-
a.
besluitvorming tot het aanstellen, het bevorderen, het schorsen, het opleggen van disciplinaire maatregelen en het ontslaan van ambtenaren die zijn of worden geplaatst bij het politiekorps;
-
b.
besluitvorming omtrent bezoldiging en het toekennen van vergoedingen en toelagen van ambtenaren die zijn of worden geplaatst bij het politiekorps;
-
c.
de beëdiging van ambtenaren van politie die zijn geplaatst bij het politiekorps;
-
d.
het voeren van functioneringsgesprekken en de daarop gebaseerde beoordelingen van de ambtenaren die zijn geplaatst bij het politiekorps;
-
e.
het toekennen en intrekken van enigerlei vorm van vakantie en verlof aan ambtenaren die zijn geplaatst bij het politiekorps;
-
f.
het vertegenwoordigen van de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties namens de Staat der Nederlanden in gerechtelijke procedures met betrekking tot een personele aangelegenheid van het politiekorps;
-
g.
het uitreiken, registreren en innemen van politielegitimatiebewijzen als bedoeld in de Regeling politielegitimatiebewijs BES;
-
h.
het verrichten van een verzoek om bijstand op grond van artikel 38 van de Rijkswet politie, alsmede het beslissen op een verzoek om bijstand op grond van artikel 38 van de Rijkswet politie in geval van een verzoek daartoe van de Minister van Justitie van Curaçao of van Sint Maarten;
-
i.
het namens de korpsbeheerder voeren van het overleg als bedoeld in artikel 48, vijfde lid, van de Rijkswet politie met de procureur-generaal, bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Rijkswet openbare ministeries van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, en de korpschef over het beheer van de politie;
-
j.
het sluiten van dienstverleningsovereenkomsten met derden ten behoeve van het politiekorps.