Verordening van het Productschap Pluimvee en Eieren van 6 september 2012 houdende regels inzake onderzoek naar de aanwezigheid van Mycoplasma gallisepticum, Mycoplasma synoviae en Mycoplasma meleagridis in de pluimveesector (Verordening onderzoek Mycoplasma gallisepticum, Mycoplasma synoviae en Mycoplasma meleagridis in de pluimveesector (PPE) 2012)

Verordening onderzoek Mycoplasma gallisepticum, Mycoplasma synoviae en Mycoplasma meleagridis in de pluimveesector (PPE) 2012

1

Begripsbepalingen

Artikel

1

In deze verordening worden de begripsbepalingen overgenomen als omschreven in artikel 1. van de Verordening identificatie en registratie van pluimveebedrijven en levend pluimvee (PPE) 2012, daarnaast wordt verstaan onder:

a. M.g.

:

Mycoplasma gallisepticum;

b. M.s.

:

Mycoplasma synoviae;

c. M.m.

:

Mycoplasma meleagridis;

d. moederdieren

:

vrouwelijke ouderdieren van leg- en vleesrassen kippen;

e. fokbedrijf

:

inrichting die zich toelegt op de productie van broedeieren bestemd voor de productie van pluimvee dat bestemd is voor de productie van broedeieren;

f. vermeerderingsbedrijf

:

inrichting die zich toelegt op de productie van broedeieren bestemd voor de productie van pluimvee dat wordt opgefokt voor de productie van vlees en/of van consumptie-eieren;

g. leghennenbedrijf

:

inrichting die zich toelegt op de productie van kippeneieren;

h. vleeskalkoenbedrijf

:

inrichting die zich toelegt op het houden en opfokken van voor de slacht bestemde vleeskalkoenen;

i. PCR test

:

polymere chain reaction test.

2

Toepassingsgebied

Artikel

2

Deze verordening is voor M.g., M.s. respectievelijk M.m. slechts van toepassing op de volgende pluimveesoorten:

M.g.

:

kippen, kalkoenen;

M.s.

:

kippen en kalkoenen;

M.m.

:

kalkoenen.

3

Verplichtingen

Artikel

3

  • a.

    Ondernemers die een fokbedrijf, een vermeerderingsbedrijf, een leghennenbedrijf, een vleeskalkoenbedrijf dan wel een opfokbedrijf uitoefenen, zijn verplicht de desbetreffende op het pluimveebedrijf aanwezige soorten pluimvee op de aanwezigheid van M.g. en M.s. te laten onderzoeken volgens een door het bestuur bij besluit vastgesteld programma.

  • b.

    Ondernemers die kalkoenen houden zijn verplicht de desbetreffende op het pluimveebedrijf aanwezige soorten kalkoenen op de aanwezigheid van M.m. te laten onderzoeken volgens een door het bestuur bij besluit vastgesteld programma.

  • c.

    Ondernemers die een fokbedrijf, opfokbedrijf, vermeerderingsbedrijf, leghennenbedrijf, vleeskalkoenbedrijf dan wel een kuikenbroederij uitoefenen zijn verplicht:

    • zich te houden aan de door het bestuur bij besluit nader vastgestelde regels inzake de Mycoplasmosebestrijding;

    • het door het bestuur bij besluit vastgestelde onderzoek op eigen kosten te laten verrichten;

    • bedrijfsbezoeken toe te staan van een in het kader van deze verordening door de voorzitter ingeschakelde (rechts)persoon en het op grond van een bedrijfsbezoek uitgebrachte advies in acht te nemen;

    • in het kader van het verplichte bedrijfsbezoek vóór het betreden van de hokken schone bedrijfskleding ter beschikking te stellen.

  • d.

    Ondernemers die een kuikenbroederij uitoefenen is het slechts toegestaan broedeieren afkomstig van aantoonbaar M.g. en M.m.-vrije koppels in te leggen;

  • e.

    Ondernemers die een leghennenbedrijf uitoefenen zijn verplicht, indien het laatst geslachte koppel besmet is met M.g. en in het geval (een deel van) dit pluimvee nog op het bedrijf aanwezig is, uitsluitend tegen M.g. gevaccineerd pluimvee op te zetten.

Artikel

4

Artikel

5

Indien blijkt dat op een vermeerderingsbedrijf van kippen of een opfokbedrijf dat zich toelegt op het opfokken van kuikens, afkomstig van kippen, tot geslachtsrijpe ouderdieren, een zodanige besmetting met M.g. voorkomt, dat van de aflevering van broedeieren of pluimvee van dat pluimveebedrijf naar het oordeel van de voorzitter besmetting van de pluimveestapel van de afnemers kan worden verwacht en de betrokken ondernemer daarvan schriftelijk mededeling is gedaan, is het die ondernemer verboden, tot een in die schriftelijke mededeling vermelde datum, materiaal, eieren en pluimvee van het met M.g. besmet bevonden koppel af te leveren, anders dan met inachtneming van door de voorzitter nader te stellen voorwaarden.

Artikel

6

Het opnieuw plaatsen van pluimvee in hokken van pluimveebedrijven als bedoeld in artikel 5 is slechts dan toegestaan als de betreffende dieren zijn geruimd en de reiniging en ontsmetting van het (de) betreffende hok(ken) en omgeving heeft plaatsgevonden overeenkomstig de richtlijnen als door het bestuur bij besluit vastgesteld, en de betrokken ondernemer daarvan schriftelijk mededeling van de voorzitter heeft ontvangen.

4

Toezicht

Artikel

7

5

Handhaving

6

Gegevensverstrekking

Artikel

9

7

Uitvoeringsbesluiten

8

Citeerwijze en publicatie

Artikel

11

Zoetermeer
B.J. Krouwel voorzitter B.M. Dellaert secretaris