Artikel
1
In deze regeling wordt verstaan onder:
-
–
ARAR:
-
–
de aangewezen ambtenaar:
degene die door de minister is aangewezen op grond van artikel 61a, eerste lid, van het ARAR om financiële belangen te melden, omdat hij werkzaamheden bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties verricht, waaraan in het bijzonder het risico van financiële belangenverstrengeling of het risico van oneigenlijk gebruik van koersgevoelige informatie verbonden is.
-
–
adviseur financiële integriteit:
een door de minister aangewezen functionaris als bedoeld in artikel 61a, eerste lid, van het ARAR , bij wie de aangewezen ambtenaar zijn financiële belangen, alsmede het bezit van en transacties met effecten meldt, die de belangen van de dienst, voor zover deze in verband staan met zijn functievervulling, kunnen raken.
-
–
financiële belangen:
op geld waardeerbare belangen van de ambtenaar alsmede die van zijn gelieerde derde, voor zover deze de belangen van de dienst raken.
-
–
gelieerde derde:
-
1°
de echtgenoot, echtgenote of levenspartner, bedoeld in artikel 4, vierde lid, van het ARAR;
-
2°
de natuurlijke persoon of personen namens wie een ambtenaar financiële belangen beheert.
-
1°
-
–
melding:
melding van financiële belangen als bedoeld in artikel 61a, eerste lid, van het ARAR.
-
–
minister:
de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
-
–
verboden lijst:
een overzicht met één of meer benoemde financiële belangen of categorieën belangen, waaraan naar het oordeel van de minister in het bijzonder het risico van financiële belangenverstrengeling of het risico van oneigenlijk gebruik van koersgevoelige informatie is verbonden.