Regeling van de Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 23 februari 2011, nr. WJZ/11005409, houdende regels inzake buitengebruikstelling en ontmanteling van nucleaire inrichtingen en inzake de aanvraag om goedkeuring voor de wijze waarop financiële zekerheid wordt gesteld voor de kosten van buitengebruikstelling en ontmanteling van nucleaire inrichtingen waarin kernenergie kan of kon worden vrijgemaakt (Regeling buitengebruikstelling en ontmanteling nucleaire inrichtingen)

Regeling buitengebruikstelling en ontmanteling nucleaire inrichtingen

De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie en de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;

Besluiten:

Paragraaf

1

Algemeen

Artikel

1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • doelkaspositie: eindbedrag dat bij de aanvang van de buitengebruikstelling en de ontmanteling van een inrichting, waarin kernenergie kan of kon worden vrijgemaakt, beschikbaar moet zijn ter dekking van de kosten die voortvloeien uit de buitengebruikstelling en de ontmanteling van die inrichting, vermeerderd met een bedrag dat nodig is ter dekking van de onzekerheden in de berekening van die kosten;

  • inrichting: inrichting als bedoeld in artikel 15, onder b, van de wet;

  • Minister: Minister van Infrastructuur en Waterstaat;

  • radioactieve afvalstof: radioactieve afvalstof als bedoeld in artikel 1 van het Besluit stralingsbescherming.

Paragraaf

2

Inhoud ontmantelingsplan

Artikel

2

Een ontmantelingsplan van de houder van een vergunning voor het oprichten van een inrichting bevat in ieder geval:

  • a.

    een meting van de activiteit van de radionucliden op het terrein waarop de inrichting wordt gevestigd;

  • b.

    een beschrijving van de wijze waarop bij het ontwerp en de bouw van de inrichting wordt voorkomen dat de toekomstige buitengebruikstelling en ontmanteling van die inrichting wordt bemoeilijkt.

Artikel

3

Artikel

4

Een ontmantelingsplan dat wordt overgelegd bij de aanvraag om een vergunning voor het buiten gebruik stellen en het ontmantelen van een inrichting bevat in ieder geval:

  • a.

    de gegevens, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a tot en met d;

  • b.

    een beschrijving van de voorzieningen voor het behoud van kennis en informatie, bedoeld in artikel 5, tweede lid;

  • c.

    een beschrijving van de rapportagemomenten, bedoeld in artikel 8;

  • d.

    een beschrijving van de organisatorische maatregelen, bedoeld in artikel 9;

  • e.

    een beschrijving van de meetstrategieën en meetmethoden die worden toegepast om effectieve doses vast te stellen, die worden ontvangen door een lid van de bevolking of een werknemer als gevolg van de buitengebruikstelling of de ontmanteling van de inrichting;

  • f.

    een aanduiding van het aantal medewerkers dat is belast met de buitengebruikstelling en de ontmanteling en een beschrijving van de verantwoordelijkheidsverdeling tussen die medewerkers;

  • g.

    een beschrijving van de procedures waaraan de medewerkers, belast met de buitengebruikstelling en de ontmanteling van de inrichting, moeten voldoen, waarbij in ieder geval procedures worden omschreven met betrekking tot het interne toezicht op de buitengebruikstelling en de ontmanteling en met betrekking tot gevallen waarin wordt afgeweken van de geplande werkzaamheden;

  • h.

    indien artikel 3 van het Asbestverwijderingsbesluit 2005 van toepassing is: een asbestinventarisatierapport als bedoeld in artikel 1 van dat besluit.

Paragraaf

3

Buitengebruikstelling en ontmanteling

Artikel

5

Artikel

6

De houder van een vergunning voor het in werking brengen, het in werking houden, het buiten gebruik stellen of het ontmantelen van een inrichting gaat bij het opstellen en het actualiseren van het ontmantelingsplan uit van de laatste stand van de techniek.

Artikel

7

De houder van een vergunning voor het buiten gebruik stellen en het ontmantelen van een inrichting waarin kernenergie kan of kon worden vrijgemaakt, voert de in die inrichting aanwezige splijtstoffen af zo snel als redelijkerwijs mogelijk is.

Artikel

8

De houder van een vergunning voor het buiten gebruik stellen en het ontmantelen van een inrichting rapporteert aan de Autoriteit omtrent de voortgang van de buitengebruikstelling en de ontmanteling en omtrent belangrijke wijzigingen van de maatregelen, bedoeld om schade te voorkomen of te beperken. Hij rapporteert in ieder geval onmiddellijk nadat:

  • a.

    alle splijtstoffen zijn afgevoerd;

  • b.

    belangrijke systemen definitief zijn uitgeschakeld.

Artikel

9

De houder van een vergunning voor het buiten gebruik stellen en het ontmantelen van een inrichting treft organisatorische maatregelen om te waarborgen dat schade tijdens de buitengebruikstelling en de ontmanteling van de inrichting wordt voorkomen dan wel beperkt en dat wordt voldaan aan de eisen die aan de buitengebruikstelling en de ontmanteling worden gesteld.

Paragraaf

4

Aantonen voltooiing van de ontmanteling

Artikel

10

Vervallen

Paragraaf

5

Aanvraag om goedkeuring van financiële zekerheid als bedoeld in artikel 15f van de wet

Artikel

11

Indien de houder van een vergunning voor het in werking brengen, het in werking houden, het buiten gebruik stellen of het ontmantelen van een inrichting waarin kernenergie kan of kon worden vrijgemaakt de financiële zekerheid, bedoeld in artikel 15f van de wet, stelt in de vorm van een borgtocht of bankgarantie, bevat de aanvraag om goedkeuring daarvan in elk geval:

  • a.

    een beschrijving van de onzekerheden in de berekening van de kosten behorende bij de verschillende kostenposten voor de buitengebruikstelling en de ontmanteling;

  • b.

    gegevens waaruit blijkt hoe kredietwaardig de instelling is waar de borgtocht of bankgarantie wordt gesteld en een beschrijving van de wijze waarop deze kredietwaardigheid in de toekomst wordt geborgd;

  • c.

    een afschrift van de overeenkomst waarbij de borgtocht of bankgarantie is overeengekomen.

Artikel

12

Indien de houder van een vergunning voor het in werking brengen, het in werking houden, het buiten gebruik stellen of het ontmantelen van een inrichting waarin kernenergie kan of kon worden vrijgemaakt de financiële zekerheid, bedoeld in artikel 15f van de wet, stelt in de vorm van deelname aan een daartoe ingesteld fonds, bevat de aanvraag om goedkeuring daarvan in elk geval:

  • a.

    de gegevens, bedoeld in artikel 11, onder a;

  • b.

    gegevens waaruit blijkt hoe kredietwaardig de instelling is waar de doelkaspositie wordt opgebouwd en een beschrijving van de wijze waarop deze kredietwaardigheid in de toekomst wordt geborgd;

  • c.

    een beschrijving van de wijze waarop in jaarlijkse stappen de doelkaspositie wordt opgebouwd;

  • d.

    een beschrijving van de onzekerheden met betrekking tot de opbouw van de doelkaspositie, de kans dat deze zich voordoen en de maatregelen om de eventuele gevolgen daarvan te verminderen;

  • e.

    een afschrift van de statuten van het fonds waaruit de opbouw, het beheer en de uitkering van het fonds blijkt, of, indien die statuten nog niet beschikbaar zijn, het ontwerp daarvoor;

  • f.

    het beleggingsmandaat voor het fonds;

  • g.

    gegevens met betrekking tot het toezicht op het fonds;

  • h.

    een afschrift van de overeenkomsten die de aanvrager met het fonds heeft gesloten.

Artikel

13

Indien de houder van een vergunning voor het in werking brengen, het in werking houden, het buiten gebruik stellen of het ontmantelen van een inrichting waarin kernenergie kan of kon worden vrijgemaakt de financiële zekerheid, bedoeld in artikel 15f van de wet, stelt in de vorm van enige andere voorziening dan bedoeld in de artikelen 11 en 12, bevat de aanvraag om goedkeuring daarvan gegevens waaruit blijkt dat die andere voorziening de kosten van de buitengebruikstelling en ontmanteling dekt op het moment van de aanvang daarvan, waaronder in elk geval:

  • a.

    de gegevens, bedoeld in de artikelen 11, onder a, en 12, onder c en d;

  • b.

    gegevens waaruit blijkt hoe kredietwaardig de instelling is die de voorziening verleent;

  • c.

    een afschrift van de overeenkomsten die de aanvrager heeft gesloten in het kader van deze voorziening.

Artikel

14

Paragraaf

6

Slotbepalingen

Artikel

15

Artikel

16

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling buitengebruikstelling en ontmanteling nucleaire inrichtingen.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
De Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie,M.J.M.Verhagen
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,P. deKom