Artikel
1
1
Voor de rechterlijk ambtenaar of de rechterlijk ambtenaar in opleiding die is benoemd of verkozen in een publiekrechtelijke college is artikel 2 van de regeling Taakduren lidmaatschap publiekrechtelijke colleges van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
-
a.
onder betrokkene wordt verstaan: de rechterlijk ambtenaar of rechterlijk ambtenaar in opleiding bedoeld in artikel 45, eerste lid, van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren;
-
b.
onder artikel 33a, eerste lid, van het Algemeen Rijksambtenarenreglement of artikel 57, eerste lid, van het Ambtenarenreglement Staten-Generaal wordt verstaan: artikel 38b van het Besluit rechtspositie rechterlijke ambtenaren.
2
De inhouding bedraagt niet meer dan wat de betrokkene wordt geacht te ontvangen als vaste vergoeding voor de in artikel 2, van de regeling Taakduren lidmaatschap publiekrechtelijke colleges genoemde functies.