Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 23 augustus 2011, nr. WJZ/316031 (4905) houdende modellen diploma’s, cijferlijsten, certificaten, getuigschrift, bewijs van ontheffing met verklaring vwo, havo, vmbo en getuigschrift praktijkonderwijs voor de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (Regeling modellen diploma’s VO BES)
waardepapier: beveiligde papiersoort die wordt gebruikt voor de in deze regeling genoemde waardedocumenten;
waardedocumenten: de volgende examendocumenten: diploma’s, (deel)cijferlijsten, voorlopige cijferlijsten, certificaten, getuigschriften en bewijs van ontheffing met bijbehorende verklaring.
Artikel
2
Richtlijnen voor het invullen van de modellen en beveiligen waardepapier
Het invullen van de modellen, opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlagen en het beveiligen van het waardepapier geschiedt overeenkomstig de richtlijnen, opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 1.
Artikel
3
Modellen diploma’s vwo, havo en vmbo
1
Als modellen voor de diploma’s eindexamen vwo, havo en vmbo worden gehanteerd de bijlagen 2a, 2b respectievelijk 2c.
2
Indien op grond van de artikel 3.47 of 3.48 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 recht bestaat op vermelding van het judicium cum laude op het diploma, worden in afwijking van het eerste lid voor de diploma’s eindexamen vwo, havo en vmbo de bijlagen 2a1, 2b1 respectievelijk 2c1 gehanteerd.
3
Indien een examenkandidaat voor een of meer vakken examen heeft afgelegd op een hoger niveau dan de schoolsoort of leerweg waarvoor het diploma wordt afgegeven, worden in afwijking van het eerste lid voor de diploma’s eindexamen havo en vmbo de bijlagen 2b2 respectievelijk 2c2 gehanteerd. Indien op grond van artikel 3.47 of 3.48 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 tevens recht bestaat op de vermelding van het judicium cum laude op het diploma worden voor de diploma’s eindexamen havo en vmbo de bijlagen 2b3 respectievelijk 2c3 gehanteerd.
Artikel
4
Modellen cijferlijsten vwo, havo en vmbo
De modellen voor de cijferlijsten eindexamen vwo, havo en vmbo zijn opgenomen in onderscheidenlijk de bij deze regeling behorende bijlagen 3a, 3b, en 3c.
Artikel
5
Modellen voorlopige cijferlijsten vwo, havo en vmbo
De modellen voor de voorlopige cijferlijsten eindexamen vwo, havo en vmbo zijn opgenomen in onderscheidenlijk de bij deze regeling behorende bijlagen 4a, 4b, en 4c.
Artikel
6
Model certificaat vmbo
Het model voor het certificaat vmbo is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 5.
Artikel
7
Model getuigschrift basisberoepsgerichte leerweg vmbo
Het model voor het getuigschrift basisberoepsgerichte leerweg van het vmbo is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 6.
Artikel
8
Model schooldiploma praktijkonderwijs vmbo
Het model voor het schooldiploma praktijkonderwijs van het vmbo is opgenomen in de bij deze regeling behorende bijlage 7.
Artikel
9
Modellen vavo cijferlijsten deeleindexamen en certificaten vwo, havo en theoretische leerweg vmbo
De modellen voor:
a.
de vavo cijferlijsten deeleindexamen vwo, havo en theoretische leerweg vmbo zijn opgenomen in onderscheidenlijk de bij deze regeling behorende bijlagen 8a, 8b en 8c;
b.
de vavo certificaten vwo, havo en theoretische leerweg vmbo zijn opgenomen in onderscheidenlijk de bij deze regeling behorende bijlagen 9a, 9b en 9c.
Artikel
10
Modellen staatsexamen diploma’s, certificaten en cijferlijsten vwo, havo en vmbo
de cijferlijsten staatsexamen vwo, havo en vmbo worden gehanteerd de bijlagen 11a, 11b respectievelijk 11c;
c.
de cijferlijsten deelstaatsexamen vwo, havo en vmbo worden gehanteerd de bijlagen 12a, 12b respectievelijk 12c;
d.
de certificaten staatsexamen vwo, havo en vmbo worden gehanteerd de bijlagen 13a, 13b respectievelijk 13c.
2
Indien een examenkandidaat voor een of meer vakken examen heeft afgelegd op een hoger niveau dan de schoolsoort of leerweg waarvoor het diploma wordt afgegeven, worden in afwijking van het eerste lid, onderdeel a, voor de diploma’s staatsexamen havo en vmbo de bijlagen 10b2 respectievelijk 10c2 gehanteerd. Indien op grond van artikel 4.30 of 4.31 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 tevens recht bestaat op de vermelding van het judicium cum laude op het diploma worden voor de diploma’s staatsexamen havo en vmbo de bijlagen 10b3 respectievelijk 10c3 gehanteerd.
Artikel
11
Bewijs van ontheffing
Het model voor het bewijs van ontheffing ten behoeve van het vwo, havo en vmbo en de bijbehorende verklaring zijn opgenomen in onderscheidenlijk de bij deze regeling behorende bijlagen 14a en 14b.
Als model voor de verklaring die wordt uitgereikt aan de leerling die de school verlaat en aan wie geen diploma kan worden uitgereikt als bedoeld in artikel 2.59 WVO 2020, wordt bijlage 15 gehanteerd.
Artikel
12
Overgangsbepaling
Ten aanzien van leerlingen die (deel)eindexamens of (deel)staatsexamens hebben afgelegd volgens de bij of krachtens de wet gegeven voorschriften, zoals luidend op 31 juli 2016, blijven de bijlagen 2c, 2c1, 3c, 4c, 5, 8c, 9c, 10c, 10c1, 11c, 12c en 13c, zoals die luidden op die datum van toepassing.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2012.
Artikel
14
Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling modellen diploma’s VO BES.
Deze regeling zal met toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,J.M. vanBijsterveldt-Vliegenthart
Bijlage
1
behorend bij de Regeling modellen diploma’s VO BES
Richtlijnen voor het invullen van de modellen en beveiligen waardepapier
Algemeen
Veiligheidseisen papier waardedocumenten
Het is noodzakelijk dat de waardedocumenten gedrukt worden op papier dat namaak en vervalsing tegengaat. Het papier dient daarom te zijn voorzien van: een uniek watermerk, UV-vezels, een vloeiend kleurverloop, microtekst en een beschermlaag die verkleurt bij mechanische of chemische aantasting. Met dit papier moet zorgvuldig worden om gegaan om te borgen dat het niet in handen van onbevoegden komt.
Gebruik van de modellen
Per vak wordt één regel gebruikt.
Afhankelijk van het aantal vakken worden de regels voor de vermelding van de vakken op de cijferlijst:
•
of ongeldig gemaakt voor zover ze niet worden gebruikt;
•
of hun aantal wordt aangepast aan het aantal vakken van de examenkandidaat.
Naamvermelding van de school
Op de examendocumenten wordt steeds – voor zover van toepassing – achter het woord ‘aan’ vermeld: de naam van de school voor voortgezet onderwijs of instelling voor educatie en beroepsonderwijs. Betreft het zo'n instelling, dan komt er na 'aan' te staan: de opleiding vavo van.... De naam van de school of de instelling is de naam zoals gebruikt door het bestuur in het dagelijks maatschappelijk verkeer en zoals geregistreerd bij DUO. In het geval van een nevenvestiging is het toegestaan dat na de officiële naam van de school een komma volgt en het woord ‘locatie’ gevolgd door de naam van de locatie. Indien de onderwijsaanbieder in het dagelijkse verkeer echter een andere naam hanteert dan bij DUO is geregistreerd, is het toegestaan deze naam te vermelden, echter alleen onder toevoeging van: ‘onderdeel van’ met daaropvolgend de naam zoals bij DUO geregistreerd. Omdat alle diploma’s/cijferlijsten worden opgenomen in het diplomaregister is het belangrijk dat de naamgeving van de school op het daadwerkelijk uitgereikte diploma direct te relateren is aan de naam van de school zoals opgenomen in het diplomaregister. Scholen moeten er voor zorgen dat de correcte naam van de school bij DUO staat geregistreerd, waarbij in het geval van een (neven)vestiging duidelijk wordt uit de naam van welke school c.q. scholengemeenschap deze deel uit maakt.
Naamvermelding examenkandidaat
Er is niet voorgeschreven dat de naam van de examenkandidaat op exact dezelfde wijze vermeld wordt als in het BRP c.q. zoals op ID/paspoort is vermeld. Echter, als de examenkandidaat in de praktijk wil aantonen dat het diploma van hem/haar is, is dit wel aan te bevelen. Slechts het hanteren van voorletter(s) of de roepnaam is ook toegestaan.
Vermelding geboorteplaats/ -gemeente
Achter ‘te’ wordt geacht de officiële gemeentenaam geplaatst te worden, waar de aangifte van geboorte destijds is gedaan, echter dit is geen voorschrift, maar wederom handig i.v.m. de gegevens op het ID (waar immers deze gemeentenaam ook op staat).
Datering
Op de examendocumenten wordt steeds achter het woord ‘datum’ vermeld: de datum (dd-mm-jjjj) waarop het document is ondertekend. Wanneer het examendocument een diploma, getuigschrift of certificaat betreft wordt de datum van uitreiking aan en ondertekening door de kandidaat gebruikt. Bij het staatsexamen wordt wanneer het examendocument een diploma, getuigschrift of certificaat betreft de datum van de vaststelling van de uitslag en/of de ondertekening van het examendocument door de staatsexamencommissie gebruikt.
Wanneer het examendocument een (voorlopige) cijferlijst, bewijs van ontheffing, of verklaring behorend bij het bewijs van ontheffing betreft wordt de datum van de ondertekening door de directeur dan wel de staatsexamencommissie VO gebruikt. Dit kan betekenen dat een cijferlijst een andere datering heeft dan het bijbehorende diploma.
De functionarissen die de examendocumenten moeten tekenen zijn en blijven onder alle omstandigheden verantwoordelijk voor de ondertekening. Tenzij anders bepaald door het bevoegd gezag, mogen zij, mits het bevoegd gezag hen die bevoegdheid heeft gegeven, een andere functionaris, die door hen daartoe schriftelijk gemandateerd is, laten tekenen, doch slechts met vermelding van ‘namens deze’ gevolgd door de handtekening, de naam en de functie van de ondertekenaar. De handtekening moet feitelijk (met pen) geschreven worden. Een gescande of gekopieerde handtekening is niet toegestaan.
Bovenstaande geldt ook in het geval een school geen directeur kent maar een centrale directie. Op het diploma dient dan voor directeur te worden gelezen de centrale directie. De centrale directie is in dat geval verantwoordelijk voor het ondertekenen van de diploma's. Het is echter ook mogelijk dat de centrale directie de tekenbevoegdheid overdraagt.
Het is vanzelfsprekend dat de mandatering in het examenreglement van de school wordt vermeld om examenkandidaten en ouders hiervan op de hoogte te stellen.
Vaknamen
De te hanteren wettelijke benamingen van de vakken staan opgenomen in een bijlage bij de jaarlijks te publiceren Regeling codetabellen school- en studiejaar [20xx-20xx].
Teksten in de cijferlijsten die niet van toepassing zijn worden weggelaten en het aantal regels wordt aangepast aan het aantal vakken.
Op de cijferlijst wordt/worden in de cijfer-/beoordelingstabel voor zover van toepassing vermeld:
•
wanneer een vak zowel een schoolexamen/ college-examen en een centraal examen bevat moeten beide cijfers op één decimaal nauwkeurig worden opgenomen. De eindcijfers moeten zonder decimalen worden opgenomen. Zie de artikelen 3.13, 3.25, 3.32, 4.11, 4.16 en 4.18 van het Uitvoeringsbesluit WVO.
het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk (zie ook de paragraaf over profielen vwo of havo);
•
het thema of de titel van het profielwerkstuk en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo;
•
de beoordeling van het vak lichamelijke opvoeding in het vwo of havo;
•
de beoordeling van kunstvakken I en het vak lichamelijke opvoeding uit het gemeenschappelijk deel van de leerweg in het vmbo,
•
de eindcijfers voor de examenvakken inclusief de eindcijfers voor de vakken die samen het combinatiecijfer bepalen (voor wat betref havo of vwo inclusief het profielwerkstuk), en
Indien in meer examenvakken examen is afgelegd dan in de vakken die ten minste samen een eindexamen/staatsexamen vormen, en deze vakken betrokken worden bij de uitslag, worden deze vakken vermeld in het vrije deel. Extra vakken die niet bij de vaststelling van de uitslag zijn betrokken, worden (op grond van de artikelen 3.35, tweede lid, 3.40, tweede lid en 4.25, derde lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020) in het vrije deel op de cijferlijst vermeld, tenzij de examenkandidaat daartegen bedenkingen heeft geuit.
Afronding onderdelen na aanvang van het eerste tijdvak van het centraal examen in het laatste leerjaar
Artikel 2.55 van de WVO 2020 noemt een uitzondering op de hoofdregel dat het schoolexamen wordt afgesloten voor de aanvang van het eerste tijdvak van het centraal examen. Het kan voorkomen dat een examenkandidaat uit het laatste leerjaar in alle vakken die met een eindcijfer worden beoordeeld examen heeft afgelegd op grond waarvan de uitslag kan worden vastgesteld, maar niet voldoet aan de aanvullende bepalingen. Het betreft hier een aanvullende bepalingen ten aanzien van de vakken of het profielwerkstuk waarvoor geen cijfer wordt vastgesteld, maar die ‘voldoende’ of ‘goed’ afgesloten moeten zijn. Deze examenkandidaat kan in dit geval niet slagen, maar ontvangt wel een cijferlijst. De uitslag luidt: afgewezen. Voor de onderdelen die niet naar behoren zijn afgerond wordt de vermelding gegeven: 'n.a.' (niet afgerond). Betreft dit een vmbo-kandidaat die de school verlaat, dan ontvangt hij tevens een certificaat.
Vak aan andere school
Indien een vak aan een andere school is afgesloten op grond van artikel 2.53 van de WVO 2020, dan wordt achter het betreffende vak tussen haakjes de naam van de andere school vermeld zoals opgenomen in BRIN.
Vrijstelling of ontheffing
De artikelen 3.42, 3.43, 4.27 en 4.28 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 regelen de vermelding op de cijferlijst van vakken waarvoor de kandidaat vrijstelling heeft of ontheffing is verleend bij het eindexamen/staatsexamen. Op de plaats het cijfer wordt bij de vakken waarbij er sprake is van vrijstelling zonder vermelding van een cijfer op de cijferlijst ‘Vr’ vermeld, (zie ook profielen vwo en havo). Het is ook toegestaan op de plaats voor het cijfer wanneer daar sprake van is of het woord ‘Vrijstelling’ of het woord ‘Ontheffing’ voluit te vermelden.
Vermelding van vakken die niet met een eindcijfer beoordeeld worden
Bij vakken waarvoor de eindbeoordeling niet in de vorm van een cijfer maar als ‘voldoende’ of ‘goed’ is gegeven, wordt deze beoordeling vermeld in de plaats van het cijfer (in de kolom in letters’).
Vermelding van vakken die op een hoger niveau zijn afgesloten
Vakken waarin het examen op een hoger niveau is afgelegd, worden op de cijferlijst vermeld met de naam van het vak uit het betreffende niveau met de toevoeging van dat niveau tussen haakjes. Een nadere uitwerking wordt gegeven onder de schoolsoorten.
‘geslaagd’ als de examenkandidaat geslaagd is en een diploma ontvangt,
•
‘afgewezen’, in het geval een examenkandidaat is afgewezen.
Voorlopige cijferlijst
Indien de examenkandidaat een centraal examen, of een afsluitend schoolexamen in een of meer vakken of de rekentoets heeft afgelegd in het (voor)voorlaatste leerjaar en vervolgens de school verlaat zonder het eindexamen te voltooien, ontvangt hij een ‘voorlopige cijferlijst’.
Een voorlopige cijferlijst wordt dus uitgereikt als de examenkandidaat de school verlaat voordat de uitslag van het betreffende eindexamen definitief kan worden vastgesteld (artikel 3.49 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020). Dit geldt ook bij een examenkandidaat die het gespreid centraal examen, bedoeld in artikel 3.56 van het Uitvoeringsbesluit WVO, aflegt. Daarnaast geldt dit ook voor leerlingen die aan een andere school of instelling worden uitbesteed om daar hun gespreid examen voort te zetten.
De resultaten op de voorlopige cijferlijst kunnen worden betrokken bij de vaststelling van de uitslag van het betreffende eindexamen en overgenomen op de cijferlijst die op grond van de definitieve uitslag wordt uitgereikt. Ook als de examenkandidaat via staatsexamens of het vavo een diploma voortgezet onderwijs wenst te behalen kunnen eerder behaalde resultaten waar toepasbaar bij de uitslag worden betrokken. De voorlopige cijferlijst komt dan te vervallen, zodra de definitieve uitslag is vastgesteld
Op de voorlopige cijferlijst wordt/worden (conform de cijferlijst) voor zover van toepassing vermeld:
•
wanneer een vak zowel een schoolexamen/ college-examen en een centraal examen bevat moeten beide cijfers op één decimaal nauwkeurig worden opgenomen. De eindcijfers moeten zonder decimalen, worden opgenomen,
•
wanneer het vak alleen een schoolexamen/ college-examen bevat en geen centraal examen kent moet het afgeronde schoolexamen-/ college-examencijfer zonder decimalen worden opgenomen. Dit cijfer wordt herhaald als eindcijfer,
•
het vak of de vakken en het onderwerp of de titel van het profielwerkstuk;
•
het thema of de titel van het profielwerkstuk en de beoordeling van het profielwerkstuk vmbo;
•
de beoordeling van het vak lichamelijke opvoeding in vwo en havo, in het regulier onderwijs,
•
de beoordeling van kunstvakken I en het vak lichamelijke opvoeding uit het gemeenschappelijk deel van de leerweg in vmbo en;
•
het vak waarin opnieuw centraal examen is afgelegd (waarbij het cijfer voor het schoolexamen wordt herhaald en het nieuwe cijfer voor het centraal examen en nieuwe eindcijfer wordt opgenomen). Indien er in het voorlaatste leerjaar geen herkansing heeft plaatsgevonden, wordt op de voorlopige cijferlijst achter 'opnieuw centraal examen is afgelegd in' niet van toepassing vermeld, als volgt: n.v.t.
Op de voorlopige cijferlijst wordt geen profiel vermeld.
Cijferlijst deeleindexamen vavo en deelstaatsexamen
Op de cijferlijst deeleindexamen vavo en deelstaatsexamen worden alle vakken vermeld waarin deeleindexamen/deelstaatsexamen is afgelegd en voor zover van toepassing het profielwerkstuk.
Op het certificaat wordt voor zover van toepassing vermeld:
•
het vak of de vakken waarvoor de examenkandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
•
het profielwerkstuk in het vwo of havo de waarvoor de examenkandidaat een eindcijfer 6 of meer heeft behaald,
•
het profielwerkstuk in het vmbo, voor zover beoordeeld met ‘goed’ of ‘voldoende’,
Daarnaast wordt op het certificaat vermeld welk examen is afgelegd: op welk niveau, en waar van toepassing het betreffende leerwegschooltype c.q. de betreffende leerweg.
Afhankelijk van het aantal vakken worden de regels voor de vermelding van de vakken op het certificaat, waarbij per vak één regel wordt gebruikt. De school of het College voor toetsen en examens kan wanneer nodig meer regels toevoegen, en moeten niet gebruikte regels ongeldig maken of weglaten.
Getuigschrift
Op het bewijs van ontheffing dient achter de regel: ‘recht heeft op ontheffing bij het verwerven van het diploma’, de schoolsoort voluit te worden vermeld met indien van toepassing: de leerweg.
Bewijs van ontheffing
Op het bewijs van ontheffing dient achter de regel: ‘recht heeft op ontheffing bij het verwerven van het diploma, de schoolsoort voluit te worden vermeld en indien van toepassing: de leerweg.
Afwijkende/bijzondere vermeldingen
1.
n.a. = niet afgerond
2.
(naam van een andere school)
3.
‘vr’ = vrijstelling of ontheffing
4.
(afkorting leerweg of schoolsoort);
basisberoepsgerichte leerweg: bb
kaderberoepsgerichte leerweg: kb
gemengde leerweg: gl
theoretische leerweg: tl
voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs: vmbo
hoger algemeen voortgezet onderwijs: havo
voorbereidend wetenschappelijk onderwijs: vwo
5.
n.v.t. indien:
a.
geen gebruik is gemaakt van het recht op herkansen (voorlopige cijferlijst)
b.
meer cijferlijsten worden uitgereikt en het profielwerkstuk maar op één cijferlijst past
6.
toegestane afkortingen vaknaam: ckv
Profielen vwo en havo
Diploma vwo en havo
Als de examenresultaten voor twee of meer profielen leiden tot de uitslag ‘geslaagd’, dan worden de namen van de betreffende profielen vermeld op het diploma (zie de artikelen 3.46 en 4.29 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020).
Op het diploma eindexamen/staatsexamen vwo wordt achter eindexamen/staatsexamen vermeld: gymnasium of atheneum.
Op het diploma worden alleen vakken op een hoger niveau vermeld wanneer deze meetellen bij de bepaling van de uitslag van het betreffende diploma.
Naar aanleiding van het advies Wetsvoorstel NLQF van de Onderwijsraad wordt op de diploma’s naast het vwo of havo niveau ook het corresponderend NLQF/EQF- niveau vermeld.
•
Voor het havo wordt als NLQF/EQF-niveau vermeld: NLQF4/EQF4
•
Voor het vwo wordt als NLQF/EQF-niveau vermeld: NLQF4+/EQF4
Er wordt geen NLQF/EQF-niveau vermeld voor onderdelen van opleidingen.
Cijferlijsten vwo en havo
Voor:
•
de verdeling van de vakken/onderdelen en het aantal behorend tot het gemeenschappelijk-, profiel- en (het minimum aantal van het) vrije deel,
•
welke (combinatie van) vakken/onderdelen deel mogen uitmaken van een eindexamen/staatsexamen vwo/havo en worden vermeld op de cijferlijst,
Alle andere vermeldingen dan de vermeldingen genoemd in bovenstaande artikelen maken de cijferlijst ongeldig.
Profielvermelding
Op de cijferlijst voor het eindexamen/staatsexamen wordt in het tekstgedeelte boven de cijfer- en beoordelingstabel achter de regel ‘heeft deelgenomen aan het eindexamen/staatsexamen voorbereidend wetenschappelijk onderwijs of hoger algemeen voortgezet onderwijs conform het profiel’, de officiële benaming van het profiel vermeld zoals genoemd in artikel 2.20, vierde lid van de WVO 2020.
In het geval een examenkandidaat kan slagen voor twee of meer profielen, wordt voor elk profiel afzonderlijk een cijferlijst afgegeven. Om te kunnen slagen voor twee of meer profielen is het overigens voldoende om voor één profiel een profielwerkstuk te maken. Als dat profielwerkstuk ‘past’ in de overige profielen, wordt het op elk van de cijferlijsten vermeld. Als het in één profiel niet past, wordt in de desbetreffende ruimte vermeld: n.v.t.
Combinatiecijfer
Onder het gemeenschappelijk deel wordt achter combinatiecijfer’ het rekenkundig gemiddelde van de afgeronde eindcijfers van de betreffende vakken/onderdelen, afgerond vermeld op de cijferlijst (in een cijfer en in letters). Deze afronding gebeurt overeenkomstig de vaststelling van het eindcijfer per vak, door het eerste cijfer achter de komma naar beneden af te ronden indien dat een 4 of lager is en naar boven, indien dat cijfer een 5 of hoger is (een 5,5 wordt dus een 6 en een 5,45 wordt een 5): zie de artikelen 3.34, vierde lid, en 4.20, derde lid van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020.
Achter het ‘combinatiecijfer’ (tot slot van het gemeenschappelijk deel) is een asterisk *) opgenomen die verwijst naar de vakken/onderdelen die deel uitmaken van het combinatiecijfer (zie de artikelen 3.34, tweede lid, en 4.20, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020), welke onder aan de cijferlijst worden genoemd. Onder '*) onderdelen van het ‘combinatiecijfer’ worden de betreffende vakken/onderdelen opgenomen met vermelding van het afgeronde cijfer en het(zelfde) afgeronde eindcijfer (in een cijfer en in letters). Inclusief het profielwerkstuk, dat als laatste een plaats krijgt in de daarvoor bestemde regel met vermelding van de titel of het onderwerp en het vak of de vakken waarop het betrekking heeft.
Vakken die in het havo en vwo in ieder geval tot het combinatiecijfer behoren zijn maatschappijleer, ckv (op een reguliere school), en het profielwerkstuk.
Literatuur. Een school kan ervoor kiezen literatuur afzonderlijk te becijferen of dit onderdeel meenemen in het cijfer voor de talen. Als het apart wordt becijferd, dan moet het cijfer worden opgenomen in het combinatiecijfer. In dat geval dienen de namen van de talen (dus zonder literatuur) te worden vermeld op de cijferlijst.
•
Het vak Godsdienst of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs kan door bijzondere scholen worden toegevoegd aan het combinatiecijfer. Het gaat hier om één vak, maar de school kiest welke van beide benamingen wordt gehanteerd: godsdienst óf levensbeschouwelijk vormingsonderwijs. Niet te verwarren met het ‘grote’ vak godsdienst: een schooleigen vak dat de school alleen met toestemming van de minister als examenvak kan aanbieden.
•
Algemene natuurwetenschappen, dat bij het havo niet voorkomt in het gemeenschappelijke deel, kan bij die schoolsoort wel deel uitmaken van het vrije deel. De school kan dit ter keuze laten aan de examenkandidaat, maar kan ook besluiten om het vak verplicht te stellen voor alle examenkandidaten of voor examenkandidaten met een bepaald profiel. Het cijfer voor dit vak telt dan mee in het combinatiecijfer (volgens artikel 3.34, tweede lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020).
Vrijstelling of ontheffing vwo en havo op de cijferlijst
Ontheffing van een taal
Indien in het atheneum op grond van artikel 2.9, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020, ontheffing is verleend voor het volgen van een taal, waarbij de taal moet worden vervangen door een ander examenvak, dan wordt dat vervangende examenvak vermeld op de cijferlijst in plaats van de taal (dus in het gemeenschappelijke deel).
Vrijstelling van maatschappijleer of ckv
Indien een examenkandidaat vwo in het bezit is van een diploma havo, en vrijstelling is verleend voor maatschappijleer wordt het vak maatschappijleer niet vermeld op de cijferlijst vwo. Hetzelfde geld voor een kandidaat vwo (atheneum) in het bezit is van een diploma havo, en vrijstelling is verleend voor ckv. Het vak ckv wordt in dat geval ook niet vermeld op de cijferlijst vwo (atheneum).
Vermelding van vrijstelling aan vavo/staatsexamen voor eerder behaalde vakken.
Hierop bestaat een uitzondering indien de examenkandidaat zijn profielwerkstuk volgens de ‘oude profielen’ heeft gemaakt, dat is beoordeeld als ‘voldoende’ of ‘goed’, en vervolgens het diploma volgens de ‘nieuwe profielen’ aan het vavo of met het staatsexamen wil behalen. Het volgende is dan mogelijk:
•
in plaats van de vermelding van het eerder behaalde cijfer wordt achter het profielwerkstuk ‘vr’ vermeld,
•
het profielwerkstuk wordt opnieuw gewaardeerd, of
•
de examenkandidaat maakt geen gebruik van zijn vrijstellingsrecht en levert een nieuw profielwerkstuk in.
Er wordt vervolgens óók achter ‘het combinatiecijfer’ ‘vr’ vermeld wanneer er:
•
zoals hierboven beschreven achter het profielwerkstuk ‘vr’ wordt vermeld
•
het vak maatschappijleer geen deel hoeft maken van het eindexamen/staatsexamen,
•
daarnaast ook geen aanvullende onderdelen deel uitmaken van het combinatiecijfer,
Vrijstelling op basis van eerder behaalde resultaten op een hoger niveau
De artikelen 3.42, 3.43, 3.71 c.q. artikel 4.27 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020, regelen dat de vakken waarvoor de examenkandidaat (met diploma) in het havo of vwo is vrijgesteld op grond van eerder afgelegd examen worden vermeld op de cijferlijst met overname van de eerder behaalde resultaten.
Vermelding bij twee kunstvakken (die naast elkaar gekozen mogen worden)
Indien de examenkandidaat met het profiel cultuur en maatschappij zowel in het profieldeel én in het vrije deel eindexamen aflegt in een van de vakken kunst (beeldende vormgeving, muziek, drama of dans), wordt bij het vak dat in het vrije deel staat het onderdeel kunst (algemeen) in het examen (en dus het centraal examen) vervangen door aanvullende verdiepende en/of verbredende onderdelen op het gebied van kunst als onderdeel van het schoolexamen. De onderdelen die het onderdeel kunst (algemeen) in het examen vervangen hebben een minimale normatieve studielast van 120 (havo) of 160 (vwo) studie klokuren. Omdat er voor dit kunstvak geen centraal examen is, wordt op de cijferlijst voor dit kunstvak alleen het cijfer voor het schoolexamen vermeld.
Leerwegen vmbo
Leerwegen vmbo
Diploma vmbo
Op het diploma wordt niet alleen de leerweg, maar ook het profiel/de profielen vermeld. Dit houdt in dat op de regel die volgt na ‘aan het eindexamen/staatsexamen’ de officiële naam van de betreffende leerweg wordt ingevuld met daar achter ‘conform het profiel/de profielen’ met vermelding van de officiële naam/de namen van het profiel/de gevolgde profielen, zoals genoemd in:
Indien de examenkandidaat slaagt voor meer dan één profiel, dan wordt ook de naam het andere profiel dan wel de andere profielen vermeld.
Een examenkandidaat die de gemengde leerweg met goed gevolg heeft afgesloten op een scholengemeenschap die ook een school voor mavo omvat en daarnaast met een extra algemeen vak heeft afgerond kan op zijn verzoek een diploma vmbo theoretische leerweg ontvangen en een bijbehorende cijferlijst; zie artikel 3.45 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020.
Het eindexamen van de theoretische leerweg kan, op grond van artikel 2.24, vijfde lid, onderdeel b, van de WVO 2020 en artikel 3.4, vierde lid, onderdeel b van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020, een extra vak omvatten dat behoort tot het eindexamen van de gemengde leerweg. Extra vakken kunnen vermeld worden op de cijferlijst bij de theoretische leerweg. In de theoretische leerweg tellen extra beroepsgerichte keuzevakken alleen mee in de uitslagbepaling als die vakken samen een beroepsgericht programma in de gemengde leerweg vormen.
Indien een examenkandidaat ingevolge de artikelen 3.48 of 4.31 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020 is geslaagd met toekenning van het judicium cum laude, wordt het judicium cum laude vermeld op het diploma van deze examenkandidaat.
Op het diploma worden alleen vakken op een hoger niveau vermeld wanneer deze meetellen bij de bepaling van de uitslag van het betreffende diploma.
Naar aanleiding van het advies van de Onderwijsraad inzake het Wetsvoorstel NLQF wordt op de diploma’s naast het vmbo niveau en leerweg ook het corresponderend NLQF/EQF-niveau vermeld.
•
Voor het vmbo-bb wordt als NLQF/EQF-niveau vermeld: NLQF1/EQF1
•
Voor het vmbo-kb, gl en tl wordt als NLQF/EQF-niveau vermeld: NLQF2/EQF2
Op de diploma’s moet per leerweg het passende NLQF/EQF-niveau vermeld worden, het andere niveau moet worden verwijderd/ongeldig worden gemaakt.
Er wordt geen NLQF/EQF-niveau vermeld voor onderdelen van opleidingen.
Cijferlijsten vmbo
Voor:
•
de verdeling van de vakken/onderdelen en het aantal behorend tot het gemeenschappelijk, profiel- en (het minimum aantal van het) vrije deel,
•
welke vakken deel moeten/mogen uitmaken van een eindexamen/staatsexamen vmbo en worden vermeld op de cijferlijst,
Alle andere vermeldingen dan de vermeldingen genoemd in bovenstaande artikelen, maken de cijferlijst ongeldig.
Profielwerkstuk
De vermelding van ‘thema of titel van profielwerkstuk’ is alleen voor de theoretische en de gemengde leerweg van toepassing en dient bij de basis- en kaderberoepsgerichte leerweg weggelaten te worden. Het profielwerkstuk krijgt een plaats in de daarvoor bestemde regel, onder vermelding van het thema of de titel ervan.
Combinatiecijfer
Onder de ‘vakken van het vrije deel’ wordt ‘het combinatiecijfer’ genoemd. Net als in havo/vwo al langer het geval is, is er voor elke leerweg van het vmbo bepaald dat de eindcijfers voor de kleine vakken, in het geval van het vmbo bepaalde onderdelen van het beroepsgerichte examenprogramma, worden gecombineerd tot één combinatiecijfer, zodat deze vakken op een evenredige wijze met de eindcijfers voor grotere vakken kunnen meewegen in de uitslagbepaling:
•
In de basis- en de kaderberoepsgerichte leerweg wordt het combinatiecijfer gevormd door het rekenkundig gemiddelde van de eindcijfers voor de vier (of naar keuze meer) gevolgde beroepsgerichte keuzevakken.
•
In de gemengde leerweg wordt het combinatiecijfer gevormd door het rekenkundige gemiddelde van het eindcijfer profielvak en de eindcijfers voor de twee (of naar keuze meer) gevolgde beroepsgerichte keuzevakken. Het eindcijfer profielvak telt in deze berekening net zo vaak mee als het aantal eindcijfers van de beroepsgerichte vakken dat in de berekening wordt betrokken.
Het combinatiecijfer wordt achter ‘combinatiecijfer’ aangemerkt als één vak conform het rekenkundig gemiddelde van de afgeronde eindcijfers van de betreffende vakken/onderdelen. Het eindcijfer voor dit vak wordt afgerond vermeld op de cijferlijst (in een cijfer en een letter).
Deze afronding gebeurt overeenkomstig de vaststelling van het eindcijfer per vak, door het eerste cijfer achter de komma naar beneden af te ronden indien dat een 4 of lager is en naar boven, indien dat cijfer een 5 of hoger is (een 5,5 wordt dus een 6 en een 5,45 wordt een 5) (zie artikel 3.35, vijfde lid, en artikel 4.21, vijfde lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020).
Achter het ‘combinatiecijfer’ (tot slot van het vrije deel) is een asterisk *) opgenomen die verwijst naar de (beroepsgerichte keuze-)vakken/onderdelen die deel uitmaken van het combinatiecijfer (zie artikel 3.35, tweede en derde lid en artikel 4.21, derde en vierde lid, van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020), welke onder aan de cijferlijst worden genoemd. Onder ‘*) onderdelen van het combinatiecijfer’ worden de betreffende vakken/onderdelen opgenomen met vermelding van het afgeronde cijfer en het(zelfde) afgeronde eindcijfer (in een cijfer en in letters).
Indien een vmbo-tl leerling het volledige beroepsgerichte programma heeft gevolgd zoals aangeboden in het vmbo-gl, wordt er zoals gebeurd bij vmbo-gl een combinatiecijfer vastgesteld dat meetelt in de uitslagbepaling. De vakken die tezamen het combinatiecijfer vormen, worden op de cijferlijst vermeld in het vrije deel.
Vermelding leerweg én profiel(en)
Ook op de cijferlijst wordt nu in het tekstgedeelte boven de cijfer-/beoordelingstabel achter de regel ‘heeft deelgenomen aan het eindexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs’ de leerweg conform het profiel vermeld.
In het geval een examenkandidaat kan slagen voor twee of meer profielen, wordt voor elk profiel afzonderlijk een cijferlijst afgegeven. Om te kunnen slagen voor twee of meer profielen is het overigens voldoende om voor één profiel een profielwerkstuk te hebben gemaakt. Als dat profielwerkstuk ‘past’ in de betreffende profielen, wordt het op elk van de cijferlijsten vermeld. Als het in één profiel niet past, wordt in de desbetreffende ruimte vermeld: n.v.t.
Op de voorlopige cijferlijst wordt geen profiel vermeld.
Vak op hoger niveau
Indien toepassing is gegeven aan de mogelijkheid één of meer vakken op een hoger niveau af te sluiten, dan wordt achter de desbetreffende vaknaam (uit dat niveau) tussen haakjes de leerweg (kb, gl of tl) of schoolsoort (vwo of havo), afgekort vermeld op de cijferlijst.
De vakken waarvoor de examenkandidaat met een diploma basis- of kaderberoepsgerichte leerweg in de theoretische leerweg is vrijgesteld op grond van een eerder afgelegd examen in vakken van de theoretische leerweg of vwo/havo, worden op de cijferlijst vermeld met overname van de eerder behaalde resultaten (artikelen 3.42, 3.43, 4.27 en 4.28 van het Uitvoeringsbesluit WVO 2020).
Leer-werktraject
Indien het een leer-werktraject van de basisberoepsgerichte leerweg betreft, worden minimaal de cijfers van het vak Nederlandse taal (gemeenschappelijk deel) en het beroepsgerichte programma (vrije deel) vermeld (zie artikel 2.103, vierde lid, van de WVO 2020).
Certificaat vmbo
Omdat op dit certificaat geen niveau aanduiding staat en leerlingen vakken op hoger niveau gevolgd kunnen hebben, wordt achter ieder vak tussen haakjes het niveau vermeld.
Bijlage
2a
behorend bij de Regeling modellen diploma’s VO BES
Doorhalingen en/of wijzigingen maken deze cijferlijst ongeldig.
Bijlage
4c
behorend bij de Regeling modellen diploma’s VO BES
VOORLOPIGE CIJFERLIJST
VOORBEREIDEND MIDDELBAAR BEROEPSONDERWIJS
De ondergetekenden verklaren dat ..............................................................................,
geboren .................................... te ...........................................................................,
heeft deelgenomen aan een examen in een of meer vakken van het eindexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs ..............................................................................
aan ..............................................................................................................................
te ...........................................................................................................................
geboren ...................................... te .........................................................,
van ........................... tot ..............................................................................
met gunstig gevolg heeft deelgenomen aan het praktijkonderwijs als bedoeld in artikel 2.8 van de Wet voortgezet onderwijs 2020 gevolgd aan ..................................................................................................................
te .........................................................................................................
Plaats ............................................................
Datum ............................................................
Doorhalingen en/of wijzigingen maken deze cijferlijst ongeldig.
Bijlage
8c
behorend bij de Regeling modellen diploma’s VO BES
CIJFERLIJST
DEELEINDEXAMEN
VOORBEREIDEND MIDDELBAAR BEROEPSONDERWIJS
THEORETISCHE LEERWEG
De ondergetekenden verklaren dat .................................................................................,
geboren .................................. te ...........................................................................,
heeft deelgenomen aan het deeleindexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs theoretische leerweg aan de opleiding vavo van ..................................................................................
te ........................................................................................................................
Doorhalingen en/of wijzigingen maken dit diploma ongeldig.
Bijlage
10b2
behorend bij de Regeling modellen diploma's VO BES
DIPLOMA
STAATSEXAMEN
HOGER ALGEMEEN VOORTGEZET ONDERWIJS
MET VAK(KEN) OP EEN HOGER NIVEAU
Het College voor toetsen en examens, bedoeld in artikel 2 van de Wet College voor toetsen en examens, verklaart dat .............................................................................................,
geboren ........................ te ........................................................................,
met gunstig gevolg heeft deelgenomen aan het staatsexamen hoger algemeen voortgezet onderwijs
conform het profiel/de profielen ..............................................................................,
Doorhalingen en/of wijzigingen maken dit diploma ongeldig.
Bijlage
10b3
behorend bij de Regeling modellen diploma's VO BES
DIPLOMA
STAATSEXAMEN
HOGER ALGEMEEN VOORTGEZET ONDERWIJS
CUM LAUDE
MET VAK(KEN) OP EEN HOGER NIVEAU
Het College voor toetsen en examens, bedoeld in artikel 2 van de Wet College voor toetsen en examens, verklaart dat ...................................................................................................,
geboren ........................ te ..................................................................,
met gunstig gevolg heeft deelgenomen aan het staatsexamen hoger algemeen voortgezet onderwijs
conform het profiel/de profielen ....................................................................................,
Doorhalingen en/of wijzigingen maken dit diploma ongeldig.
Bijlage
10c
behorend bij de Regeling modellen diploma’s VO BES
DIPLOMA
STAATSEXAMEN
VOORBEREIDEND MIDDELBAAR BEROEPSONDERWIJS
Het College voor toetsen en examens, bedoeld in artikel 2 van de Wet College voor toetsen en examens, verklaart dat ..................................................................................................................,
geboren ........................ te ...........................................................................,
met gunstig gevolg heeft deelgenomen aan het staatsexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs
Doorhalingen en/of wijzigingen maken dit diploma ongeldig.
Bijlage
10c1
behorend bij de Regeling modellen diploma’s VO BES
DIPLOMA
STAATSEXAMEN
VOORBEREIDEND MIDDELBAAR BEROEPSONDERWIJS
CUM LAUDE
Het College voor toetsen en examens, bedoeld in artikel 2 van de Wet College voor toetsen en examens, verklaart dat ......................................................................................................,
geboren ........................ te .....................................................................,
met gunstig gevolg heeft deelgenomen aan het staatsexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs
Doorhalingen en/of wijzigingen maken dit diploma ongeldig.
Bijlage
10c2
behorend bij de Regeling modellen diploma's VO BES
DIPLOMA
STAATSEXAMEN
VOORBEREIDEND MIDDELBAAR BEROEPSONDERWIJSMET VAK(KEN) OP EEN HOGER NIVEAU
Het College voor toetsen en examens, bedoeld in artikel 2 van de Wet College voor toetsen en examens, verklaart dat ................................................................................................,
geboren ........................ te ........................................................................,
met gunstig gevolg heeft deelgenomen aan het staatsexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs ..........................................................................................
conform het profiel/de profielen ..............................................................................,
Doorhalingen en/of wijzigingen maken dit diploma ongeldig.
Bijlage
10c3
behorend bij de Regeling modellen diploma's VO BES
DIPLOMA
STAATSEXAMEN
VOORBEREIDEND BEROEPSONDERWIJS
CUM LAUDE
MET VAK(KEN) OP EEN HOGER NIVEAU
Het College voor toetsen en examens, bedoeld in artikel 2 van de Wet College voor toetsen en examens, verklaart dat ...............................................................................................................,
geboren ........................ te ..........................................................................................,
met gunstig gevolg heeft deelgenomen aan het staatsexamen voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs ...................................................................................................
geboren ..................... te ....................................................................................,
recht heeft op ontheffing bij het verwerven van het diploma .......................................................................................voor de onderstaande vakken (het onderstaande vak)
Dit bewijs is gebaseerd op de hieronder genoemde documenten (het hieronder genoemde document), die (dat) betrekking hebben (heeft) op een onderwijs- of examenprestatie op het daarbij aangegeven tijdstip: