Artikel
1
1
Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, niet of onvoldoende nakomt, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
|
< 5% |
€ 500 |
€ 750 |
€ 1.000 |
€ 1.250 |
|
5% – < 10% |
€ 750 |
€ 1.000 |
€ 1.250 |
€ 2.000 |
|
10% – < 25% |
€ 1.250 |
€ 2.000 |
€ 3.000 |
€ 4.500 |
|
25% – < 50% |
€ 2.000 |
€ 3.000 |
€ 4.500 |
€ 7.000 |
|
≥ 50% |
€ 3.000 |
€ 4.500 |
€ 7.000 |
€ 10.000 |
|
Minder dan € 50 onderbetaling: € 500. |
2
Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in artikel 7a van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, niet of onvoldoende nakomt, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
|
≤ 1 maand |
€ 500 |
|
>1 – < 3 maanden |
€ 750 |
|
3 – < 6 maanden |
€ 1.000 |
|
6 maanden of langer |
€ 1.250 |
3
Bij een overtreding van artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag wordt voor het in het geheel niet uitbetaalde loon niet ook een boete opgelegd voor de overtreding van artikel 7a van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag die daarmee samenloopt.
4
Indien een werkgever de op hem rustende verplichting, bedoeld in artikel 15 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, niet of onvoldoende nakomt, wordt hem per werknemer ten aanzien van wie de overtreding is begaan een bestuurlijke boete opgelegd waarvan de hoogte wordt bepaald aan de hand van onderstaande tabel, met dien verstande dat een bestuurlijke boete uitsluitend wordt opgelegd als de betaalde vakantiebijslag minder bedraagt dan 8% van het minimumloon, bedoeld in artikel 7 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag.
|
< 5% of minder dan € 50 |
€ 250 |
|
5% – < 10% |
€ 500 |
|
10% – < 25% |
€ 1.000 |
|
25% – < 50% |
€ 1.500 |
|
≥ 50% |
€ 2.000 |
5
Indien een werkgever niet of niet tijdig de bescheiden verstrekt als bedoeld in artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, wordt hem voor iedere werknemer die het betreft een bestuurlijke boete opgelegd van € 12.000.
De boete voor een overtreding van artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag wordt gematigd, indien de werkgever kan aantonen dat sprake is geweest van een arbeidsduur die korter was dan zes maanden. In dat geval wordt de boetehoogte bepaald aan de hand van onderstaande tabel.
|
≤ 1 maand |
€ 5.000 |
|
>1 – < 3 maanden |
€ 7.000 |
|
3 – < 6 maanden |
€ 9.000 |