Wet van 21 juni 2012 tot wijziging van de Wet ruimtelijke ordening en enige andere wetten (voorzien in een wettelijke grondslag voor provinciaal medebewind en voor de mogelijkheid tot afwijking van algemene regels)

Wijzigingswet Wet ruimtelijke ordening, enz. (voorzien in wettelijke grondslag voor provinciaal medebewind en mogelijkheid tot afwijking van algemene regels)

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het voor het vorderen van medebewind van de provinciebesturen voor de behartiging van nationale ruimtelijke belangen, alsmede voor het voorzien in de mogelijkheid tot afwijking van bij algemene maatregel van bestuur of provinciale verordening gestelde regels, wenselijk is de Wet ruimtelijke ordening en enige andere wetten aan te passen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Wijzigt de Wet ruimtelijke ordening.

Artikel

II

[vervallen]

Artikel

III

Wijzigt de Crisis- en herstelwet.

Artikel

IVa

Wijzigt de Wet ruimtelijke ordening en deze wet.

Artikel

V

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te

’s-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Infrastructuur en Milieu, M. H. Schultz van Haegen-Maas Geesteranus
De Minister van Veiligheid en Justitie, I. W. Opstelten