Besluit van de Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van 18 december 2009, nr. 101888, houdende tijdelijke vrijstelling op grond van artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter bescherming van zaaiuien tegen de uienvlieg (Tijdelijke vrijstelling uienzaad behandeling)

Tijdelijke vrijstelling uienzaad behandeling

De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
In overeenstemming met de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;

Besluit:

Artikel

2

De vrijstelling is slechts van toepassing indien de voorschriften en beperkingen die zijn opgenomen in de bijlage bij dit besluit, worden nageleefd.

Artikel

3

Dit besluit treedt in werking onmiddellijk na publicatie ervan op de website van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit en vervalt met ingang van 15 april 2010.

Artikel

4

Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijke vrijstelling uienzaad behandeling.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit,
voor deze:
Directeur-Generaal, A.M.Burger

Bijlage

, bedoeld in artikel 2

A

Wettelijk Gebruiksvoorschrift

voor het gebruik van het gewasbeschermingsmiddel Mundial met toelatingsnummer 12802 N voor de behandeling van zaden van uien en sjalotten.

Bij de behandeling van het zaad van uien en sjalotten dient het volgende in acht te worden genomen:

Algemeen:

  • Mundial is een vloeibaar middel voor de behandeling van zaden ter voorkoming van schade door insecten, in dit geval de maden van de uienvlieg.

  • Het middel dient te worden toegepast als coating met de daarvoor gebruikelijke ontsmettingsmachines, of dient tijdens het zaaien door middel van een precisie druppelbehandeling op de zaden te worden gebracht, bijvoorbeeld Phyto drip.

Toepassingen:

Uien en sjalotten, ter bestrijding van de uienvlieg (Delia antiqua). Met de behandeling wordt plantuitval, veroorzaakt door vraat van de made van de uienvlieg tegengegaan.

Dosering:

50 ml middel per 250.000 zaden

Bijkomende voorschriften

  • A.

    Vóór of tijdens het uitzaaien:

    • Bij de toepassing van het gewasbeschermingsmiddel op het zaad dient een afwerende stof op het zaad te worden aangebracht.

  • B.

    Tijdens het uitzaaien

    • Bij het uitzaaien het zaad zo diep mogelijk onderwerken in de grond, waarbij de kopakker bijzondere aandacht verdient.

  • C.

    Na het uitzaaien

    • Plantum NL en LTO Nederland, de aanvragers, zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van een monitoringsprogramma tijdens en na de uitzaaiperiode.

B

Advies

Behandeling van overjarig zaad of partijen met slechte kiemkracht wordt ontraden door de toelatingshouder van het gewasbeschermingsmiddel Mundial.