Huishoudelijk reglement Stichting Fonds voor Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst

Ter uitwerking van artikel 11 van de Statuten van de Stichting Fonds voor Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst verleden bij notariële akte van 29 april 1997

Hoofdstuk

I

Algemeen

Artikel

1

Hoofdstuk

II

Het bestuur

Artikel

2

Het secretariaat van het bestuur wordt gevoerd door het fondsbureau. Van het ter bestuursvergadering verhandelde en beslotene worden notulen gemaakt, die door de voorzitter worden ondertekend.

Artikel

3

De vergaderingen van het bestuur zijn niet openbaar.

Al hetgeen de leden van het bestuur uit hoofde van deze functie ter kennis komt is strikt vertrouwelijk.

Artikel

4

Artikel

5

De bestuursleden genieten per vergadering waarbij zij als zodanig aanwezig zijn uit de middelen van de stichting een door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen vast te stellen vergoeding, alsmede een vergoeding van de reis en verblijfskosten overeenkomstig het Reisbesluit van 1971, categorie A.

Artikel

6

Het bestuur vermeldt in het jaarverslag van de stichting alle toekenningen van stimuleringssubsidies, en subsidies buitenland, alsmede de namen van diegenen die in het kader van de bijzondere projecten een subsidie hebben ontvangen en de activiteiten die in het kader van de bijzondere projecten zijn ontplooid in het jaar waarop dat jaarverslag betrekking heeft, onder vermelding van de totaalbedragen uitgegeven per subsidiesoort, en van de namen van de ontvangers van een subsidie per subsidiesoort. Voorts doet het bestuur in bedoeld jaarverslag opgave van het bedrag dat in het desbetreffende jaar, besteed is aan de verstrekkingen op basis van toegekende basissubsidies.

Hoofdstuk

III

Advisering stimuleringssubsidies

Artikel

7

In verband met advisering over toekenning van stimuleringssubsidies benoemt het bestuur de volgende adviescommissies

  • 1.

    De Commissie Stimuleringssubsidies, onderverdeeld in subcommissies en werkgroepen.

  • 2.

    Bijzondere Commissies voor specifieke stimuleringssubsidies,

1A

Commissie stimuleringssubsidies

Artikel

8

Artikel

9

Artikel

10

Artikel

11

Artikel

12

De subcommissie bouwkunst en de werkgroepen beeldende kunst en vormgeving hebben tot taak het bestuur te adviseren over de voorgelegde subsidie aanvragen met inachtneming van het bepaalde in de regeling stimuleringssubsidies.

Artikel

13

Artikel

14

Artikel

15

Indien in de vergadering van de commissie, een subcommissie of een werkgroep zaken aan de orde komen waarbij een lid van de commissie, subcommissie of werkgroep of familieleden van dit commissie- subcommissie- of werkgroeplid tot in de tweede graad, dan wel iemand waarmee dit lid een duurzame relatie onderhoudt en het desbetreffende lid een direct financieel belang bij toekenning zou kunnen hebben, dient dit lid bij de behandeling van deze zaak de voorzitter daarvan op de hoogte te stellen.

Het betrokken commissie- subcommissie- of werkgroeplid woont het onderdeel van de vergadering, waarin die aanvraag behandeld wordt, niet bij.

Artikel

16

Artikel

17

Geldige adviezen van een subcommissie of werkgroep kunnen slechts tot stand komen indien minimaal vierstemgerechtigde personen aanwezig zijn.

Artikel

18

Artikel

19

De leden van de commissie stimuleringssubsidies, de subcommissies en de werkgroepen genieten per vergadering waarop zij als zodanig of als lid van een subcommissie aanwezig zijn uit de middelen van de stichting een door het bestuur, na voorafgaande toestemming van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, vast te stellen vergoeding, alsmede een vergoeding van de reis‑ en verblijfskosten overeenkomstig het Reisbesluit van 1971, categorie A.

1B

De selectiecommissies stimuleringssubsidies

Artikel

20

Artikel

21

Een selectiecommissie stimuleringssubsidies heeft tot taak de naar aanleiding van een door het bestuur gedane openbare oproep binnengekomen sollicitaties te beoordelen en zonodig zelf kandidaten te benaderen en met inachtneming van het bepaalde in artikel 9 voor elke plaats in een subcommissie dan wel werkgroep één kandidaat voor te dragen.

Artikel

22

Artikel

23

Al hetgeen de leden van de selectiecommissie stimuleringssubsidies uit hoofde van deze functie ter kennis komt is strikt vertrouwelijk.

Artikel

24

De leden van de selectiecommissie stimuleringssubsidies genieten per vergadering waarop zij als zodanig aanwezig zijn uit de middelen van de stichting een door het bestuur, na voorafgaande toestemming van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, vast te stellen vergoeding, alsmede een vergoeding van de reis‑ en verblijfkosten overeenkomstig het Reisbesluit 1971, categorie.

2

Bijzondere commissie voor specifieke stimuleringssubsidies

Artikel

25

Artikel

26

Artikel

27

De Speciale Commissies hebben tot taak om, met inachtneming van het bepaalde in de Regeling Stimuleringssubsidies het bestuur te adviseren over aanvragen van de specifieke subsidie, waarvoor de Commissie in het leven is geroepen.

Artikel

28

Artikel

29

Artikel

30

Indien in een vergadering van een Speciale Commissie zaken aan de orde komen waarbij een lid van deze Commissie of familieleden van dit commissielid tot in de tweede graad, dan wel iemand waarmee dit lid een duurzame relatie heeft betrokken is en het desbetreffende lid dientengevolge een direct financieel belang bij toekenning van een subsidie zou kunnen hebben, dient dit lid bij de aanvang van de behandeling van deze zaak de voorzitter daarvan op de hoogte te stellen.

Het betrokken werkgroeplid woont het onderdeel van de vergadering, waarin de kunstenaar behandeld wordt, niet bij.

Artikel

31

Artikel

32

Artikel

33

Artikel

34

De leden van de Speciale Commissie genieten per vergadering, waarop zij als zodanig aanwezig zijn, uit de middelen van de stichting, een door het bestuur, na voorafgaande toestemming van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen vast te stellen vergoeding, alsmede een vergoeding van de reis- en verblijfskosten overeenkomstig het Reisbesluit van 1971, categorie A.

Hoofdstuk

IV

De commissie subsidies buitenland

Artikel

35

Artikel

36

Artikel

37

De werkgroepen buitenland hebben tot taak om, met inachtneming van het bepaalde in de regeling subsidies buitenland, het bestuur voordrachten te doen voor het verblijf in de buitenlandateliers, voor deelname aan multidisciplinaire studiereizen en voor andere (mede) door het Fonds geïnitieerde projecten in het buitenland.

Artikel

38

Artikel

39

Artikel

40

Indien in een vergadering van een werkgroep zaken aan de orde komen waarbij een lid van de werkgroep of familieleden van dit werkgroeplid tot in de tweede graad, dan wel iemand waarmee dit lid een duurzame relatie heeft betrokken is en het desbetreffende lid dientengevolge een direct financieel belang bij toekenning van een subsidie buitenland zou kunnen hebben, dient dit lid bij de aanvang van de behandeling van deze zaak de voorzitter daarvan op de hoogte te stellen.

Het betrokken werkgroeplid woont het onderdeel van de vergadering, waarin de kunstenaar behandeld wordt, niet bij.

Artikel

41

Artikel

42

De leden van de commissie subsidies buitenland genieten per vergadering, waarop zij als zodanig aanwezig zijn, uit de middelen van de stichting, een door het bestuur, na voorafgaande toestemming van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen vast te stellen vergoeding, alsmede een vergoeding van de reis- en verblijfskosten overeenkomstig het Reisbesluit van 1971, categorie A.

Hoofdstuk

V

Adviescommissies bijzondere projecten

Artikel

43

Hoofdstuk

VI

Bezwaar

Artikel

44