Erkenningsreglement Aequor

Voorwoord

Onder de Wet Educatie en Beroepsonderwijs kunnen alleen bedrijven met een gunstige beoordeling van het betreffende kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven een praktijkdeel van een secundaire beroepsopleiding verzorgen. De verplichte erkenning als leerbedrijf geldt eveneens voor bedrijven die een praktijkdeel van een leerwerktraject verzorgen, volgens de Wet op het Voortgezet Onderwijs.

Aequor is het kenniscentrum voor voedsel, natuur en leefomgeving. In samenwerking met het georganiseerde bedrijfsleven en het onderwijs is voorliggend reglement opgesteld dat onder meer voorschrijft hoe een erkenning door Aequor als leerbedrijf tot stand komt.

Het erkenningsreglement is bedoeld voor bedrijven die een praktijkdeel van een opleiding willen verzorgen ten behoeve van het middelbaar of voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs in de domeinen voedsel en leefomgeving.

Het is mogelijk om bezwaar aan te tekenen tegen een besluit van Aequor ingevolge de Algemene Wet Bestuursrecht.

Actuele informatie over praktijkleren en het erkennen van leerbedrijven is te vinden op de website van Aequor (www.Aequor.nl).

Artikel

1

Begripsbepalingen

In dit reglement wordt verstaan onder:

  • a.

    Aequor: Het bestuur van Aequor kenniscentrum voor voedsel, natuur en leefomgeving te Ede, een kenniscentrum beroepsonderwijs bedrijfsleven als bedoeld in de Wet Educatie en Beroepsonderwijs (WEB).

  • b.

    Bedrijfsadviseur: adviseur van Aequor die erkenningsgesprekken voert en leerbedrijven adviseert en ondersteunt.

  • c.

    Deelnemer: zowel een leerling/werknemer die in het mbo de beroepsbegeleidende leerweg volgt als een leerling die er de beroepsopleidende leerweg volgt of een leerling die een leerwerktraject in het vmbo volgt.

  • d.

    Erkenning: de officiële toekenning door Aequor dat een bedrijf mag optreden als leerbedrijf in het kader van beroepspraktijkvorming voor een mbo-kwalificatie vastgesteld door de minister van Economische Zaken, dan wel voor een vmbo-examenprogramma Landbouw.

  • e.

    Examenprogramma (vmbo): beschrijving van de kwaliteiten van leerlingen op het gebied van kennis, inzicht en vaardigheden, waarop elke leerling in een periode van examinering wordt beoordeeld.

  • f.

    Kwalificatie (mbo): het geheel van kennis, inzicht, vaardigheden en houdingen, dat voor de uitoefening van een beroep, verdere studie en/of het maatschappelijk functioneren vereist wordt. Een kwalificatie is gebaseerd op dat wat verwacht wordt van een beginnende/startende beroepsbeoefenaar.

  • g.

    Leerbedrijf: het bedrijf/de organisatie of een vestiging hiervan dat/die op grond van dit reglement bevoegd is om een praktijkdeel van een middelbare beroepsopleiding te verzorgen, als bedoeld in artikel 7.2.8. van de WEB;

    het bedrijf/de organisatie of een vestiging hiervan dat/die op grond van dit reglement bevoegd is om een praktijkdeel van een leerwerktraject te verzorgen ten behoeve van het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs, als bedoeld in artikel 10b2 van de Wet op het Voortgezet Onderwijs, en waar het praktijkleren feitelijk plaatsvindt.

    Een bedrijf dat door Aequor erkend is als leerbedrijf, kan een praktijkdeel van een opleiding verzorgen ten behoeve van het middelbaar of voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs in de domeinen voedsel en leefomgeving.

  • h.

    Leerwerkomgeving: de context voor praktijkleren; een werkplek waar een deelnemer leerervaringen opdoet in een realistische situatie. De leerwerkomgeving stimuleert de deelnemer om competenties te ontwikkelen die nodig zijn voor het uitoefenen van een beroep.

  • i.

    Leerwerkplan: een plan met afspraken over de inhoud en organisatie van het praktijkleren per deelnemer. Het dient als hulpmiddel om het praktijkleren binnen het bedrijf te structureren.

  • j.

    Praktijkopleider: een door het leerbedrijf aangewezen persoon, die belast is met de begeleiding van de deelnemer in het bedrijf.

  • k.

    Reglement: Erkenningsreglement Aequor.

  • l.

    Vestiging: een locatie van een onderneming die als een zelfstandig leerbedrijf functioneert.

Artikel

2

Doel van dit reglement

In dit reglement wordt aangegeven hoe het al dan niet als leerbedrijf erkennen van bedrijven/organisaties voor een of meer kwalificaties dan wel examenprogramma's is geregeld door Aequor. Uitsluitend bedrijven en organisaties die voldoen aan de bepalingen in dit reglement en die door Aequor als zodanig erkend zijn, zijn bevoegd om op te treden als leerbedrijf en daarmee bevoegd om een praktijkdeel van een middelbare beroepsopleiding te verzorgen of om een praktijkdeel van een leerwerktraject te verzorgen ten behoeve van het voorbereidend middelbaar beroepsonderwijs. De leerbedrijven worden opgenomen in het register van leerbedrijven dat wordt beheerd door Aequor.

Artikel

3

Aanvraag

Artikel

4

Beslistermijn

Artikel

5

Voorwaarden voor erkenning

Artikel

6

Beoordeling en beslissing

Artikel

7

Gevelbordje en logo

Artikel

8

Geldigheidsduur

Artikel

9

Intrekking van erkenning

Artikel

11

Branche specifieke eisen

Aequor heeft het recht om per branche of sector tevens aanvullende wensen/eisen te hanteren.

Artikel

12

Onvoorziene omstandigheden

In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist Aequor.

Artikel

13

Inwerkingtreding

Dit reglement treedt in werking op 1 augustus 2014 en komt in de plaats van eerdere reglementen inzake de erkenning als leerbedrijf door Aequor met bijbehorende criteria.

Artikel

14

Wijzigingen

Wijzigingen van dit reglement worden vastgesteld door Aequor.

Bijlage

1

Voorwaarden voor erkenning

De specifieke voorwaarden, als bedoeld in artikel 5 derde lid, waaraan een door Aequor erkend leerbedrijf moet voldoen, zijn:

Voorwaarde 1

Het leerbedrijf biedt een sociaal en fysiek veilige leerwerkomgeving conform de ARBO-wet die overeenstemt met de toekomstige beroepscontext van de deelnemer en is afgestemd op de leerweg, het niveau en de mogelijkheden van de deelnemer.

Voorwaarde 2

Het leerbedrijf werkt mee aan het beschikbaar stellen en actueel houden van gegevens ten behoeve van het matchen van deelnemer en leerbedrijf.

Voorwaarde 3

Het leerbedrijf stelt een werkplek, deskundigheid, tijd en middelen beschikbaar voor een goede praktijkopleiding, afgestemd op de deelnemer.

Voorwaarde 4

Het leerbedrijf heeft een praktijkopleider benoemd, die verantwoordelijk is voor het leerwerkproces van de deelnemer tijdens de praktijkperiode op het bedrijf, en faciliteert deze praktijkopleider.

De praktijkopleider is in staat om leeractiviteiten te coördineren en een leerwerkomgeving te creëren waarin de deelnemer zich persoonlijk en vakmatig kan ontwikkelen.

De praktijkopleider kan zijn deskundigheid aan de hand van een diploma/certificaat of ervaring aantonen.

Voorwaarde 5

Het leerbedrijf is bereid tot overleg met de onderwijsinstelling en het kenniscentrum Aequor om afspraken te maken en mee te werken aan de kwaliteitsverbetering van de beroepspraktijkvorming, met ondersteuning van de bedrijfsadviseur

Voorwaarde 6

Het leerbedrijf leidt deelnemers op een gestructureerde manier op, waarbij gebruik wordt gemaakt van een leerwerkplan of vaste werkwijze.