Artikel
I
Wijzigt de Kernenergiewet.
Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Kernenergiewet.
Wijzigt de Wet op de economische delicten.
Artikel 1a, onder 1°, van de Wet op de economische delicten is voor wat betreft de zinsnede met betrekking tot artikel 15f, eerste en zesde lid, van de Kernenergiewet niet van toepassing op de houder van een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder b, van de Kernenergiewet voor het buiten gebruik stellen van een inrichting waarin kernenergie kon worden vrijgemaakt, indien de inrichting op het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet reeds buiten gebruik is gesteld.
Deze wet, met uitzondering van de artikelen I, onder G, en II, treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.
De artikelen I, onder G, en II treden in werking met ingang van de eerste dag van het vijfde kalenderkwartaal na de datum van uitgifte van het Staatsblad waarin deze wet wordt geplaatst.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.