Artikel
1
1
De voorzitter ziet er op toe dat:
-
a.
bestuursleden een introductie-, opleidings- of trainingsprogramma volgen;
-
b.
bestuursleden tijdig alle informatie ontvangen die nodig is voor de goede uitoefening van hun taak;
-
c.
voldoende tijd bestaat voor de beraadslaging en besluitvorming door de bestuursleden;
-
d.
het bestuur en zijn commissies naar behoren functioneren.