

Een aanvraag voor subsidie kan worden ingediend tot en met 30 oktober 2009.

3

Subsidieverlening

Artikel

3.1

Criteria

Artikel

3.2

Beslistermijn

De minister beslist binnen dertien weken na sluiting van de termijn voor het indienen van aanvragen in het kader van de regeling, zoals vermeld in artikel 2.5.

Artikel

3.3

Andere subsidieregelingen

Onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht wordt er geen subsidie verstrekt voor zover subsidie is verstrekt op grond van een andere rijkssubsidieregeling met een doelstelling die overeenkomt met de doelstelling bedoeld in deze regeling.

Artikel

3.4

Niet vervullen begrotingsvoorwaarde

4

Verplichtingen subsidieontvanger

Artikel

4.1

informatieplicht

Artikel

4.2

administratieve voorschriften

Artikel

4.3

meldingsplicht

5

Subsidievaststelling

Artikel

5.1

Besteding subsidie

De subsidie wordt uitsluitend aangewend voor het doel waarvoor zij is verstrekt. Eventueel niet-bestede middelen na afloop van de looptijd van de subsidie zullen worden teruggevorderd. De subsidie wordt uiterlijk in het jaar 2011 besteed.

Artikel

5.2

Subsidievaststelling

Artikel

5.3

Verantwoording en controle

Artikel

5.4

Verslag van activiteiten

Binnen dertien weken na beëindiging van het project, doch uiterlijk op 1 april 2012, dient de subsidieontvanger een verslag van activiteiten in bij de minister. Het verslag van activiteiten bevat:

  • a.

    in aanvulling op de jaarrekening, bedoeld in artikel 5.3., eerste lid, een overeenkomstig de begroting opgestelde financiële paragraaf, waarin inzicht wordt verschaft over de aanwending van de verstrekte middelen; en

  • b.

    een overzicht van de werkzaamheden waarvoor de subsidie is verstrekt en van de daarmee bereikte resultaten en, voor zover van toepassing, een analyse van verschillen tussen de beoogde resultaten en de feitelijke realisatie.

6

Betaling

Artikel

6.1

Voorschotten

Nadat de subsidie is verleend worden de voorschotten als volgt verstrekt:

  • 1.

    het eerste voorschot wordt binnen vier weken na de verlening van de subsidie verstrekt en bedraagt 50%;

  • 2.

    het tweede voorschot wordt uiterlijk dertien weken na ontvangst van het tussentijdse verslag, bedoeld in artikel 4.1, tweede lid, verstrekt. Bij een positieve beoordeling van de voortgang en realisatie van het project bedraagt het tweede voorschot eveneens 50%. Indien de voortgang en realisatie van het project achter blijven kan de minister besluiten het tweede voorschot niet, of niet geheel, te verstrekken.

7

Mandaatverlening

Artikel

7.1

Mandaatverlening SenterNovem

8

Slotbepalingen

Artikel

8.1

Toepassing regeling na vervaldatum

Voor zover er na het vervallen van deze regeling ter zake nog sprake is van enige bestuursrechtelijke afdoening, met inbegrip van bezwaar- en beroepsprocedures, vindt deze overeenkomstig deze regeling plaats.

Artikel

8.2

Inwerkingtreding en vervaldatum

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en vervalt met ingang van 31 december 2012.

Artikel

8.3

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke stimuleringsregeling Leven Lang Leren in het HBO 2009.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, R.H.A.Plasterk