Artikel
1
Als zittingsplaatsen van de volgende rechtbanken worden aangewezen:
-
a.
rechtbank Amsterdam: Amsterdam;
-
b.
rechtbank Den Haag: Gouda, ’s-Gravenhage en Leiden;
-
c.
rechtbank Limburg: Maastricht en Roermond;
-
d.
rechtbank Midden-Nederland: Almere, Amersfoort, Lelystad en Utrecht;
-
e.
rechtbank Noord-Holland: Alkmaar, Haarlem, Haarlemmermeer en Zaanstad;
-
f.
rechtbank Noord-Nederland: Assen, Groningen en Leeuwarden;
-
g.
rechtbank Oost-Brabant: Eindhoven en ‘s-Hertogenbosch;
-
h.
rechtbank Oost-Nederland: Almelo, Apeldoorn, Arnhem, Enschede, Nijmegen, Zutphen en Zwolle;
-
i.
rechtbank Rotterdam: Dordrecht en Rotterdam;
-
j.
rechtbank Zeeland-West-Brabant: Bergen op Zoom, Breda, Middelburg en Tilburg.