Artikel
1
Aan de volgende functionarissen wordt voor hun werkterrein de bevoegdheid verleend om namens de minister besluiten te nemen met uitzondering van het toekennen van subsidies en handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn:
-
1.
de centrumhoofden, de stafhoofden, de regiomanagers van de regiokantoren Dienst Vaccinvoorziening en Preventieprogramma’s en de Chief Science Officers;
-
2.
de afdelingshoofden en de coördinatoren die inhoudelijk leiding geven aan een opdracht / programma / thema en die expliciet ondermandaat hebben gekregen van het centrumhoofd om de effectiviteit en efficiëntie van het dagelijks werk te waarborgen.