Arbeidsveiligheidsbesluit II BES

Arbeidsveiligheidsbesluit II BES

Hoofdstuk

1

Steigerwerk

Noodzaak van veilig arbeiden

Artikel

1

Het vervoer en het plaatsen van materialen en onderdelen van bouwwerken moet geschieden op zodanige wijze, dat de arbeiders zoveel mogelijk zijn beschermd tegen elk gevaar.

Noodzaak van steigerwerk

Artikel

2

Kwaliteit van de materialen

Artikel

3

Toezicht en opslag van material

Artikel

4

Het ter beschikking stellen en gebruik van steigermateriaal en het onderhoud van steigers

Artikel

5

Staande steigers van rondhout en van gezaagd hout

Artikel

6

Staande steigers samengesteld uit buizen, koppelingen en houten steigerplanken

Artikel

7

Laddersteigers

Artikel

8

Stabiliteit van steigers van rond- en gezaagd hout en van laddersteigers

Artikel

9

Vrijdragende steigers

Artikel

10

Console-steigers

Artikel

11

Een console-steiger, ondersteund of vastgehouden door klampen of wiggen die in de muur zijn geslagen, zal niet gebruikt worden, tenzij de console-haken sterk genoeg zijn, gemaakt van deugdelijk materiaal en stevig verankerd zijn in de muur.

Zware hangende steigers met beweegbare werkvloeren

Artikel

12

Lichte hangende steigers met beweegbare werkvloeren

Artikel

13

Andere hangende steigers

Artikel

14

Vervoer en opslag van materiaal op steigers en de verdeling van de belasting

Artikel

15

Het opstellen van hijsmaterieel op steigers

Artikel

16

Periodiek toezicht op steigers

Artikel

17

Steigers moeten nagezien worden door een bevoegd persoon:

  • a.

    tenminste eens per week, en

  • b.

    na slecht weer.

Het nazien van steigers voor het gebruik

Artikel

18

Elke steiger, al of niet opgebouwd door de werkgever wiens arbeiders hem gaan gebruiken moet:

  • a.

    voor gebruik worden nagezien door een bevoegd persoon om in het bijzonder te waarborgen:

    • 1.

      dat deze stabiel is;

    • 2.

      dat bij het opbouwen degelijke materialen gebruikt zijn;

    • 3.

      dat deze voldoet aan het doel waarvoor de steiger gebruikt zal worden; en

    • 4.

      dat de vereiste beveiligingen aanwezig zijn.

  • b.

    gedurende het gebruik goed worden onderhouden.

Werkvloeren

Artikel

19

Loopplanken, loopbruggen en trappen

Artikel

20

Algemene voorschriften t.a.v. werkvloeren, loopplanken, loopbruggen en trappen

Artikel

21

Houten schraagsteigers

Artikel

22

Ladders

Artikel

23

Het afschermen van openingen

Artikel

24

Het werken op een dak

Artikel

25

Diverse bepalingen

Artikel

26

Hoofdstuk

II

Hijs- en hefwerktuigen

Algemeen

Artikel

27

Lieren, loopkatten en takels

Artikel

28

Ophanging en bevestiging

Artikel

29

Kranen

Artikel

30

Onderzoek van kraan-certificaten

Artikel

31

Dirkkranen

Artikel

32

Het bedienen van een kraan

Artikel

33

Hijstoestellen

Artikel

34

Diverse bepalingen

Artikel

35

Hoofdstuk

III

Algemeen

Hygiënische faciliteiten

Sloopwerk

Artikel

37

Grondwerk

Artikel

38

Diverse bepalingen

Artikel

39

Tijdens werkzaamheden bij de bouw, de aanleg, de verbouwing, de herstelling, het onderhoud of de sloping van gebouwen moeten:

  • a.

    alle arbeiders veiligheidsschoenen dragen;

  • b.

    indien het betreft een verdiepingsgebouw, de arbeiders de beschikking hebben over veiligheidshelmen, welke zij verplicht zijn te dragen.

Hoofdstuk

IV

Slotbepalingen

Artikel

40

Artikel

41

Dit besluit wordt aangehaald als: Arbeidsveiligheidsbesluit II BES.