Beleidsregel van de Minister van Veiligheid en Justitie van 8 juli 2014, nr. 436935 over het voeren van verweer in procedures bij een bestuursrechtelijk college waarin verzocht wordt om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn door de bestuursrechter

Beleidsregel voeren van verweer in procedures bij bestuursrechtelijk college waarin verzocht wordt om vergoeding immateriële schade wegens overschrijding redelijke termijn door bestuursrechter

De Minister van Veiligheid en Justitie,
Overwegende dat degene die verzoekt om immateriële schadevergoeding voor overschrijding van de redelijke termijn door de bestuursrechter er belang bij heeft dat er zo snel mogelijk een beslissing volgt op dit verzoek;
Overwegende dat met toepassing van artikel 8:73 (oud) en titel 8.4 van de Algemene wet bestuursrecht uitsluitend de Staat (Minister van Veiligheid en Justitie) tot een immateriële schadevergoeding kan worden veroordeeld wegens een aan de bestuursrechter te wijten overschrijding van de redelijke termijn;
Overwegende dat de jurisprudentie over immateriële schadevergoeding voor overschrijding van de redelijke termijn door de bestuursrechter vergaand is uitgekristalliseerd en gestandaardiseerd;

Besluit:

Artikel

1

Artikel

2

Deze beleidsregel treedt in werking op 1 oktober 2014

Deze beleidsregel wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.

De Minister van Veiligheid en Justitie,I.W.Opstelten