Artikel
1
Een gerechtsdeurwaarder in de zin van artikel 1, onder c, van de Gerechtsdeurwaarderswet kan gelden van een onbekende debiteur consigneren in de consignatiekas, mits deze gelden langer dan één jaar geleden door hem zijn ontvangen.
Besluit:
Een gerechtsdeurwaarder in de zin van artikel 1, onder c, van de Gerechtsdeurwaarderswet kan gelden van een onbekende debiteur consigneren in de consignatiekas, mits deze gelden langer dan één jaar geleden door hem zijn ontvangen.
Een gerechtsdeurwaarder kan slechts eenmaal per jaar overgaan tot het consigneren van het totale bedrag van de onder artikel 1 genoemde gelden.
Indien aan een gerechtsdeurwaardersonderneming meer dan één gerechtsdeurwaarder verbonden is, kan per onderneming slechts één gerechtsdeurwaarder overgaan tot de consignatie als bedoeld in artikel 1.
Indien er bij de beheerder van de consignatiekas een verzoek om uitkering wordt ingediend, wordt dit verzoek voor advies voorgelegd aan de gerechtsdeurwaarder die de gelden heeft geconsigneerd. Indien deze gerechtsdeurwaarder onderdeel uitmaakt of uitmaakte van een onderneming, dan zal dit verzoek aan deze onderneming worden voorgelegd.
Deze regeling treedt in werking met ingang van de dag na de datum van de Staatscourant waarin zij wordt geplaatst.
Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.