Besluit van de Staatssecretaris van Economische Zaken van 15 december 2016, nr. 15130803, houdende tijdelijke vrijstelling op grond van artikel 38 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt (Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt 2015)
Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt 2015
De Staatssecretaris van Economische Zaken,
Handelende in overeenstemming met de Staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu;
De vrijstelling is slechts van toepassing indien de gebruiksvoorschriften in de bijlage bij dit besluit worden nageleefd.
Artikel
3
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en vervalt na 120 dagen, doch uiterlijk op 12 april 2016.
Artikel
4
Dit besluit wordt aangehaald als: Tijdelijke vrijstelling ter bescherming van de onbedekte teelt van lelie tegen bollenmijt 2015.
Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.
De Staatssecretaris van Economische Zaken,M.H.P. vanDam
Bijlage
: Wettelijk gebruiksvoorschrift Apollo 8794N
Wettelijk Gebruiksvoorschrift
Het middel is uitsluitend toegelaten als mijtenbestrijdingsmiddel voor het professionele gebruik in het volgende toepassingsgebied (volgens Definitielijst toepassingsgebieden versie 2.0 Ctgb juni 2011) onder de hierna vermelde toepassingsvoorwaarden.
Toepassingsvoorwaarden
Lelie, onbedekte teelt
Dompel-behandeling
Mijten 2
0,078%
(78 ml middel per 100 liter water)
0,55 l/ha
1
-
1 Verlaging van de dosering is toegestaan, maar van het maximaal aantal toepassingen en de andere toepassingsvoorwaarden mag niet worden afgeweken. Werkzaamheid is bij lagere dosering niet beoordeeld.
2 Bollenmijt (Rhizoglyphus robini)
Overige toepassingsvoorwaarden
•
Draag beschermende handschoenen.
•
In verband met mogelijke residuen in granen, mogen in het eerstvolgende teeltseizoen geen graangewassen als volggewas geteeld worden.
Gevoeligheid gewassen
Gezien het grote aantal variëteiten en verschillende teeltomstandigheden van in het Wettelijk gebruiksvoorschrift genoemde gewassen is het onmogelijk de gewasveiligheid voor alle gewassen onder alle omstandigheden te onderzoeken. De toepasser van dit product zal, indien met een cultivar/variëteit in een groeistadium of onder bepaalde teeltomstandigheden of teeltwijze nog geen eigen ervaring is opgedaan, zelf een proefbespuiting/toepassing op kleine schaal dienen uit te voeren onder de eigen teeltomstandigheden om verantwoordelijkheid voor de gewasveiligheid te kunnen nemen.
Voor lelie kan Apollo zowel in een koude ontsmetting als in een warmwaterbehandeling worden toegepast.
Resistentiemanagement
Dit middel bevat de werkzame stof clofentezin. Clofentezin behoort tot de groep van groeiregulatoren voor mijten. De Irac code is 10, subgroep A. Bij dit product bestaat er kans op resistentieontwikkeling. In het kader van resistentiemanagement dient u de adviezen die gegeven worden in de voorlichtingsboodschappen, op te volgen.