Artikel
I
Wijzigt de Elektriciteitswet 1998.
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
Wijzigt de Elektriciteitswet 1998.
Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.
In afwijking van artikel 15a, tweede lid, in samenhang met de artikelen 10, tweede en derde lid en 10a, vierde lid, van de Elektriciteitswet 1998:
kan de Autoriteit Consument en Markt een besluit als bedoeld in artikel 10, derde lid, van de Elektriciteitswet 1998 nemen en
kan Onze Minister een besluit als bedoeld in artikel 10, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 nemen,
indien degene die wenst te worden aangewezen als beheerder van het net op zee niet over het eigendom van dat net beschikt, onder de voorwaarde dat diegene activiteiten ter voorbereiding van het net op zee heeft verricht, waaronder begrepen het aanvragen van vergunningen die noodzakelijk zijn voor de aanleg van het net op zee.
Artikel 16, tweede lid, onderdeel n, van de Elektriciteitswet 1998 zoals dit luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel F, blijft van toepassing tot het tijdstip waarop Onze Minister op grond van artikel 10, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 de netbeheerder van het net op zee heeft aangewezen.
Artikel 41ba van de Elektriciteitswet 1998 zoals dit luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel P, blijft tot het tijdstip, bedoeld in het eerste lid, van toepassing, met dien verstande dat het tweede lid van dat artikel van toepassing is op de geschatte kosten die de netbeheerder van het landelijk hoogspanningsnet na 31 december 2016 maakt voor het uitvoeren van artikel 16, tweede lid, onderdeel n, van de Elektriciteitswet 1998 zoals dit luidde voor de inwerkingtreding van artikel I, onderdeel F.
In afwijking van artikel 21, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 dient degene die op grond van artikel III in samenhang met de artikelen 15a, 10, tweede en derde lid en 10a, vierde lid, wenst te worden aangewezen als netbeheerder van het net op zee, het document, bedoeld in artikel 21, tweede lid, van de Elektriciteitswet 1998 voor de eerste keer in binnen één maand na het indienen van het verzoek op grond van artikel 15a, tweede lid, in samenhang met artikel 10, derde lid, van de Elektriciteitswet 1998.
De artikelen van deze wet treden in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld. In dat besluit wordt zo nodig toepassing gegeven aan artikel 12 van de Wet raadgevend referendum.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.