Artikel
1
1
Aan de havenmeester van Rotterdam, werkzaam bij Havenbedrijf Rotterdam N.V., wordt mandaat en machtiging verleend om voor zover het scheepvaartwegen betreft in beheer bij het Rijk, benedenstrooms kilometerraai 991.7 van de Nieuwe Maas of benedenstrooms kilometerraai 998 van de Oude Maas:
-
a.
beslissingen te nemen met betrekking tot en zorg te dragen voor het aanbrengen of verwijderen van een verkeersteken als bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Scheepvaartverkeerswet,
-
b.
vrijstelling of ontheffing te verlenen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de Scheepvaartverkeerswet van een gebod of verbod, aangegeven met een verkeersteken als bedoeld onder a, en
-
c.
besluiten te nemen met betrekking tot bekendmakingen als bedoeld in artikel 8 van de Scheepvaartverkeerswet.
2
Aan de havenmeester van Rotterdam, werkzaam bij Havenbedrijf Rotterdam N.V., wordt voorts mandaat verleend tot het op verzoek van de kapitein van een schip verlenen van ontheffing als bedoeld in artikel 35, tweede lid, van de Wet voorkoming verontreiniging door schepen van de bij of krachtens artikel 12c, tweede lid, van de Wet voorkoming verontreiniging door schepen gestelde regels, en tot het maken van aantekening daarvan in het ladingjournaal als bedoeld in artikel 36, achtste lid, van het Besluit voorkoming verontreiniging door schepen.