Wet van 20 mei 1992, tot wijziging van de Winkelsluitingswet 1976

Wijzigingswet Winkelsluitingswet 1976

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Winkelsluitingswet 1976 zodanig te wijzigen dat de tijden, gedurende welke een winkel voor het publiek geopend mag zijn, worden verruimd en een aantal andere wijzigingen in deze wet aan te brengen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

Artikel

I

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

II

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

III

Bevat wijzigingen in andere regelgeving.

Artikel

IV

Artikel

V

Vanaf het tijdstip, bedoeld in artikel VII, tweede lid, tot het tijdstip, bedoeld in artikel VII, eerste lid, worden de voorschriften van de artikelen 7 en 8 van de Winkelsluitingswet 1976, van de algemene maatregelen van bestuur, vastgesteld op grond van de artikelen 10 en 11 van die wet, alsmede van de gemeentelijke verordeningen, vastgesteld op grond van de artikelen 9, 11 en 15a van die wet, zodanig toegepast dat, waar in die voorschriften met betrekking tot de zaterdag gesproken wordt van 17 uur, daarvoor wordt gelezen 18 uur en waar met betrekking tot andere werkdagen gesproken wordt van 18 uur daarvoor wordt gelezen 18.30 uur.

Artikel

VI

De tekst van de Winkelsluitingswet 1976 wordt door Onze Minister van Justitie in het Staatsblad geplaatst.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven te 's-Gravenhage
Beatrix
De Minister van Economische Zaken, J. E. Andriessen
De Minister van Justitie, E. M. H. Hirsch Ballin