Beleidsregel houdende bepalingen met betrekking tot het aanvragen en behandelen van aanvragen voor nadeelcompensatie in verband met de uitvoering van het ‘spoorse deel’ van de uitvoering van het project Spoorzone Delft (Beleidsregel nadeelcompensatie Spoorzone Delft)

Beleidsregel nadeelcompensatie Spoorzone Delft

De Minister van Verkeer en Waterstaat,

Besluit:

Artikel

1

Begripsomschrijvingen

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

  • a.

    de minister: de Minister van Verkeer en Waterstaat;

  • b.

    de NKL 1999: de Nadeelcompensatieregeling verleggen kabels en leidingen in en buiten rijkswaterstaatswerken en spoorwegwerken 1999 (NKL 1999) (Stcrt. 1999, 97);

  • c.

    de Overeenkomst: de Overeenkomst inzake verleggingen van kabels en leidingen buiten beheersgebied tussen de Minister van Verkeer en Waterstaat en Energie-Ned, VELIN en VEWIN (Stcrt. 1999, 97);

  • d.

    Spoorzone Delft: de in het bij besluit van 23 februari 2006 door de gemeenteraad van Delft vastgestelde bestemmingsplan ‘Spoorzone’ voorziene herontwikkeling van een gebied in het centrum van Delft, dat op hoofdlijnen bestaat uit de bouw van een viersporige spoortunnel, ongeveer 1.500 nieuwe woningen, 50.000 m2 kantoorruimte, waaronder een stadskantoor, en een nieuw station;

  • e.

    het ‘spoorse deel’ van het project Spoorzone Delft: het deel van het project Spoorzone Delft, dat op hoofdlijnen bestaat uit de volgende in het bij besluit van 23 februari 2006 door de gemeenteraad van Delft vastgestelde bestemmingsplan ‘Spoorzone’ voorziene deelprojecten:

    • A –

      het deelproject Spoorinfrastructuur: de (gefaseerde) aanleg van de in het bestemmingsplan voorziene tunnel ten behoeve van vier sporen, waarbij twee sporen direct worden aangelegd, inclusief toeritten, kruising Prinses Irenetunnel, DSM, overige kunstwerken en tijdelijke maatregelen, evenals het terugbrengen van de functionaliteit Phoenixstraat, geografisch bepaald tussen spoorlijn Den Haag HS–Schiedam centrum, Geocode 112, km 66.6–72,0;

    • B –

      het Spoorse deel OV-knoop: de in het bestemmingsplan voorziene aanleg van twee 340 meter lange ondergrondse perrons, het ondergrondse deel van het station, stijgpunten en ondergrondse stalling voor circa 5.000 fietsen;

    • C –

      de stationshal: de in het bestemmingsplan voorziene realisering van een bovengrondse stationshal met circa 1.500 m2 vervangende en bijbehorende bovengrondse commerciële voorzieningen;

  • f.

    ProRail B.V.: de besloten vennootschap ProRail B.V., statutair gevestigd te Utrecht, aan welke vennootschap met ingang van 1 januari 2005 een concessie als bedoeld in artikel 16, lid 1 van de Spoorwegwet voor het beheer van de hoofdspoorweginfrastructuur is verleend (de Beheersconcessie hoofdspoorweginfrastructuur).

Artikel

2

Het recht op schadevergoeding

Artikel

3

Citeertitel

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel nadeelcompensatie Spoorzone Delft.

Artikel

4

Inwerkingtreding

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van de eerste dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 september 2009.

Deze beleidsregel zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat, C.M.P.S.Eurlings