Regeling van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap van 30 septemter 2013, nr. PO/FenV /543633, houdende de vaststelling van de bedragen voor de materiële instandhouding van het basisonderwijs, speciaal onderwijs, voortgezet speciaal onderwijs en het samenwerkingsverband samenhangend met de inrichting van de zorgstructuur voor het jaar 2014 en de vaststelling van het bedrag per formatieplaats voor de bekostiging van de materiële voorzieningen voor de instandhouding van rijdende scholen voor het jaar 2014 (Regeling vaststelling bedragen programma's van eisen basisonderwijs, (v)so en bekostiging materiële instandhouding samenwerkingsverband voor het jaar 2014)

Regeling vaststelling bedragen programma's van eisen basisonderwijs, (v)so en bekostiging materiële instandhouding samenwerkingsverband voor het jaar 2014

Artikel

1

Vaststelling bedragen programma's van eisen voor basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs

De bedragen van de programma's van eisen voor de basisscholen en de speciale scholen voor basisonderwijs, bedoeld in artikel 113, vierde lid, van de Wet op het primair onderwijs, zijn voor het jaar 2014 vastgesteld overeenkomstig bijlage 1 bij deze regeling.

Artikel

2

Vaststelling bedragen programma’s van eisen voor het (voortgezet) speciaal onderwijs

De bedragen van de programma's van eisen voor het (voortgezet) speciaal onderwijs, bedoeld in artikel 111, vierde lid, van de Wet op de expertisecentra zijn voor het jaar 2014 vastgesteld overeenkomstig bijlage 2 bij deze regeling.

Artikel

3

Vaststelling van de bekostiging voor de materiële instandhouding van het samenwerkingsverband samenhangend met de inrichting van de zorgstructuur

Artikel

4

Vaststelling bedrag per formatieplaats voor de bekostiging van de materiële voorzieningen ten behoeve van de instandhouding van rijdende scholen

Het bedrag per formatieplaats, bedoeld in artikel B 18 van het Besluit trekkende bevolking WPO, is voor het jaar 2014 vastgesteld overeenkomstig bijlage 4 bij deze regeling.

Artikel

5

Omhangbepaling

Met ingang van het moment van inwerkingtreding van artikel I, onderdelen BB tot en met EE, van de Wet van 11 oktober 2012 tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met een herziening van de organisatie en financiering van de ondersteuning van leerlingen in het basisonderwijs, speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs (Stb. 2012, 533), berust deze regeling mede op artikel 118, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs.

Artikel

6

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2014.

Artikel

7

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling vaststelling bedragen programma's van eisen basisonderwijs, (v)so en bekostiging materiële instandhouding samenwerkingsverband voor het jaar 2014.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,S.Dekker

Bijlage

1

Bedragen programma's van eisen voor basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs voor het jaar 2014

Totale MI-vergoeding

De totale MI-vergoeding is een lumpsumvergoeding bestaande uit verschillende onderdelen en wordt uitgedrukt in de formule:

Y = Ya + Yb + Yc + Yd

waarbij

Y = rijksvergoeding per school per jaar

Ya = vergoeding groepsafhankelijke programma's van eisen

Yb = vergoeding leerlingafhankelijke programma's van eisen

Yc = vergoeding aanvullende programma's van eisen

Yd = extra vergoedingen.

Voor elk van de symbolen Ya tot en met Yd geldt een formule, waarin gerekend wordt met een vast bedrag per school en een bedrag per variabele indicator (leerling, groep of m²).

Hieronder volgt de uitwerking naar de verschillende programma's van eisen.

A

Groepsafhankelijke programma's van eisen

Ya = bedrag per school afhankelijk van het aantal te huisvesten groepen leerlingen als bedoeld in artikel 14, eerste en tweede lid, van het Besluit bekostiging WPO

€ 19.031,00

€ 24.487,00

€ 31.533,00

€ 37.670,00

€ 41.761,00

voor elke groep meer:

€ 4.773,00

Bij meer dan 13 groepen wordt het bedrag eenmalig verhoogd met:

€ 1.818,00

B

Leerlingafhankelijke programma's van eisen

Vergoedingsformule:

Yb = vast bedrag per school + bedrag per leerling x het aantal leerlingen

Vergoedingsbedragen:

Vast bedrag per school = € 13.478,19

Bedrag per leerling = € 306,09

C

Aanvullende programma’s van eisen

Nederlands Onderwijs aan AndersTaligen (NOAT)

Vergoedingsformule:

Yc = vast bedrag per school + bedrag per leerling x het aantal NOAT-leerlingen

Vergoedingsbedragen:

Vast bedrag per school = € 111,67

Bedrag per leerling = € 20,00

D

Extra vergoedingen

  • 1.

    Voor speciale scholen voor basisonderwijs wordt op basis van artikel 115, eerste lid, van de Wet op het primair onderwijs voor 2% van de leerlingen in het samenwerkingsverband een extra vergoeding van € 224,71 per leerling verstrekt. Indien in het samenwerkingsverband meerdere speciale scholen voor basisonderwijs aanwezig zijn, vindt de verdeling van deze vergoeding plaats overeenkomstig de rekenregel zorgformatie:

    l = p/q x (0,02 x r) x eerdergenoemd bedrag per leerling. De factor (0,02 x r) wordt rekenkundig afgerond op een geheel getal. In deze rekenregel hebben de componenten de volgende inhoud:

    l = extra vergoeding MI voor een speciale school voor basisonderwijs in een samenwerkingsverband

    p = het aantal leerlingen van de speciale school voor basisonderwijs, voor zover dat aan het desbetreffende samenwerkingsverband is toe te rekenen

    q = het totale aantal leerlingen van alle speciale scholen voor basisonderwijs die deelnemen aan het desbetreffende samenwerkingsverband, voor zover dit aan dat samenwerkingsverband is toe te rekenen

    r = het totale aantal leerlingen van alle basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs die deelnemen aan het desbetreffende samenwerkingsverband, voor zover dit aan dat samenwerkingsverband is toe te rekenen.

  • 2.

    Voor basisscholen in een samenwerkingsverband zonder speciale school voor basisonderwijs wordt voor 2% van de leerlingen in het samenwerkingsverband een extra vergoeding van € 224,71 per leerling verstrekt.

Bijlage

2

Bedragen programma’s van eisen voor scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs voor het jaar 2014

I

De totale MI-vergoeding

De totale MI-vergoeding is een lumpsumvergoeding bestaande uit verschillende onderdelen en wordt uitgedrukt in de formule: Y = Ya + Yb + Yc

waarbij

Y = rijksvergoeding per school per jaar

Ya = vergoeding groepsafhankelijke programma's van eisen

Yb = vergoeding leerlingafhankelijke programma's van eisen

Yc = vergoeding aanvullende programma's van eisen

Voor elk van de symbolen Ya tot en met Yc geldt een formule, waarin gerekend wordt met een vast bedrag per school en een bedrag per variabele indicator (leerling of groep). Onder groep wordt verstaan het aantal te huisvesten groepen als bedoeld in artikel 128 van de WEC. Bovendien wordt in Ya en Yb nog gerekend met vaste bedragen per schooltype.

Hieronder volgen de totale vergoedingsbedragen van de twee hoofdgroepen van de programma's van eisen, de aanvullende programma’s van eisen en overige vergoedingsbedragen.

a. Dove kinderen

€ 17.505,04

€ 3.292,03

€ 4.101,67

€ 5.069,77

€ 4.043,47

b. Slechthorende kinderen

€ 8.227,29

€ 3.259,86

€ 5.296,36

€ 5.318,42

€ 4.061,76

c. Kinderen met ernstige spraak moeilijkheden

€ 8.303,70

€ 3.312,93

€ 5.382,57

nvt

nvt

f. Lichamelijk gehandicapte kinderen

€ 15.093,04

€ 7.651,18

€ 7.307,50

€ 6.405,31

€ 5.637,50

h. 1e Langdurig zieke kinderen met lichamelijke handicap

€ 8.814,31

€ 4.739,89

€ 5.984,56

€ 5.764,21

€ 4.754,18

h. 2e langdurig zieke kinderen anders dan met lichamelijke handicap

€ 6.934,43

€ 4.521,30

€ 5.262,41

€ 6.721,36

€ 3.752,90

j. Zeer moeilijk lerende kinderen

€ 8.140,65

€ 4.329,58

€ 5.274,26

€ 5.845,34

€ 5.053,74

k. Zeer moeilijk opvoedbare kinderen

€ 6.934,43

€ 4.521,30

€ 5.262,41

€ 6.721,36

€ 3.752,90

m. Kinderen in scholen verbonden aan pedologisch instituut

€ 6.934,43

€ 4.521,30

€ 5.262,41

€ 6.721,36

€ 3.752,90

n. meervoudig gehandicapte kinderen met de combinatie:

a + j (doof en zmlk)

€ 13.759,29

€ 3.707,05

€ 4.570,70

€ 5.380,00

€ 4.447,58

Doof en blind

€ 17.505,04

€ 3.292,03

€ 4.101,67

€ 5.069,77

€ 4.043,47

b + j (sh en zmlk)

€ 8.192,63

€ 3.687,75

€ 5.287,52

€ 5.529,19

€ 4.458,55

f + j (lg en zmlk)

€ 12.623,09

€ 3.261,51

€ 6.590,86

€ 5.713,69

€ 5.712,76

Alle onderwijssoorten

€ 12.056,21

a. Dove kinderen

€ 6.748,00

€ 1.077,67

€ 7.241,00

€ 1.188,83

b. Slechthorende kinderen

€ 5.891,00

€ 917,10

€ 6.608,00

€ 1.132,16

c. Kinderen met ernstige spraak moeilijkheden

€ 5.034,00

€ 764,41

nvt

nvt

f. Lichamelijk gehandicapte kinderen

€ 12.860,00

€ 893,51

€ 14.018,00

€ 1.000,56

h. 1e Langdurig zieke kinderen met lichamelijke handicap

€ 3.936,00

€ 608,53

€ 7.769,00

€ 1.081,32

h. 2e langdurig zieke kinderen anders dan met lichamelijke handicap

€ 3.677,00

€ 602,32

€ 7.745,00

€ 820,61

j. Zeer moeilijk lerende kinderen

€ 6.112,00

€ 617,83

€ 7.257,00

€ 955,59

k. Zeer moeilijk opvoedbare kinderen

€ 3.677,00

€ 602,32

€ 7.745,00

€ 820,61

m. Kinderen in scholen verbonden aan pedologisch instituut

€ 3.677,00

€ 602,32

€ 7.745,00

€ 820,61

n. meervoudig gehandicapte kinderen met de combinatie:

a + j (doof en zmlk)

€ 10.721,00

€ 1.479,26

€ 11.958,00

€ 1.809,96

Doof en blind

€ 11.134,00

€ 1.778,16

€ 11.948,00

€ 1.961,57

b + j (sh en zmlk)

€ 9.864,00

€ 1.318,69

€ 11.325,00

€ 1.753,29

f + j (lg en zmlk)

€ 3.989,00

€ 957,37

€ 4.262,00

€ 1.188,06

C

Aanvullende programma’s van eisen

1

Brancardliften

Dit betreft een aanvullende vergoeding voor brancardliften waarin vergoedingscomponenten zijn opgenomen voor installatieonderhoud en elektriciteitsverbruik. De vergoeding per brancardlift is € 6.305,19.

2

Schoolbaden

Dit betreft een aanvullende vergoeding voor ruimten voor watergewenning of bewegingstherapie (hydrotherapie) in gebruik bij en door scholen. De genormeerde vergoeding is afhankelijk van het soort bad en het bedrag per m³ waterinhoud.

hydrotherapiebad

€ 9.793,41

€ 285,11

watergewenningsbad

€ 21.175,24

€ 165,72

toeslag beweegbare bodem

€ 1.027,03

€ 77,66

3

Vergoeding dienstreizen leerkrachten voor ambulante begeleiding van teruggeplaatste leerlingen

Dit betreft een aanvullende vergoeding voor dienstreizen ten behoeve van de ambulante begeleiding van leerlingen, die in het direct voorafgaande schooljaar waren toegelaten tot een school, niet zijnde een instelling als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de expertisecentra, en die zonder dat voor hen nog een leerlinggebonden budget beschikbaar is, zijn teruggeplaatst naar een school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het primair onderwijs (bo) of een school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op het voortgezet onderwijs dan wel een opleiding, genoemd in artikel 7.2.2, eerste lid onder a en b, van de Wet educatie en beroepsonderwijs (vo). De vergoeding wordt berekend op basis van het aantal teruggeplaatste leerlingen op 1 oktober 2013.

Het bedrag per teruggeplaatste leerling is gesplitst naar onderwijssoort en schooltype waarnaar is teruggeplaatst.

a. Dove kinderen

€ 1.333,21

€ 610,11

b. Slechthorende kinderen

€ 406,74

€ 203,38

c. Kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden

€ 406,74

€ 203,38

f. Lichamelijk gehandicapte kinderen

€ 510,66

€ 510,65

h. 1e Langdurig zieke kinderen met lichamelijke handicap

€ 397,71

€ 266,20

h. 2e langdurig zieke kinderen anders dan met lichamelijke handicap

€ 489,40

€ 272,51

j. Zeer moeilijk lerende kinderen

€ 198,84

€ 131,04

k.Zeer moeilijk opvoedbare kinderen

€ 489,40

€ 272,51

m. Kinderen in scholen verbonden aan pedologisch instituut

€ 489,40

€ 272,51

n. meervoudig gehandicapte kinderen met de combinatie:

a + j (doof en zmlk)

€ 397,71

€ 266,20

Doof en blind

€ 397,71

€ 266,20

b + j (sh en zmlk)

€ 397,71

€ 266,20

f + j (lg en zmlk)

€ 397,71

€ 266,20

II

Overige vergoedingsbedragen

1

Vergoeding dienstreizen leerkrachten voor autistische leerlingen

De regionale expertise centra’s (REC’s) ontvangen de bijzondere bekostiging voor de opvang en het begeleiden van leerlingen met autisme verbonden aan de scholen voor (v)so, zie artikel 37 van de regeling bekostiging personeel primair onderwijs 2013–2014.

De REC’s ontvangen ook de vergoeding voor de dienstreizen van leerkrachten ten behoeve van het begeleiden van leerlingen met autisme. Het vergoedingsbedrag bedraagt voor het gehele jaar 2014 € 1.056,81 per toegekende fte, die voor het schooljaar 2006–2007 is bepaald door omrekening van het aantal toegekende formatierekeneenheden in het schooljaar 2005–2006. De vergoeding wordt vastgesteld naar evenredigheid van de periode waarover deze bijzondere bekostiging is toegekend en naar rato van het aantal fte’s waarop deze bekostiging is gebaseerd of een gedeelte daarvan.

Bijlage

3a

Bekostiging voor de materiële instandhouding van het samenwerkingsverband samenhangend met de inrichting van de zorgstructuur

Tot het moment van inwerkingtreding van artikel I, onderdelen BB tot en met EE, van de Wet van 11 oktober 2012 tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met een herziening van de organisatie en financiering van de ondersteuning van leerlingen in het basisonderwijs, speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs (Stb. 2012, 533) wordt de bekostiging voor de materiële instandhouding van het samenwerkingsverband samenhangend met de inrichting van de zorgstructuur, bedoeld in artikel 118, vierde lid, van de Wet op het primair onderwijs vastgesteld op maandelijks 1/12e deel deel van het bedrag Y.

De MI-bekostiging van de centrale dienst wordt uitgedrukt in de formule:

Y= bedrag per leerling x aantal leerlingen op de basisscholen in het samenwerkingsverband

Vergoedingsbedrag:

Bedrag per leerling = € 7,48.

Bijlage

3b

Bekostiging voor de materiële instandhouding van het samenwerkingsverband samenhangend met de inrichting van de ondersteuningsstructuur

Met ingang van het moment van inwerkingtreding van artikel I, onderdelen BB tot en met EE, van de Wet van 11 oktober 2012 tot wijziging van enkele onderwijswetten in verband met een herziening van de organisatie en financiering van de ondersteuning van leerlingen in het basisonderwijs, speciaal en voortgezet speciaal onderwijs, voortgezet onderwijs en beroepsonderwijs (Stb. 2012, 533) wordt de bekostiging voor de materiële instandhouding van het samenwerkingsverband samenhangend met de inrichting van de ondersteuningsstructuur, bedoeld in artikel 118, derde lid, van de Wet op het primair onderwijs vastgesteld op maandelijks 1/12e deel van het bedrag Y.

De MI-bekostiging van het samenwerkingsverband wordt uitgedrukt in de formule:

Y= bedrag per leerling x aantal leerlingen op de basisscholen in het samenwerkingsverband

Vergoedingsbedrag:

Bedrag per leerling = € 7,48.

Bijlage

4

Bekostiging van de materiële voorzieningen ten behoeve van de instandhouding van rijdende scholen

Het bedrag per formatieplaats, bedoeld in artikel B18 van het Besluit trekkende bevolking WPO, is voor het jaar 2014 vastgesteld op € 16.587,05.