Besluit van de Directeur-Generaal van Rijkswaterstaat en de Minister van Infrastructuur en Milieu houdende de verlening van mandaat voor het uitvoeren van de nautische rijkstaken in het Noordzeekanaalgebied aan de directeur van het openbaar lichaam Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied (Besluit mandaat nautische rijkstaken Noordzeekanaalgebied 2013)

Besluit mandaat nautische rijkstaken Noordzeekanaalgebied 2013

De Minister van Infrastructuur en Milieu en de Directeur-Generaal van Rijkswaterstaat,
Gelet op:
  • De overeenkomst tussen Minister van Verkeer en Waterstaat en het openbaar lichaam Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied inhoudende de regeling van het nautische beheer in het Noordzeekanaalgebied (Overeenkomst d.d. 21 april 1994);

Overwegende dat:
  • De Minister van Infrastructuur en Milieu verantwoordelijk is voor de verkeersbegeleiding van de scheepvaart (zeescheepvaart, binnenvaart en recreatievaart) die plaats vindt in het Noordzeekanaalgebied, te weten het aanloopgebied IJmuiden, de Noordzeesluizen te IJmuiden en het Noordzeekanaal en de vaarweg van het IJ tot de Oranjesluizen te Schellingwoude.

  • De Directeur-Generaal Rijkswaterstaat bevoegd is de Minister van Infrastructuur en Milieu te vertegenwoordigen op grond van het Organisatie- en mandaatbesluit Infrastructuur en Milieu 2012.

  • Het Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied al sinds 1994 de taken en bevoegdheden die in dit besluit zijn vermeld, in het Noordzeekanaal in mandaat uitoefent.

  • De directeur van het Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied tevens onbezoldigd rijksambtenaar van het directoraat-generaal Rijkswaterstaat is.

  • De directeur van het Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied tevens gemeentelijk Havenmeester Amsterdam is.

  • Aanleiding voor dit mandaatbesluit is de wens van de directeur-generaal Rijkswaterstaat om het mandaat van de bij hem belegde nautische taken en bevoegdheden in het Noordzeekanaalgebied op grond van diverse regelingen in één geïntegreerd besluit vast te leggen. Beoogd wordt een helder overzicht op de uitvoering van het mandaat en een duidelijke verantwoording te garanderen.

  • De raad van de gemeente Amsterdam op 29 november 2012 besloten heeft dat Haven Amsterdam in 2013 verzelfstandigd wordt. En in het verlengde daarvan besloten heeft dat de Havenmeester Amsterdam binnen het verzelfstandigd havenbedrijf zijn zelfstandige positie behoudt en hiërarchisch verantwoordelijk blijft voor het aansturen en functioneren van de betreffende nautische medewerkers.

  • Dit besluit aangeeft welke bevoegdheden en taken onderwerp zijn van het mandaat.

Besluit:

Artikel

1

Mandaatverlening

Artikel

2

Noordzeekanaalgebied

Onder Noordzeekanaalgebied, mandaatgebied voor de rijkstaken, wordt verstaan:

  • 1e

    het aanloopgebied IJmuiden gevormd door: het gedeelte van de territoriale zee dat ligt binnen het gebied, begrensd door een lijn die loopt van de positie 52°27´.9 N 004°32´.1 E (referentiepunt), naar positie 52°16´.3N 004°26´1E, vandaar in een zeewaarts gerichte boog met een straal van 12 zeemijlen gerekend vanuit het referentiepunt naar positie 52 °39´.3 N 004°36´.9 E, vanuit de koppen van de havenhoofden te IJmuiden, inclusief de verlengde IJgeul en de huidige en toekomstige aangewezen ankergebieden 6 (A, B en C), 7 en 8 (ankergebied deels gelegen binnen de 12 mijlszone);

  • 2e

    het Buitenhavencomplex van IJmuiden vanaf de koppen van de havenhoofden tot aan het sluizencomplex te IJmuiden, incl. Hoogovenbuitenhaven en Buitenspuikanaal, excl. Haven Seaport Marina, IJmondhaven, Haringhaven en Vissershaven;

  • 3e

    het Noordzeesluizencomplex te IJmuiden, excl. het Gemaal en de Spuisluizen;

  • 4e

    de Binnentoeleidingskanalen voor het Noordzeesluizencomplex te IJmuiden, met uitzondering van de loswallen 2 t/m 7;

  • 5e

    de 1e, 2e, 3e Rijksbinnenhaven, het Binnenkanaal tot aan het eerste kunstwerk, alsmede het Binnenspuikanaal tot aan de pijlers van de voormalige baileybrug te IJmuiden;

  • 6e

    de zijkanalen, vanaf het Noordzeekanaal tot de volgende begrenzing:

    Zijkanaal A de vaarwegbegrenzing

    Zijkanaal C de denkbeeldig doorgetrokken oeverlijn

    Zijkanaal D de denkbeeldig doorgetrokken oeverlijn

    Zijkanaal E de denkbeeldig doorgetrokken oeverlijn

    Zijkanaal G tot aan de grens waterstaatkundig beheer

    Zijkaneel H tot 100m achter de denkbeeldig doorgetrokken oeverlijn;

  • 7e

    het Noordzeekanaal en het Afgesloten IJ, overal tussen de vaarwegbegrenzing tenzij anders genoemd, incl. “Kruithaven”: van km 0 tot de denkbeeldige lijn door de boeien IJ10 – IJ11 aansluitend op de grens van het waterstaatkundig beheer (positie boei IJ10: 52°22´97 N 004°55´91 E of X: 123.916 Y: 488.431); Positie boei IJ11: 52°22´90 N 004°55´90 E of X:123.924 Y: 488.307).

Artikel

3

Bevoegdheden/taken

Scheepvaartverkeerswet (Svw)

Het namens het bevoegd gezag zorg dragen voor vlotte, veilige en milieuverantwoorde afwikkeling van het scheepvaartverkeer.

Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer (BABS)

Het namens het bevoegd gezag uitoefenen van de bevoegdheden als bedoeld in het Besluit administratieve bepalingen scheepvaartverkeer.

Binnenvaartpolitiereglement (BPR)

Het namens de bevoegde autoriteit BPR uitoefenen van de bevoegdheden.

Regeling vervoer gevaarlijke stoffen met zeeschepen (RVGZ)

Het namens de bevoegde plaatselijke autoriteit RVGZ uitoefenen van de bevoegdheden zoals aangegeven in het RVGZ.

Algemene wet besuursrecht (Awb)

Het namens het bevoegde gezag in spoedeisende gevallen opleggen van een last onder bestuursdwang zoals bedoeld in artikel 5:31 Awb.

Artikel

4

Voorschriften

Artikel

5

Aanwijzing toezichthouders

Aan te wijzen als toezichthouders in het kader van de uitoefening van de bevoegdheden zoals vermeld in artikel 3, de nautische medewerkers die onder de verantwoordelijkheid van Havenmeester Amsterdam vallen, met uitzondering van hen die alleen administratieve werkzaamheden uitoefenen.

Artikel

6

Bekendmaking

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst en werkt terug tot 1 april 2013.

Den Haag
De Minister van Infrastructuur en Milieu,
Namens deze:
De Directeur-Generaal Rijkswaterstaat,J.H.Dronkers