Besluit van 10 november 2015, houdende regels ter uitvoering van de artikelen 41 tot en met 46 van richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad van 26 juni 2013 betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van Richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van Richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PbEU 2013, L 182) en van artikel 6 van Richtlijn 2013/50/EU van het Europees Parlement en de Raad van 22 oktober 2013 tot wijziging van Richtlijn 2004/109/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de transparantievereisten die gelden voor informatie over uitgevende instellingen waarvan effecten tot de handel op een gereglementeerde markt zijn toegelaten, Richtlijn 2003/71/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende het prospectus dat gepubliceerd moet worden wanneer effecten aan het publiek worden aangeboden of tot de handel worden toegelaten en Richtlijn 2007/14/EG van de Commissie tot vaststelling van concrete uitvoeringsvoorschriften van een aantal bepalingen van Richtlijn 2004/109/EG (PbEU 2013, L 294) (Besluit rapportage van betalingen aan overheden)

Besluit rapportage van betalingen aan overheden

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Op de voordracht van Onze Minister van Veiligheid en Justitie van 16 september 2015, nr. 684628, gedaan mede namens Onze Minister van Financiën;
De Afdeling advisering van de Raad van State gehoord (advies van 7 oktober 2015, nr. W03.15.0328/II);
Gezien het nader rapport van Onze Minister van Veiligheid en Justitie van 6 november 2015, nr. 700493;

Hebben goedgevonden en verstaan:

Artikel

1

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a.

    actief in de houtkap van oerbossen: activiteiten ontplooiend in oerbossen die vallen onder sectie A, afdeling 02, Groep 02.2, van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 1893/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 20 december 2006 tot vaststelling van de statistische classificatie van economische activiteiten NACE Rev. 2 (PbEU 2006, L 393);

  • b.

    actief in de winningsindustrie: activiteiten ontplooiend op het gebied van de exploratie, prospectie, opsporing, ontwikkeling en winning van mineralen, aardolie, aardgas en andere stoffen, binnen de economische activiteiten die vallen onder sectie B, afdelingen 05 tot 08, van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 1893/2006, hiervoor genoemd in onderdeel a;

  • c.

    betaling: een in geld of in natura betaald bedrag voor in de onderdelen a en b beschreven activiteiten, van de volgende typen:

    • 1°.

      productierechten;

    • 2°.

      belastingen over de inkomsten, de productie of de winsten van rechtspersonen, met uitzondering van verbruiksbelastingen zoals belastingen over de toegevoegde waarde, inkomstenbelastingen of omzetbelastingen;

    • 3°.

      royalty's;

    • 4°.

      dividenden;

    • 5°.

      ondertekenings-, opsporings- en productiebonussen;

    • 6°.

      licentierechten, huurprijzen, toetredingsgelden en andere vergoedingen voor licenties of concessies; en

    • 7°.

      betalingen voor infrastructuurverbeteringen;

  • d.

    grote rechtspersoon: een rechtspersoon die op twee opeenvolgende balansdata, zonder onderbreking nadien op twee opeenvolgende balansdata, niet heeft voldaan aan ten minste twee van de vereisten, bedoeld in artikel 397, eerste en tweede lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;

  • e.

    lidstaat: een staat die lid is van de Europese Unie alsmede een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte;

  • f.

    organisatie van openbaar belang: een rechtspersoon als bedoeld in artikel 398, zevende lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;

  • g.

    overheid: elke nationale, regionale of lokale autoriteit van een lidstaat of van een derde land. Onder overheid vallen tevens departementen, organen of ondernemingen waarover die autoriteit overheersende zeggenschap uitoefent als bedoeld in artikel 406 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;

  • h.

    project: de operationele activiteiten die worden beheerst door één enkele overeenkomst of één enkele licentie, huurovereenkomst, concessie of soortgelijke overeenkomst, en die de basis voor betalingsverplichtingen ten aanzien van een overheid vormen. Indien verscheidene overeenkomsten van dien aard wezenlijk met elkaar zijn verbonden, wordt dit niettemin als één project beschouwd;

  • i.

    uitgevende instelling: een uitgevende instelling als bedoeld in artikel 5:25e van de Wet op het financieel toezicht.

Artikel

2

Dit besluit is van toepassing op grote rechtspersonen, op organisaties van openbaar belang en op uitgevende instellingen die actief zijn in de winningsindustrie of in de houtkap van oerbossen.

Artikel

3

Artikel

4

Artikel

5

Artikel

6

De in de artikelen 2 en 5 bedoelde rechtspersonen, organisaties van openbaar belang en uitgevende instellingen die een verslag opstellen en openbaar maken dat voldoet aan de verslagleggingsvereisten van een derde land die overeenkomstig artikel 47 van richtlijn 2013/34/EU van het Europees Parlement en van de Raad betreffende de jaarlijkse financiële overzichten, geconsolideerde financiële overzichten en aanverwante verslagen van bepaalde ondernemingsvormen, tot wijziging van richtlijn 2006/43/EG van het Europees Parlement en de Raad en tot intrekking van richtlijnen 78/660/EEG en 83/349/EEG van de Raad (PbEU 2013, L 182) als gelijkwaardig aan de vereisten van hoofdstuk 10 van die richtlijn zijn beoordeeld, zijn vrijgesteld van de vereisten van dit besluit, behoudens voor de verplichting om dat verslag bekend te maken als bedoeld in artikel 392a, tweede lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek en artikel 5:25e van de Wet op het financieel toezicht.

Artikel

7

Artikel

8

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit rapportage van betalingen aan overheden.

Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

Wassenaar
Willem-Alexander
De Minister van Veiligheid en Justitie, G.A. van der Steur
De Minister van Financiën, J.R.V.A. Dijsselbloem
De Minister van Veiligheid en Justitie, G.A. van der Steur