Beleidsregel ontheffingsregeling voor een Commercial Cruising Vessel

Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie,

Besluit:

Artikel

1

Dat voor een zeeschip schip, waarvan de lengte als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van Bijlage I, van het Schepenbesluit, 12 meter of meer bedraagt en waarvan de gemeten tonnage 500GT of minder is en uitsluitend bestemd is om bedrijfsmatig passagiers te vervoeren voor recreatieve doeleinden en dit schip of:

  • a.

    een zeilschip is als genoemd in artikel 1, eerste lid, van het Schepenbesluit met ten hoogste 36 passagiers of:

  • b.

    een motor schip is (uitsluitend dan wel hoofdzakelijk voortbewogen door mechanische voortstuwing) met ten hoogste 12 passagiers,

ontheffing verleend kan worden van de eisen als bedoeld in de artikelen 3, eerste lid, 33, 45, eerste tot en met vierde lid, 46, 50, 52, 59, 62, 64, 167 t/m 171, van het Schepenbesluit 1965, indien voldaan wordt aan de eisen gesteld in de `Voorschriften voor Commercial Cruising Vessels'.

Artikel

2

Artikel

3

Artikel

4

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: `Beleidsregel ontheffingsregeling voor een Commercial Cruising Vessel'.

Het Hoofd van de Scheepvaartinspectie, H.G.H. tenHoopen