Regeling van de directeur-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving van het Ministerie van Justitie van 9 november 2009, nr. 5628333/09. houdende verlening van ondermandaat en het doorgeven van volmacht en machtiging ten aanzien van beheersaangelegenheden op het terrein van het openbaar ministerie aan het College van procureurs-generaal (Mandaatregeling beheer openbaar ministerie)

Mandaatregeling beheer openbaar ministerie

De directeur-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving van het Ministerie van Justitie,

Besluit:

Artikel

1

Artikel

3

Besluiten ten aanzien van de aanstelling, de bevordering en het ontslag alsmede ten aanzien van disciplinaire maatregelen van functionarissen, niet zijnde rechterlijke ambtenaren op managementfuncties in schaal 14 en hoger die direct ressorteren onder het College van procureurs-generaal, worden niet genomen dan nadat het Centraal Loopbaanberaad van het Ministerie van Justitie daarmee heeft ingestemd.

Artikel

4

Vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling genomen besluiten waarin ten aanzien van aangelegenheden die het beheer van het openbaar ministerie betreffen (onder)mandaat, volmacht of machtiging is verleend of doorgegeven aan functionarissen werkzaam bij het openbaar ministerie waarin op het tijdstip van inwerkingtreding van deze regeling niet is voorzien, blijven van kracht voorzover zij niet strijdig zijn met het bepaalde bij of krachtens deze regeling, totdat is voorzien in ondermandaat dan wel doorgifte van volmacht of machtiging of het betrokken besluit wordt ingetrokken.

Artikel

5

Het Mandaatbesluit openbaar ministerie wordt ingetrokken.

Artikel

6

Deze regeling treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.

Artikel

7

Deze regeling wordt aangehaald als: Mandaatregeling beheer openbaar ministerie.

Den Haag
De Minister van Justitie,
namens deze:
de directeur-generaal Rechtspleging en Rechtshandhaving, J. van derVlist