Besluit van het bestuur van het Productschap Vee en Vlees van 30 juni 2011 houdende vaststelling van minimumeisen voor een bedrijfsgezondheidsplan en een bedrijfsbehandelplan in het kader van de Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011 (Besluit vaststelling minimumeisen bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011)

Besluit vaststelling minimumeisen bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011

Het bestuur van het productschap Vee en Vlees;
Gehoord het advies van de Commissie diergezondheid en -kwaliteit Runderen,

Besluit:

Artikel

2

Zoetermeer
S.W.A. Lak voorzitter S.B.M. Jongerius secretaris

Bijlage

bij het Besluit vaststelling minimumeisen bedrijfsgezondheidsplan en bedrijfsbehandelplan Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011

Op grond van artikel 3, eerste lid, van de Verordening registratie en verantwoording antibioticagebruik rundersector (PVV) 2011 worden de volgende minimumeisen gesteld aan het bedrijfsgezondheidsplan en het bedrijfsbehandelplan:

 

Voor het bedrijfsgezondheidsplan gelden de volgende minimumeisen:

  • a.

    Het document heeft duidelijk als titel: Bedrijfsgezondheidsplan;

  • b.

    De naam en handtekening van de houder, van de betrokken dierenarts en van eventuele (bedrijfs)adviseurs worden geplaatst;

  • c.

    Het UBN van het bedrijf en de datum van het opstellen van de plannen worden vermeld;

  • d.

    De periodieke bedrijfsbegeleiding wordt vastgelegd (waaronder de relevante data, bevindingen en actiepunten);

  • e.

    Het aantal volwassen runderen en het aantal stuks jongvee aanwezig op het bedrijf worden vermeld;

  • f.

    Vermeld worden de meest voorkomende aandoeningen (bijvoorbeeld bacteriële infecties) en ziektes die in het afgelopen jaar op het UBN zijn geconstateerd en bij welke dieren dit is geconstateerd. In ieder geval worden vermeld het aantal runderen met klinische mastitis (melkvee), met klauwaandoeningen, dat aan de nageboorte heeft gestaan, het aantal runderen met acute of chronische baarmoederontsteking en met (slepende) melkziekte;

  • g.

    Informatie over het tankmelkcelgetal wordt weergegeven;

  • h.

    Het aantal jongveedieren met diarree, longontsteking of navelontsteking wordt vermeld;

  • i.

    De data en rapportages van de klinische inspecties worden weergegeven;

  • j.

    Eventuele monstername en de uitslagen van gericht laboratoriumonderzoek worden vermeld;

  • k.

    In geval van selectie van dieren voor nader onderzoek wordt de reden hiervan weergegeven;

  • l.

    In geval van toegepaste euthanasie wordt dit in het plan aangegeven;

  • m.

    Managementmaatregelen op het gebied van algemene hygiëne-eisen, huisvesting en voeding (bereiding en verstrekking) worden vastgelegd;

  • n.

    Veterinaire handelingen die de houder zelf verricht worden vermeld;

  • o.

    Gegevens inzake de diergeneesmiddelen (bewaartermijn en bewaarklimaat, doseringen, therapietrouw, aanprikdatum, houdbaarrheid en vervaldata) en hulpmiddelen (injectiemateriaal, handschoenen, mondkapjes en dergelijke) worden vastgelegd.

 

Voor het bedrijfsbehandelplan gelden de volgende mlnimumeisen:

  • a.

    Het document heeft duidelijk als titel: Bedrijfsbehandelplan;

  • b.

    De naam en handtekening van de houder, van de betrokken dierenarts en van eventuele (bedrijfs)adviseurs worden geplaatst;

  • c.

    Het UBN van het bedrijf en de datum van het opstellen van de plannen worden vermeld;

  • d.

    De periodieke bedrijfsbegeleiding wordt vastgelegd (waaronder de relevante data, bevindingen en actiepunten); Voor minimaal de volgende aandoeningen/indicaties wordt de standaard behandeling voor het bedrijf beschreven:

    • bij volwassen runderen (ouder dan 2 jaar): klinische en subklinische mastitis, droogzetten, baarmoederproblemen, aan de nageboorte staan, acute baarmoederontsteking, witvuilen, klauwaandoeningen en melkziekte al dan niet slepend;

    • bij jongvee (tot 2 jaar): diarree, longontsteking, navelontsteking en klauwaandoeningen;

  • e.

    Per aandoening wordt het middel (merknaam of werkzame stof), de dosering, de toedieningswijze, en -frequentie, de behandelingsduur en de wachttijden voor melk- en vleesproductie aangegeven;

  • f.

    Derde keusmiddelen mogen niet worden opgenomen in het bedrijfsbehandelplan;

  • g.

    Indien na evaluatie blijkt dat het bedrijfsbehandelplan niet hoeft te worden gewijzigd, wordt dit in het bedrijfsbehandelplan aangetekend (inclusief ondertekeningen) door de dierenarts en houder.