Artikel
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
aardappelen: planten van de soort Solanum tuberosum;
-
aardappelopslag: aardappelplanten gegroeid uit op een perceel achtergebleven aardappelknollen of zaad;
-
gg-gewassen: toegelaten of vergunde genetisch gemodificeerde rassen van aardappelen, suikerbieten en maïs;
-
ggo: genetisch gemodificeerd organisme;
-
ggo-teler: degene die gg-gewassen teelt of laat telen, of voornemens is dat te doen;
-
ggo-vrije teler: degene die de aanwezigheid van ggo’s in zijn producten wil voorkomen en dit integraal in zijn bedrijfsvoering heeft doorgevoerd en kan aantonen dat zijn afnemers specifieke markteisen stellen met betrekking tot het voorkomen van de aanwezigheid van ggo’s in de eindproducten;
-
isolatieafstand: horizontaal gemeten afstand tussen het hart of de eerste plant van de rij met gg-gewassen en het hart respectievelijk de eerste plant van de rij met niet-gg gewassen van dezelfde plantensoort bij verschillende telers;
-
maïs: planten van de soort Zea mays;
-
niet-ggo teler: degene die geen gg-gewassen teelt en geen ggo-vrije teler is;
-
suikerbieten: planten van de soort Beta vulgaris;
-
suikerbietenopslag: suikerbieten gegroeid uit zaad gevallen op een perceel waarop in een voorafgaand teeltseizoen suikerbieten zijn geteeld;
-
suikerbietenschieter: suikerbieten die al in het eerste jaar tot de vorming van zaad zijn overgegaan;
-
toegelaten: overeenkomstig hoofdstuk 4 van het Besluit genetisch gemodificeerde organismen milieubeheer 2013 of Verordening (EG) nr. 1829/2003 van het Europees Parlement en de Raad van 22 september 2003 inzake genetisch gemodificeerde levensmiddelen en diervoeders (Pb EU 2003, L268) toegelaten voor de handel;
-
vergund: overeenkomstig hoofdstuk 3 van het Besluit genetisch gemodificeerde organismen milieubeheer 2013 vergund;
-
wilde haver: plant van de soort Avena fatua.