Artikel
1
1
In geval van overtreding van artikel 8, eerste lid, van het Reglement voor de binnenvisserij 1985 wordt de vergunning, bedoeld in dat artikel, ingetrokken en niet opnieuw verleend voor de periode, die berekend wordt met de toepassing van het derde en het vierde lid.
2
Het eerste lid is uitsluitend van toepassing op het vissen met de zegen en het staand net, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdelen j en m, van het Reglement voor de binnenvisserij 1985, en de grote fuik en de schietfuik, bedoeld in artikel 1, onderdelen m en n, van de Uitvoeringsregeling visserij.
3
De periode, bedoeld in het eerste lid, geldend voor de grote fuik, de schietfuik en het staand net, wordt berekend volgens de volgende formule:
d = (b x c)/a
a = het aantal van het type net dat de vergunninghouder op grond van zijn vergunning wekelijks mag inzetten;
b = het aantal van het type net dat de vergunninghouder bovenop het aantal a gebruikt of het aantal netten dat de vergunninghouder in strijd met de Visserijwet 1963 gebruikt;
c = het aantal weken tussen het moment van constatering van de overtreding en het moment waarop dit type net op basis van de Uitvoeringsregeling visserij voor het eerst mocht worden ingezet;
d = de periode van de intrekking van de vergunning in weken.