Artikel
1
Aan de landelijk directeur Belastingdienst/ Grote ondernemingen wordt ondermandaat verleend tot:
Het uitvoeren van de taak van de bevoegde autoriteit in het kader van tot stand gekomen bilaterale regelingen ter voorkoming van dubbele belastingheffing, voor zover die taak betrekking heeft op het nemen van beslissingen ten aanzien van bepalingen waarin aan de bevoegde autoriteiten een discretionaire bevoegdheid is verleend voordelen uit hoofde van eerdergenoemde regeling toe te kennen aan personen aan wie de voordelen uit hoofde van verdragsvoordeelbeperkende maatregelen (zogenoemde ‘limitations of benefits’) niet toekomen (zogenoemde ‘vangnetbepalingen’).
Op basis van dergelijke bepalingen kan de bevoegde autoriteit personen die niet gerechtigd zijn tot enkele of alle voordelen van een regelingen ter voorkoming van dubbele belastingheffing, alsnog enkele of alle voordelen van deze regeling toe kennen.