Besluit afdoening concentratiemeldingen d.m.v. verkort besluit

De directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit;

Besluit1Alvorens dit besluit te nemen, heeft de d-g NMa een voorstel hiertoe op de website van de NMa bekend gemaakt gedurende een consultatie-periode van een maand.:

Inleiding

Artikel

1

De raad van bestuur NMa acht het gewenst om concentratiemeldingen, in de zin van artikel 34 Mw, in bepaalde eenvoudige gevallen die geen juridische of mededingingsproblemen opleveren, door middel van een verkort besluit af te doen. Dit betekent dat de desbetreffende besluiten slechts summier, door middel van standaardzinnen, worden gemotiveerd.

Artikel

2

De bestuursrechtelijke randvoorwaarden bij de afdoening van concentratiemeldingen

De Mw (artikel 37) spreekt in verband met de afdoening van concentratiemeldingen over het doen van een mededeling. De raad van bestuur NMa gaat er echter van uit dat het daarbij gaat om besluiten in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb). Artikel 3:48, eerste lid, Awb biedt de mogelijkheid om de motivering van een besluit achterwege te laten indien redelijkerwijs kan worden aangenomen dat daaraan (uit een oogpunt van rechtsbescherming) geen behoefte bestaat. Echter, verzoekt een belanghebbende binnen een redelijke termijn om de motivering van dat besluit, dan moet deze zo spoedig mogelijk alsnog worden verstrekt (artikel 3:48, tweede lid, Awb).

Artikel

3

Voorwaarden voor afdoening bij verkort besluit

Artikel

4

De inhoud van een verkort besluit

Artikel

5

Volledigheid van de melding

De keuze voor afdoening bij verkort besluit betekent niet dat in de desbetreffende gevallen met een incomplete melding zou kunnen worden volstaan. Een melding moet alle gegevens bevatten die in het meldingsformulier worden gevraagd. Meldende partijen kunnen bevorderen dat een melding bij verkort besluit wordt afgedaan door gegevens te verstrekken over verschillende reëel mogelijke alternatieven ten aanzien van de marktafbakening en door het indienen van zo betrouwbaar mogelijke marktgegevens.

Artikel

6

Openbaarmaking van een verkort besluit

R.J.P. Jansen, plv. directeur-generaal van de Nederlandse mededingingsautoriteit.

Bijlage

1

1

Op dd maand jjjj heeft de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit een melding ontvangen van een voorgenomen concentratie in de zin van artikel 34 van de Mededingingswet. Hierin is medegedeeld dat

2

. Na onderzoek van de melding en de daarbij ingediende gegevens, is de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit tot de slotsom gekomen dat de gemelde operatie binnen de werkingssfeer van het in hoofdstuk 5 van de Mededingingswet geregelde concentratietoezicht valt. Hij heeft geen reden om aan te nemen dat als gevolg van die concentratie een economische machtspositie kan ontstaan of worden versterkt die tot gevolg heeft dat een daadwerkelijke mededinging op de Nederlandse markt of een deel daarvan op significante wijze wordt belemmerd, aangezien op grond van de ter beschikking staande gegevens met voldoende zekerheid kon worden vastgesteld dat (alternatief op te nemen tekstonderdeel):

  • er geen sprake is van een door de concentratie te beïnvloeden markt in de zin van artikel 1, sub h, van het Besluit gegevensverstrekking Mededingingswet (of)

  • de marktaandelen kleiner zijn dan 25% in de horizontale relatie en kleiner zijn dan 30% in de verticale relatie, en het uitgesloten is dat door de concentratie een machtspositie zou kunnen ontstaan of kunnen worden versterkt.

3

Gelet op het bovenstaande deelt de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit mede dat voor het tot stand brengen van de concentratie waarop de melding betrekking heeft, geen vergunning is vereist.

[eventuele nevenrestricties]

Datum:

De Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit,

namens deze:

J. Schönau

directeur Concentratiecontrole