Besluit van de Minister-President, Minister van Algemene Zaken, de Minister van Verkeer en Waterstaat en de Minister van Defensie van 3 september 2010, nr. 3095255, tot gebruik van het regeringsvliegtuig en luchtvaartuigen van de krijgsmacht

Besluit gebruik van het regeringsvliegtuig en luchtvaartuigen van de krijgsmacht

De Minister-President, de Minister van Algemene Zaken, de Minister van Verkeer en Waterstaat en de Minister van Defensie,
Overwegende dat het wenselijk is regels vast te stellen met betrekking tot het gebruik, de gebruiksvolgorde en de gebruiksvergoeding van het regeringsvliegtuig, alsmede nadere regels te stellen voor de taakuitoefening van de vluchtcoördinator;

Besluiten:

§

1

Algemeen

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • IMOC: Index materiële overheidsconsumptie van het voorgaande jaar;

  • positioning uren: de reistijd van het zonder passagiers vliegen met als doel het luchtvaartuig te verplaatsen naar de gewenste locatie;

  • privé-vlucht: een vlucht die onderdeel uitmaakt van een reis waarvan het doel geen openbaar belang dient;

  • vluchtcoördinator: een door de Minister van Verkeer en Waterstaat aan te wijzen ambtenaar;

  • regeringsvliegtuig: het vliegtuig met de registratie PH-KBX.

§

2

Luchtvaartuigen

Artikel

2

Het gebruik van het regeringsvliegtuig is beperkt tot vluchten ten behoeve van:

  • a.

    de leden van het koninklijk huis;

  • b.

    de Minister-President, ministers en staatssecretarissen ter uitoefening van hun functie;

  • c.

    door de Minister van Verkeer en Waterstaat te bepalen doeleinden.

Artikel

3

Voor vluchten ten behoeve van de in artikel 2 bedoelde personen en doeleinden kan de Minister van Defensie toestemming verlenen tot het beschikbaar stellen van luchtvaartuigen van de krijgsmacht, indien:

  • a.

    de aard, de bestemming of doelmatigheid van de vlucht, het gebruik van andere luchtvaartuigen dan het regeringsvliegtuig noodzakelijk of gewenst maakt; en

  • b.

    hieraan geen redenen van operationele of technische aard in de weg staan.

Artikel

4

Indien de in de artikelen 2 en 3 bedoelde luchtvaartuigen niet beschikbaar of geschikt zijn gebleken, kan de vluchtcoördinator in overleg met de aanvrager een luchtvaartuig huren op commerciële basis.

§

3

Procedure

Artikel

5

Artikel

6

Artikel

7

§

4

Kosten

Artikel

8

Artikel

9

§

5

Bijzondere omstandigheden

Artikel

10

In bijzondere omstandigheden kan de Minister van Verkeer en Waterstaat, dan wel de Minister van Defensie indien het luchtvaartuigen van de krijgsmacht betreft, na overleg met de Minister-President, een van dit besluit afwijkend besluit nemen.

§

6

Slot- en overgangsbepalingen

Artikel

11

Artikel

12

De volgende regelingen worden ingetrokken:

  • a.

    het Besluit gebruik van het regeringsvliegtuig en andere luchtvaartuigen in beheer bij het Rijk;

  • b.

    de Regeling gebruiksvolgorde en -vergoedingen meevliegen krijgsmacht, en

  • c.

    de Beschikking van de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat van 20 april 1972 houdende instelling van de functie en vaststelling van de taak van regeringsvertegenwoordiger voor het regeringsvliegtuig PH-PBX.

Artikel

13

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 januari 2010.

Artikel

14

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit gebruik van het regeringsvliegtuig en luchtvaartuigen van de krijgsmacht.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister-President, Minister van Algemene Zaken,J.P.Balkenende
De Minister van Verkeer en Waterstaat,C.M.P.S.Eurlings
De Minister van Defensie,E. vanMiddelkoop