Regeling geluidniveaus aan boord van vissersvaartuigen

De Minister van Verkeer en Waterstaat, Handelende in overeenstemming met de Minister van Verkeer en Vervoer van de Nederlandse Antillen en de Minister van Vervoer en Communicatie van Aruba;

Besluit:

§

1

Omschrijvingen

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    ruimten voor accommodatie: hutten, ziekenverblijven, eetzalen, kombuizen, kantoren en navigatieruimten waaronder stuurhuizen;

  • b.

    hulpwerktuigen: alle andere werktuigen dan de voortstuwingswerktuigen die in werking zijn wanneer het vissersvaartuig normaal in de vaart is;

  • c.

    geluidniveau-A: het geluidniveau, uitgedrukt in dB(A), dat overeenkomstig de door de Internationale Elektrotechnische Commissie ter zake opgestelde regels is gemeten of berekend;

  • d.

    gehoorbeschermingsmiddel: een hulpmiddel dat gedragen wordt om het geluidniveau-A in het gehoororgaan van de drager te verminderen;

  • e.

    integrerende geluidniveaumeter: een geluidniveaumeter die ontworpen of aangepast is voor het meten van het niveau van de effectieve A-gewogen geluiddruk;

  • f.

    ISO-NR-waarde: de waarde die verkregen wordt door de hoogste NR-kromme van de ISO R 1996-1971 die aan het octaafbandspectrum raakt, te bepalen;

  • g.

    geluidhinder: geluid dat kan leiden tot gehoorbeschadiging of dat anderszins schadelijk kan zijn voor de gezondheid of gevaar kan opleveren voor de veiligheid;

  • h.

    havenconditie: de toestand waarbij alle werktuigen in bedrijf zijn, behalve die welke uitsluitend voor de voortstuwing van het vissersvaartuig noodzakelijk zijn;

  • i.

    geluiddrukniveau: een maat voor het geluidniveau, behorende bij een bepaalde frequentie, op een logaritmische schaal weergegeven door:

    L = 20log(p/po) dB

    waarin:

    • p = de effectieve waarde van de gemeten geluiddruk tussen 20 Hz en 20 kHz,

    • po = referentiewaarde = 20*10-6 pascal.

§

2

Maximaal toelaatbare grenswaarden

Artikel

2

In de navolgende ruimten worden de volgende grenswaarden voor geluidniveaus- A niet overschreden:

  • a.

    ruimten voor machines, niet doorlopend bemand: 110 dB(A);

  • b.

    ruimten voor machines, doorlopend bemand: 90 dB(A);

  • c.

    controlekamers in ruimten voor machines: 75 dB(A);

  • d.

    werkplaatsen in ruimten voor machines: 85 dB(A);

  • e.

    besloten ruimten voor de verwerking van vis en andere levende rijkdommen van de zee: 85 dB(A);

  • f.

    kombuizen: 75 dB(A);

  • g.

    op vissersvaartuigen met een lengte van minder dan 55 m: hutten en stuurhuizen: 70 dB(A); eetzalen en kantoren: 75 dB(A);

  • h.

    op vissersvaartuigen met een lengte van 55 m of meer: hutten en ziekenverblijven: 60 dB(A); eetzalen, kantoren en stuurhuizen: 65 dB(A).

§

3

Gehoorbescherming en waarschuwingen

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

Indien handgereedschappen en andere draagbare apparatuur bij normaal bedrijf geluidniveaus-A veroorzaken hoger dan 85 dB(A), worden op deze gereedschappen of op de daarbij behorende verpakkingen waarschuwingen aangebracht.

§

4

Geluidisolatie in ruimten voor accommodatie

Artikel

8

Artikel

9

De luchtgeluidisolatie wordt ten genoegen van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie bepaald met behulp van laboratoriumproeven volgens de ISO-Norm R 140/III.

§

5

Meting

Artikel

10

Artikel

11

Artikel

12

Zo spoedig mogelijk na de bouw of verbouw van het vissersvaartuig worden de geluidniveaus-A in de ruimten, bedoeld in artikel 2, onder de bedrijfsomstandigheden, bedoeld in de artikelen 13 en 14, gemeten en overeenkomstig artikel 11 op passende wijze geregistreerd.

Artikel

13

Metingen op zee worden verricht onder de navolgende bedrijfsomstandigheden:

  • a.

    het vissersvaartuig waarop de metingen worden verricht, bevindt zich in een beladingstoestand die ten genoegen is van het Hoofd van de Scheepvaartinspectie;

  • b.

    de voortstuwingsinstallatie ontwikkelt het maximale voortstuwingsvermogen;

  • c.

    alle hulpwerktuigen die tegelijk in gebruik kunnen zijn, zijn tijdens de gehele metingperiode in werking;

  • d.

    installaties voor mechanische ventilatie en luchtbehandeling zijn met volle capaciteit in bedrijf;

  • e.

    deuren zijn gesloten;

  • f.

    ruimten zijn volledig ingericht.

Artikel

14

Metingen in de haven worden verricht onder de navolgende bedrijfsomstandigheden:

  • a.

    de metingen worden verricht met de hulpwerktuigen in bedrijf onder havenconditie;

  • b.

    de metingen in ruimten waarin de invloed van laad- of losinstallaties merkbaar kan zijn, worden verricht als deze installaties in bedrijf zijn.

Artikel

15

Artikel

16

Op plaatsen met een hoog geluidniveau- A worden steekproeven genomen, waarbij de precisiegeluidniveaumeter wordt ingesteld op de stand «snel».

Artikel

17

De meetprocedures voldoen aan de volgende voorschriften:

  • a.

    tijdens het meten van geluidniveaus- A zijn in de desbetreffende ruimte uitsluitend de personen aanwezig zijn die nodig zijn voor de bediening van het vissersvaartuig, alsmede de persoon die de metingen uitvoert;

  • b.

    de geluidniveaus-A worden gemeten in dB(A) en zonodig worden tevens octaafbandniveaus gemeten voor de octaafbanden met middenfrequenties 31.5 tot en met 8000 Hz, ter bepaling van de ISO-NR-waarden overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 6;

  • c.

    de precisiegeluidniveaumeter wordt op de stand ‘langzaam’ ingesteld en de waarden worden tot op één decibel nauwkeurig afgelezen. De meettijd is ten minste 5 seconden. Indien een geluidniveaumeter fluctuaties van niet meer dan 5 dB(A) aangeeft, wordt het niveau visueel vastgesteld of wordt het gemiddelde van de geluidniveaus- A anderszins bepaald;

  • d.

    indien de fluctuaties meer dan 5 dB(A) bedragen of indien het geluid cyclisch onregelmatig of intermitterend is, wordt een integrerende geluidniveaumeter gebruikt die is ingesteld op de A-schaal. De integrerende meting geschiedt gedurende een periode van ten minste 30 seconden;

  • e.

    bij meting van de geluidbelasting kan behalve het constante en variërende geluidniveaus-A, ook de geluidbelasting van personen worden gemeten, zoals voorzien in de artikelen 4 en 5.

Artikel

18

De geluidniveaumeter wordt geijkt met behulp van het ijkinstrument, bedoeld in artikel 21, direct voor en na afloop van de metingen.

Artikel

19

§

6

Meetapparatuur

Artikel

20

Ten aanzien van de meetapparatuur gelden de volgende voorschriften:

  • a.

    het meten van geluiddrukniveaus geschiedt met behulp van precisiegeluidniveaumeters, standaardgeluidniveaumeters of integrerende geluidniveaumeters. Deze meters zijn vervaardigd volgens de normen van de IEC publikatie 651 (1979), type 0, 1 of 2;

  • b.

    indien een octaafbandfilter afzonderlijk of tezamen met een geluidniveaumeter wordt gebruikt, voldoet deze aan het bepaalde in de IEC publikatie 225 (1966); en

  • c.

    microfoons zijn van een type dat rondom gevoelig is. Zij voldoen aan het bepaalde in de IEC publikatie 179 (1973), of in de IEC publikatie 651 (1979), klasse 1 of 2.

Artikel

21

Ten aanzien van het gebruik van apparatuur gelden de volgende voorschriften:

  • a.

    bij het meten van fluctuerende geluidniveaus-A wordt een integrerende geluidniveaumeter gebruikt;

  • b.

    een ijkbron is goedgekeurd door de fabrikant van de desbetreffende geluidniveaumeter. IJkbronnen voor precisiegeluidniveaumeters zijn tot op ca. 0,3 dB(A) nauwkeurig, voor standaardgeluidniveaumeters tot op ca. 0,5 dB(A);

  • c.

    de geluidniveaumeter en de ijkbron worden ten minste elke twee jaar geijkt door een door het Hoofd van de Scheepvaartinspectie aangewezen instituut;

  • d.

    een microfoon-windscherm wordt gebruikt indien er sprake is van een aanzienlijke luchtbeweging. De invloed van het windscherm op het meetniveau van soortgelijke geluiden is niet groter dan 0,5 dB(A) onder omstandigheden zonder wind;

  • e.

    in alle situaties waarin een standaardgeluidniveaumeter (klasse 2) wordt gebruikt, worden de afgelezen waarden vermeerderd met 3 dB(A) als compensatie voor de geringere nauwkeurigheid van dit instrument.

§

7

Prognose

Artikel

22

Artikel

23

Deze regeling treedt voor Nederland en Aruba in werking met ingang van de eerste dag van de tweede kalendermaand na de dagtekening van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst, en voor Curaçao, onderscheidenlijk Sint Maarten op een nader te bepalen tijdstip.

Artikel

24

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling geluidniveaus aan boord van vissersvaartuigen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant, in de Curaçaosche Courant en in het Afkondigingsblad van Aruba worden geplaatst.

De Minister van Verkeer en Waterstaat,T.Netelenbos