Besluit van de Sociaal-Economische Raad van 20 mei 2016, houdende beleidsregels over de bepaling van de representativiteit van organisaties van ondernemers en van werknemers, ten behoeve van de advisering over de samenstelling van de Sociaal-Economische Raad (Besluit beleidsregels representativiteit)

Besluit beleidsregels representativiteit

De Sociaal-Economische Raad,

Besluit:

Artikel

1

Deze beleidsregels zijn van toepassing bij het geven van advies over de aanwijzing van organisaties van ondernemers en van werknemers die gerechtigd zijn tot het benoemen van leden van de Sociaal-Economische Raad.

Artikel

2

Artikel

3

Als centrale organisatie van ondernemers of van werknemers wordt beschouwd de organisatie die een bundeling beoogt van ondernemers, respectievelijk werknemers, of van organisaties van ondernemers, respectievelijk organisaties van werknemers, in nagenoeg het gehele bedrijfsleven.

Artikel

4

De criteria, waaraan organisaties moeten voldoen om te kunnen worden aangewezen als organisatie die gerechtigd is tot het benoemen van leden van de Sociaal-Economische Raad, zijn:

  • a.

    De organisatie dient gedurende ten minste twee jaren de rechtsvorm te hebben van een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid, waarvan de organen bij directe of getrapte verkiezing door de leden worden gekozen. De periode gedurende welke een rechtsvoorganger in het bezit was van bedoelde rechtsbevoegdheid, wordt meegeteld;

  • b.

    De statutaire doelstelling van de organisatie moet behelzen de behartiging van sociale en economische belangen van de bij haar, of de bij haar aangesloten verenigingen, aangesloten ondernemers of werknemers;

  • c.

    De organisatie dient in haar beleidsbepaling onafhankelijk te zijn van enige andere organisatie, niet zijnde een vereniging van organisaties van ondernemers of werknemers;

  • d.

    De inrichting en de financiële draagkracht van de organisatie dient een geregelde voortzetting van de werkzaamheden te waarborgen; en

  • e.

    De individuele leden van de organisatie of van de daarbij aangesloten organisaties moeten voldoende gespreid zijn over het gehele land en over de bedrijfstakken van het bedrijfsleven.

Artikel

5

Artikel

6

Ingeval alle representatieve organisaties van ondernemers of van werknemers, die voor het benoemen van leden van de Sociaal-Economische Raad in aanmerking komen, in onderling overleg volledige overeenstemming bereiken over de verdeling van de ondernemers-, respectievelijk werknemerszetels, geschiedt de toewijzing van zetels dienovereenkomstig.

Artikel

7

Indien de zetelverdeling niet overeenkomstig artikel 6 kan plaatsvinden, worden de voor ondernemers onderscheidenlijk werknemers beschikbare zetels tussen de daarvoor in aanmerking komende organisaties verdeeld:

  • a.

    bij de organisaties van werknemers overeenkomstig de verhouding tussen deze organisaties wat betreft hun ledental of dat van de aangesloten organisaties;

  • b.

    bij de organisaties van ondernemers overeenkomstig de verhouding tussen deze organisaties wat betreft hun sociaal-economische grootte als bedoeld in artikel 5, tweede lid.

Artikel

8

Artikel

10

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dag van bekendmaking in de Staatscourant.

Artikel

11

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit beleidsregels representativiteit.

Dit besluit zal met de toelichting in de Staatscourant worden geplaatst.

Den Haag
M.I. Hamer voorzitter
V.C.M. Timmerhuis algemeen secretaris