Regeling van de Ministers van Financiën, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Infrastructuur en Milieu van 5 december 2013 houdende de vaststelling van regels ter uitvoering van het verplicht schatkistbankieren voor decentrale overheden (Regeling schatkistbankieren decentrale overheden)

Regeling schatkistbankieren decentrale overheden

De Ministers van Financiën, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Infrastructuur en Milieu,

Besluiten:

Artikel

1

Begripsbepalingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • actuele marktwaarde: de waarde die kan worden berekend aan de hand van de actuele marktrente van de resterende looptijden van de toekomstige kasstromen (rente en aflossing) van een deposito;

  • Agentschap: het Agentschap van de Generale Thesaurie van het ministerie van Financiën;

  • basispunt: een honderdste van een procent (0,01%);

  • borgstelling: het recht van een derde partij om op eerste afroep te kunnen beschikken over een maximaal overeengekomen bedrag van een openbaar lichaam die middelen in rekening-courant bij ’s Rijks schatkist aanhoudt;

  • deposito: het creditbedrag op een aan de rekening-courant gekoppelde rekening, waarover een vooraf vastgestelde rente wordt vergoed en waarover gedurende een vooraf vastgestelde periode door het openbaar lichaam niet vrij beschikt kan worden;

  • daggeldrente: de dagelijkse vaststelling door de Europese Centrale Bank van de rente waartegen gemiddeld genomen overnight en zonder onderpand liquiditeiten zijn geleend in de eurogeldmarkt door een panel van banken (EONIA, afgerond op 2 decimalen);

  • DSL-rente: de dagelijks door een door de minister van Financiën aangewezen elektronisch handelsplatform vastgestelde rentes voor Nederlandse staatsleningen (Dutch State Loans) van verschillende looptijden;

  • DTC-rente: de dagelijks door een door de minister van Financiën aangewezen elektronisch handelsplatform vastgestelde rentes voor Nederlands schatkistpapier (Dutch Treasury Certificates) van verschillende looptijden;

  • intradaglimiet: het maximum bedrag dat gedurende de dag rood mag worden gestaan op de tussenrekening;

  • rekening-courant: de rekening-courant bij het ministerie van Financiën;

  • tussenrekening: de rekening die het openbaar lichaam aanhoudt bij een bank via welke de zero-balancing plaatsvindt;

  • de wet: de Wet financiering decentrale overheden;

  • zero-balancing: de aanzuivering dan wel de afroming van de tussenrekening ten laste dan wel ten gunste van de rekening-courant.

Artikel

2

De tussenrekening

Artikel

3

De rekening-courant

Artikel

4

Deposito

Artikel

5

De modelovereenkomst

Artikel

6

Rente

Artikel

7

Uitgezonderde middelen

Artikel

8

Borgstelling

De minister van Financiën kan een borgstelling voor derden toestaan op middelen die een openbaar lichaam in ’s Rijks schatkist aanhoudt, mits het openbaar lichaam daartoe een verzoek heeft ingediend en de middelen, die het in ’s Rijks schatkist aanhoudt, toereikend zijn.

Artikel

9

Uitzonderingen

Artikel

10

Overgangsbepalingen

Artikel

11

Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op het tijdstip dat de wet tot wijziging van de Wet financiering decentrale overheden in verband met het rentedragend aanhouden van liquide middelen in ’s Rijks schatkist (verplicht schatkistbankieren) in werking treedt.

Artikel

12

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling schatkistbankieren decentrale overheden.

Deze regeling zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

De Minister van Financiën,J.R.V.A.Dijsselbloem
De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,R.H.A.Plasterk
De Minister van Infrastructuur en Milieu,M.H.Schultz van Haegen-Maas Geesteranus

Bijlage

behorend bij artikel 5 van de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden

De modelovereenkomst

Rekening-courant overeenkomst

TUSSEN

<<Naam openbaar lichaam>>

EN

DE STAAT DER NEDERLANDEN

De partijen:

  • I.

    De staat der Nederlanden (ministerie van Financiën, Agentschap van de Generale Thesaurie), rechtsgeldig vertegenwoordigd door << Naam agent, agent >> (hierna te noemen: de staat);

  • II.

    De << Naam openbaar lichaam >>, zijn zetel hebbende te << Naam statutaire vestigingsplaats>>;

overwegende dat:

komen het volgende overeen:

Artikel

1

Definities

In deze overeenkomst wordt verstaan onder:

  • actuele marktwaarde: de waarde die kan worden berekend aan de hand van de actuele marktrente van de resterende looptijden van de toekomstige kasstromen (rente en aflossing) van een deposito;

  • creditsaldo: een positief saldo op de rekening-courant;

  • debetsaldo: een negatief saldo op de rekening-courant;

  • deposito: het creditbedrag op een aan de rekening-courant gekoppelde rekening, waarover een vooraf vastgestelde rente wordt vergoed en waarover gedurende een vooraf vastgestelde periode door de rechtspersoon niet vrij beschikt kan worden;

  • kredietlimiet: het overnight maximaal toegestane debetsaldo op de rekening-courant;

  • intradaglimiet: het gedurende een werkdag maximaal toegestane debetsaldo op de tussenrekening;

  • regeling: de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden;

  • rekening-courant: de rekening bedoeld in artikel 3 van de Regeling die het openbaar lichaam aanhoudt bij de staat, waarop de dagelijkse inkomsten en uitgaven worden bijgehouden;

  • tussenrekening: de rekening, bedoeld in artikel 2 van de Regeling, via welke de zero-balancing plaats vindt en die het openbaar lichaam aanhoudt bij een bank;

  • valutadatum: de dag waarop een in de rekening-courant geboekt bedrag voor het eerst meeloopt in de renteberekening van de staat;

  • werkdag: kalenderdagen, behoudens weekenden, algemeen erkende feestdagen en dagen waarop in Nederland geen giraal betalingsverkeer mogelijk is, waarop de overeengekomen werkzaamheden zullen worden verricht;

  • zero-balancing: het aanzuiveren dan wel afromen van de tussenrekening ten laste dan wel ten gunste van de rekening-courant.

Artikel

2

Zero-balancing

  • 1.

    Na afloop van iedere werkdag draagt de staat er zorg voor dat het saldo op de tussenrekening gereguleerd wordt naar nul door afschrijving van de rekening-courant of aanvulling op de rekening-courant.

Artikel

3

Kredietlimiet

  • 1.

    De kredietlimiet op de rekening-courant is EUR 0.

  • 2.

    Indien het openbaar lichaam de kredietlimiet overschrijdt, is het openbaar lichaam in verzuim zonder dat daartoe een ingebrekestelling nodig is. Van de vaststelling van het verzuim stelt de staat het openbaar lichaam onverwijld in kennis. De overschrijding van de kredietlimiet wordt door het openbaar lichaam binnen een termijn van vijf werkdagen opgeheven. Gedurende de periode waarin de kredietlimiet wordt overschreden is over het bedrag van de overschrijding rente met boete verschuldigd conform artikel 6, vierde lid, van de regeling.

  • 3.

    De staat is gerechtigd om de intradaglimiet op de tussenrekening te verlagen tot EUR 0 nadat de termijn van vijf werkdagen zoals bedoeld in het tweede lid is verstreken. De staat stelt het openbaar lichaam onverwijld in kennis van de verlaging. Eventuele kosten die de bank in rekening brengt voor de verlaging van de intradaglimiet zijn voor rekening van het openbaar lichaam.

Artikel

4

Rente rekening-courant

  • 1.

    De staat vergoedt aan het openbaar lichaam creditrente over creditsaldi op de rekening-courant conform artikel 6, eerste lid, van de regeling. Het openbaar lichaam vergoedt aan de staat debetrente over debetsaldi op de rekening-courant conform artikel 6, vierde lid, van de regeling.

  • 2.

    Verschuldigde creditrente wordt verrekend met verschuldigde debetrente.

  • 3.

    De rente die verschuldigd is na de verrekening, bedoeld in het tweede lid, wordt verrekend op de rekening-courant per de eerste kalenderdag na afloop van het kwartaal waarop de rente betrekking heeft.

  • 4.

    De staat stelt na afloop van ieder kwartaal een rentenota elektronisch aan het openbaar lichaam beschikbaar.

Artikel

5

Deposito’s

  • 1.

    Bij voldoende creditsaldo op de rekening-courant kan het openbaar lichaam bij de staat deposito’s plaatsen.

  • 2.

    Het openbaar lichaam kan de staat verzoeken zijn rekening-courant te debiteren voor het plaatsen van een deposito. Hiertoe maakt het openbaar lichaam gebruik van de hiervoor door het Agentschap aangeboden internetfaciliteit.

  • 3.

    De staat vergoedt het openbaar lichaam rente over een deposito overeenkomstig artikel 6, tweede lid, van de regeling.

  • 4.

    De rente wordt jaarlijks op de rentevervaldatum van het deposito uitgekeerd, of, als deze dag geen werkdag is, op de eerstvolgende werkdag. De rente over een deposito dat niet afloopt op een rentevervaldatum, wordt uitgekeerd op de afloopdatum van het deposito. De staat schrijft op de afloopdatum het bedrag van de rente en het deposito bij op de rekening-courant.

  • 5.

    Bij voortijdige beëindiging van een deposito schrijft de staat het op grond van artikel 4, derde lid, van de regeling verschuldigde bedrag bij op de rekening-courant op de door het openbaar lichaam gevraagde dag.

Artikel

6

Informatievoorziening en geheimhouding

  • 1.

    De staat stelt rekeningafschriften van de rekening-courant elektronisch aan het openbaar lichaam beschikbaar.

  • 2.

    De staat gebruikt de informatie over de rekening-courant en deposito’s uitsluitend ten behoeve van de uitvoering van deze overeenkomst en de verantwoording die daarover moet worden afgelegd.

  • 3.

    Het openbaar lichaam geeft op verzoek van de staat desgevraagd tijdig informatie over verwachte uitgaven ten laste van de rekening-courant of ontvangsten ten gunste van de rekening-courant indien deze op een werkdag tezamen EUR 50 miljoen of meer bedragen.

  • 4.

    Het openbaar lichaam controleert, voor zo ver mogelijk, of door of namens het openbaar lichaam gegeven opdrachten door de staat juist en volledig zijn uitgevoerd. Bij constatering van een onjuistheid of onvolledigheid brengt het openbaar lichaam de staat daarvan zo spoedig mogelijk in kennis, waarna de staat, bij akkoordbevinding, een correctie zal uitvoeren.

Artikel

7

Toepasselijk recht; geschillen

  • 1.

    Op deze overeenkomst is Nederlands recht van toepassing.

  • 2.

    Eventuele geschillen tussen partijen die voortvloeien uit of verband houden met deze overeenkomst, worden aanhangig gemaakt bij de bevoegde rechter te Den Haag, tenzij partijen alsnog arbitrage of bindend advies overeenkomen.

Artikel

8

Inwerkingtreding

De verplichtingen in deze overeenkomst gaan in op de tweede werkdag na ontvangst van de overeenkomst door het openbaar lichaam, maar niet eerder dan de dag waarop de regeling in werking is getreden.

Aldus opgemaakt,

te Den Haag op <<datum>>

DE MINISTER VAN FINANCIËN,

namens deze:

<< naam agent >>

De agent

Bijlage

Tariefstructuur rekening-courant en deposito’s

Rekening-courant

Voorwaarde:

Creditsaldo: geen minimum saldo

Debetsaldo: niet van toepassing

Renteniveau:

Zoals bepaald in de regeling

Renteconventie:

Dagtelling op basis van actual/360

Betaalbaarstelling respectievelijk inning van rente op de eerste kalenderdag van het kwartaal volgend op het kwartaal waarop de rente betrekking heeft

Kosten:

Geen

Deposito’s

Voorwaarde:

Voor het plaatsen van een deposito moet er voldoende saldo staan op de rekening-courant.

Het minimum bedrag voor het plaatsen van een deposito is EUR 10.000,–.

Looptijden:

2 dagen t/m 30 jaar

Renteniveaus:

Zoals bepaald in de regeling

Renteconventie:

<= 1 jaar: dagtelling op basis van actual/360

> 1 jaar: dagtelling op basis van actual/actual

Vervroegde opname:

Tegen marktwaarde, zoals bedoeld in artikel 4, derde lid, van de regeling.

Kosten:

Geen